geschreven op 7/07/2010
Hoe kunt ge nu aan een blog werken en artikels schrijven als de wereldbeker voetbal en de Tour al mijn vrije tijd opeisen? Het is te zeggen, de luttele vrije tijd die nog overblijft na de werkuren. Want het is hier weer stressen, tegen dat de vele vakantiegangers komen willen we nog teen en tander afgewerkt krijgen. Geert herinnert me iedere morgen aan uit te voeren werken, moedigt me regelmatig aan en brengt op tijd en stond frisse drank om mijn vochtverlies, veroorzaakt door tropisch werkzweet, aan te vullen. Kort samengevat kunt ge stellen dat ik nu bezig ben met het ruwere basiswerk terwijl Geert voor de fijnere afwerking zorgt. Alhoewel, er zijn hier twee koppels geweest die krek hetzelfde gedaan hebben: de mannen hebben de beton uitgebroken van de oude stal en hun madammen hebben ruiten gekuist en getuinierd en nog van dat typisch vakantiewerk. Waarvoor onze dank aan Frans en Liliane en ook aan Guido en Oky en nog vele anderen. Volgende week komen hier nog een paar van die werkwillige koppels en die kijken er geweldig naar uit om er “in te vliegen”. Niet dat ze moeten, niemand wordt hier verplicht om te werken, tenzij ze willen voorzien worden van superlekker eten en veel drank en komfortabele slaapmogelijkheid. De liefde moet tenslotte van twee kanten komen en de kruik gaat zolang te water tot het werk gedaan is! Soms heb ik schrik dat een vakantie in l’Yserttout zal eindigen in klinkende ruzie en slaande caravandeuren: “ en dat het nu genoeg is en is dat nu onze welverdiende vakantie en ge moet al helemaal zot zijn om je hier zo af te beulen en we hadden afgesproken om te genieten en bij te praten en hier zien ze mij niet meer terug en dat ze zelf hun ruiten kuisen en die klote beton uitbreken en volgende keer ga ik alleen op vakantie, naar Benidorm. Gaan niksen en zonnen en heel Le Cassan kan de pot op”.
Natuurlijk zijn hier ook echte vakantiegangers geweest die niet hebben moeten werken, maar betaald hebben ze daarvoor en diep in hun geldbeugel moeten tasten. Dertig euro voor een kamer met ontbijt en vijfentwintig euro voor een viergangen menu met aangepaste landwijn. Maar dat is alleen voor de rijke mensen die zich dergelijke uitspattingen kunnen permiteren.
Ik ga er wat foto’s opzetten.





Als hij groot is zal hij Foemp heten, nu is het nog Foempie. Tenzij hij stoute manieren heeft, dan zal het "Foemp" zijn. Fripou, de border collie van buur Roger heeft acht schattige jongskes geworpen. Zo schattig dat we er eentje voor ons gereserveerd hebben. Foempie moet nog zes weken bij zijn mama blijven maar nu al gaan we er twee keer per dag naar kijken en leren we Foempie zowel op zijn Frans als op zijn Vlaams een beleefd pootje geven. Want we willen dat onze Foemp een waardig voorbeeld wordt zodat hij in niks gelijkt op al die vieze luizige straathonden die Le Cassan ontsieren. Leve onze foemp en hij mag er wezen, leve onze Foemp en hij mag er zijn. Voila, tot daar het hoofdstuk hondenliefde en Gaia zal kontent zijn. Ziet ge het mooiste hondje van de acht? Awel, dat is nu ons klein Foempieke.>
Voor de rest is het hier nog altijd goed, beter, best vertoeven. De winter duurde wat lang en was kouder dan gewoonlijk, de lente wist niet goed wat ze wilde maar de zomer is enthousiast gestart. We zijn 7 juli, het is 5u30 (’s morgens!) en ik zit hier bij het open raam te schrijven en naar de volgelkes te luisteren. Dat is daar nu het beste moment voor, te lang slapen met je handen onder de dekens is zondig en slecht voor mijn schrijverstalent.
Niet te geloven wat mensen zoal schrijven in ons gastenboek, dat is echt niet normaal! “We hebben genoten ... hartelijk dank .... fijne mensen ... fijne babbel .... prachtig gebouw .... gastvrijheid en gastronomie ....amusement ... onbezorgdheid .. prachtige wandelnatuur ... interessante mensen (wij dus) ... super lekker eten (onderlijnd) ... we komen terug (niet onderlijnd) ... een paradijs… de rust die we uitstralen (pardon?) ... nooit eentonig ... hiphiphoera ... dank u wel voor het zeer leuke verblijf ... we komen zéker terug ....” In België hebben we nooit zoveel complimentjes gekregen, wat deden we toen verkeerd? In Leefdaal was men niet verplicht om iedere dag (mee) te werken, er was ook voldoende drank en Geert kookte er even lekker. Het zal de pastis zijn. Teveel pastis benevelt de geest en dan schrijven de mensen rare dingen in gastenboeken.
geschreven op 16/06/2010
Er moet een misverstand rechtgezet worden: wij wonen niet in het warme zuiden, wij wonen in de richting van dat zuiden, tenminste als ge vanuit België vertrekt. De laatste paar weken is dat nog eens heel duidelijk gemaakt met heel veel regen, ook veel wind en herfsttemperaturen. Effenaf rotweer, zo’n koude nattigheid dat ik het zelfs geen Vlaams Belangers zou toewensen op vakantie. Enfin, toch hun kinderen niet.
t’Is niet omdat ge bijvoorbeeld vanuit Leuven 1000 km rijdt naar het zuiden dat ge daarom aan de Côte d’Azur zit. Wij wonen in het binnenland, onder (of boven) de Pyreneeën en we genieten dus van een landklimaat. Akkoord, gemiddeld is het hier warmer dan in België, maar als ge naar Le Cassan op vakantie komt, en t’is slecht weer, zegt dan niet dat ge niet verwittigd zijt.
De badkamer boven is bijna af, nog een deur, wat plinten en een vloerbekleding in kurk en we zijn rond. Toch wel heel sympathiek dat Frans speciaal afkomt om Geert te helpen met het leggen van die kurktegels. Ik zou zelf met veel plezier helpen, maar ik heb ander “prioritair” werk. Buur Roger zou graag hebben dat ik de houtstapel voor zijn schuur opruim, dus op maat zagen en stapelen en nu het terug schoon weer zou moeten worden zie ik wat buitenwerk wel zitten. Als ik niet met mijn busje moet rijden tenminste. De laatste tijd vragen ze mij wat meer voor het serieuze werk. Niet dat kinderen ophalen minderwaardig is, maar af en toe een dagtocht is plezant. Zoals vorige zondag: eerst wat mensen afzetten in Saint-Christophe-sur-Lot en dan leeg terug naar huis rijden. (zo’n 400 km). Toeristisch door de wijngaarden van Cahors toeren en onderweg de honger stillen in een leuk restaurantje aan de oevers van de Lot, alles op kosten van de firma. Het leven kan schoon zijn.
Waarbij ik moet opmerken dat onze restaurant-ervaring in Requista van enkele weken geleden blijkbaar een uitzonderlijke slechte ervaring was. Voor tien tot veertien euro vindt ge lekkere dagschotels, wijn inbegrepen. Vorige dinsdag had ik eerst wat jeugd afgezet aan een museum in Toulouse, daarna efkes door ‘t stad gewandeld, op zoek naar een bruikbaar restaurant, om tenslotte een brasserie te vinden waar ik voor 12 euro een verzorgde dagschotel gekregen heb: voorgerecht gazpacho, hoofdgerecht steak met pepersaus en als dessert ijs met ingelegde pruimen, karafke wijn inbegrepen. Ik had natuurlijk mee met de jeugd het museum kunnen bezoeken, maar zie je me daar ‘s middags al zitten op een bank? Samen met die kinderen picnicken met een half stokbrood, 15 cm worst en een flesje water? Nee nee, ik ben wijzer geweest, dat museum zal er binnen een paar jaar nog wel zijn, van dat restaurant was ik dat zo zeker niet.
geschreven op 1/05/2010
... naar Requista. Niet dat daar veel te zien is maar we moesten er zijn. Op de tweedehands-site “Le bon coin” vonden we twee tafels te koop, ideaal voor ons terras. Niet dat we al een terras hebben, maar wat niet is kan komen. Nietwaar Erik en Luk? Die tafels hebben een marmeren blad en een gietijzeren onderstel en meten 100 op 75 cm met een hoogte van 75 cm. Beter kan niet en dus hebben we vandaag de 65 km naar Requista gereden alwaar die twee kleinnoden te verkrijgen waren, voor een haalbaar prijsje. Eigenlijk heb ik geen flauw idee wat zo’n dingen mogen kosten maar 80 euro voor de twee leek me niet overdreven. Trouwens, na al dat binnenwerken had ik, hadden wij, behoefte aan wat buitenlucht.
Buitenlucht scherpt de honger aan, zeker na zo’n 65 km kronkel-kronkel-autokilometers door onder andere de vallei van de Viaur, héél mooi. Wat restaurants betreft hadden we niet veel keuze, er was één restaurant (Brasserie, Bar, Tabac) open met drie mogelijkheden: 2 x een menu du jour à 8,90 euro, of menu du jour à 12 euro.
Even uitleggen, voor 8,9 euro kon je kiezen uit voorgerecht + hoofdgerecht + koffie of een hoofdgerecht + dessert + koffie. Voor 12 euro kreeg je daarbovenop nog kaas: dus een voorgerecht, een hoofdgerecht, een kaasschotel, een dessert en koffie. Wijn niet inbegrepen.
Ik word afgeleid, Lea komt binnen met een bussel asperges uit haar tuin, waar verdienen we het? Da’s toch een lief mens. En daarvoor moet ze de trappen op naar ons voordeur en dat doet ze niet graag, want zoals ons 84-jarige Lea zegt:” c’est un escalier pour se casser la gueule!”. Ze had geen honger en ze had geen dorst, dus is ze niet binnengekomen, een babbeltje aan de deur met Geert (hoe bereid ik asperges?) volstond. Als IK ergens ga zorg ik altijd dat ik dorst heb.
Bon, terug naar ons restaurant in Requista. Bij het binnenkomen hadden we gezien dat er een paar tafeltjes bezet waren en dat er maar liefst 8 tafels gereserveerd waren. Geef toe, dat schept vertrouwen, en ook al waren het geen tafels met marmeren blad en gietijzeren onderstel, zoveel reservaties betekent altijd de betere kost. Na wijs beraad en lang overleg hadden we gekozen voor de 8,9 euro menu, die van voorgerecht, hoofdgerecht en koffie. Een karaf water en een mand brood maakten de menu kompleet. Restaurant-ervaring in de Aveyron heeft me geleerd dat als ge veel brood krijgt aan tafel, enig wantrouwen niet ongepast is.
Voor 4 euro supplement kregen we een lokaal landwijntje, beetje weinig afdronk en ik miste ook een toets van aalbessen en groene peren, Het voorgerecht kregen we op een te klein bordje en het was een beetje slordig gepresenteerd, niet echt mooi gedresseerd. Een blad sla, wat rode kool, wat witte kool, een paar stukken rode biet en gésiers. Maar de smaak was goed en de cuisson van de gésier was perfect. Voor wie niet weet wat een gésier is: een gésier is de spiermaag van een gans of eend en dat is een lokale délicatesse. Persoonlijk zou ik in de vinaigrette wat frambozen-azijn druppelen, maar aangezien ze de vinaigrette vergeten waren heb ik de frambozen-azijn ook niet gemist.
Ondertussen waren de gereserveerde tafels van mensen voorzien en voelde je de spanning van het personeel (man en vrouw) stijgen. Het is ook niet simpel, in een keer komen daar 22 hongerigen binnen en ge moet die spijzen en liefst allemaal tegelijk bedienen. De groep was in een opperbeste 1-mei stemming en dus mocht het wat kosten: unaniem werd voor de duurdere dagmenu gekozen.Net als voor ons, het hoofdgerecht een rôti de porc met pâte (spirelli).
Omdat ik wat twijfels had, heb ik het aan Geert, een ervaringsdeskundige, gevraagd en ze was daar heel zeker van, een rôti wordt gebakken, niet gekookt. De kok, tevens barman, garçon en buitenwipper, had ongetwijfeld het gebraad samen met de deegwaren gekookt, ik zie niet in hoe je anders een stuk vlees zo grondig kunt verknoeien.
Waarschijnlijk zag de attente dame die zorgde voor de bediening dat ik wat te lang en wat te treurig naar mijn bord staarde en of meneer graag wat saus had gekregen? Ketch-up, mayonaise of mosterd? Mosterd leek ons het enige dat de smaak wat kon aansterken en dus hebben zowel Geert als ikzelf zo’n papieren teut leeggeperst over ons bord. Die mosterd vermengde zich tot een papperig sopje samen met de waterige spirelli-pasta en het vlees. Ben ik te streng? Mag je voor 8,9 euro geen aanvaardbare culinaire eisen stellen? Ik heb iets meer dan de helft opgegeten, Geert iets minder.
Wat doe je als men je kaas aanbiedt en je bord is niet leeg? Extra moeilijkheid: je krijgt ook geen ander bord. We hebben met stijgende verbazing naar de tafels naast ons gekeken, ge weet wel, de mensen die de full-menu besteld hadden. Het is heel simpel en er zijn twee mogelijkheden: of je bord is leeg en volstaat een stuk brood om de rest van de jus, al of niet aangelengd met mayonaise, ketchup of mosterd, op te deppen en plaats te maken voor de kaas. Of je bord is halfleeg en dan neem je twee stukken brood, een eerste korst om de ene helft proper te maken en dan een tweede korst om de resterende blubber op zijn plaats te houden. Zodat ge kunt genieten van de kaasschotel, middels een derde korst brood.
Ik moet toegeven dat Geert en ik echt begonnen te genieten en met steeds meer belangstelling de klanten rond ons begonnen te bekijken. Kwestie van in de toekomst de lokale eetgewoontes ook in l’Yserttout te kunnen toepassen. Geert schat de totale kost van ons eetfestijn op drie euro, per persoon weliswaar. Of het restaurant ook uit de kosten geraakt is voor wat de groep van 22 personen betreft, daar hebben we ons twijfels over. Een stuk taart of een potje yoghurt als dessert kan immers de financiële balans negatief doen doorslaan. Het koppel naast ons hoopte op een smaakvoller einde want ze bestelden nog een ijsje. Dank zij onze ondertussen voortreffelijke kennis van de Franse taal begrepen we dat het vanille-ijs op was maar dat er nog keuze was tussen mokka- en aardbeien-ijs. Mevrouw koos voor de aardbeiensmaak, meneer was meer een chocoladeverslaafde. Kent ge die cornetto’s die ze in de supermarkt verkopen? Met bovenop een rond kartonneke en glanzend papier dat ge spiraalsgewijs moet afscheuren? Gewoonlijk zijn die verpakt per twaalf. We hebben er hier in Le Cassan ook in de diepvries zitten, ik verkies de pistache-smaak.
Als ik de kok van het bewuste restaurant nog een dwingende raad mag geven: ge moet proeven man, ook Peter Goossens zegt het: ge kunt als kok niet genoeg proeven. En een bijkomend gratis advies voor die kok: als ge geproefd hebt, hang dan uw keukenschort aan de haak en begin iets anders, buschauffeur bijvoorbeeld. Tenzij ge gaat voor een nominatie van slechtste restaurant van de Aveyron en aangrenzende departementen.
Geert zou dat anders aanpakken:
Het gebraad dichtschroeien in hete boter en daarna kruiden met peper en zout. In de oven zetten en 30 minuten laten bakken op 190 graden.
De aardappelen gaarkoken in gezouten water met 3 teentjes knoflook en een laurierblaadje. Afgieten, de laurier verwijderen en tot puree pletten. Afwerken met 2 dl room, gemalen kaas en mosterd. Kruiden met peper en zout.
Een tomatencoulis maken. De tomaten pellen, ontpitten en in blokjes snijden. Samen met een knoflookteentje, 2 gesnipperde sjalotten, de tijm, het laurierblad, peper en zout gaarstoven en door een fijne zeef duwen.
Een mosterdsaus maken. De eierdooiers au bain-marie opkloppen met water en kruiden met peper en zout. Met kleine scheutjes geklaarde boter bijvoegen en afwerken met graanmosterd en 1/2 dl room.
De snijbonen schoonmaken en in julienne snijden. Beetgaar koken in gezouten water, afgieten en even opstoven in boter. Bijkruiden naar smaak.
Het dresseren van het bord : in het midden wat snijbonen schikken met daarop een paar plakjes vlees. Het vlees aan één kant overgieten met tomatencoulis en aan de andere kant met mosterdsaus. Garneren met mosterdzaadjes en basilicum. Een paar mooie roosjes mosterdpuree vormen, versieren met een paar blaadjes kervel en er een kerstomaatje op schikken.
Wedden dat ge met plezier een paar euro meer betaalt?
geschreven op 19/04/2010
Er is zelfs geen tijd om aan de blog verder te werken. Druk, druk, druk. Van alles is er te doen en van alles is er gebeurd. Er wordt buiten gewerkt en er wordt binnen gewerkt. Op zeldzame momenten wordt er zelfs niet gewerkt.
Met het schoon weer en met de grote vakantie die eraan komt hebben we het terrein voor de caravans, kampeerauto’s en tenten genivelleerd. Waterpas gemaakt. Eerst door George met zijn kraan,
dan door Roger met zijn tractor en tenslotte door Christian, Geert en ik met ons spierkracht. 
Nu moet het gras nog willen groeien en dan moogt ge afkomen.
Op 9 mei komen Luc en Ann hier vier dagen logeren. De eerste echte gasten die langer dan twee dagen zullen blijven. Hopen we. Dat is pas stressen! Geert draait rond als een kieken zonder kop en wil nog van alles orde hebben. Ja zeg, ik ben al in overdrive aan het werken, moet ik misschien mijn vriend Karel citeren: “steek nog een borstelsteel in mijn gat en ik zal ondertussen nog vegen ook!”. Zelfs de kinderen op mijn dagelijkse schoolbusronde bekijken mij bezorgd, wallen onder mijn ogen, late reacties bij het remmen en iets meer verkeerd rijden. “Mais monsieur, vous êtes vraiment très fatigué! “ Ik leg hen uit voor welke onoverzichtelijke opdracht ik sta en dat er zelfs een deadline is. Dat van die borstel in mijn gat leg ik niet uit, ge weet nooit dat die snotters dat verkeerd interpreteren en aan hun ouders rare dingen vertellen en ik heb liever geen zedenpolitie aan mijn deur.
Natuurlijk wil ik ook voor dat koppel uit Veltem het beste, voor minder dan vier sterren gaan we niet. Tis daarom dat ik, ondanks schitterend lenteweer, binnen aan het werken ben, in stof en zak en as. De badkamer boven moet af want Geert wil voor ons tweetjes een eigen wasruimte hebben. Ze mag er niet aan denken dat mijn bruin gestreepte onderbroeken zouden rondslingen in de gastenbadkamer. En ik mag er niet aan denken dat Luc na een avondje doorzakken en na het drinken van een zondige hoeveelheid goddelijke “prunes” zich zou vergissen van onderbroek. Alhoewel ..!
Bon, serieus nu, dringend bericht voor Lieve van de Staca. Die busfirma waar ik nu voor rijd, kinderen ophalen en al eens iets anders tussendoor, daar moet eens iemand met een enig organisatietalent orde op zaken komen stellen. Gisterenmiddag stuurden ze ons met drie bussen naar Rodez met de dringende vraag om op tijd terug te zijn (17u10) om de schoolkinderen thuis te brengen. Zelfs ik, met mijn toch wel uitzonderlijke Lijnervaring, met mijn Lijnsgewijze getrainde hekel om zeker geen 5 minuten te laat aan een halte aan te komen, zelfs ik zag dat niet zitten. Ik weet niet hoe ze het opgelost hebben, maar aangezien deze morgen al mijn kindjes en kinderen opgestapt zijn, zijn ze gisterenavond dus veilig thuisgeraakt. Lieve Spitaels, stel uw kandidatuur en oefen wat in de “Franse slag”, de lokale dankbaarheid zal geen grenzen kennen. Ik weet dat ons Lieve graag reist en van een beetje avontuur houdt, dus kom maar af, misschien kunt ge als eerste uw tentje neerpoten op ons spiksplinternieuw mini-kampeerterrein. Als extra gunst van opabus moogt ge dan ‘s morgens en ‘s avonds het gras besproeien.
Ziet ge die foto? Geert zit buiten te lezen in de zon, ze herleest “Zout op mijn huid” van Benoîte Groult. Ge moet maar durven, mij laten werken, doen werken en zelf op woensdagnamiddag om 17u30 boekskes zitten lezen. Tis niet omdat het buiten nog 27° is dat ze niet moet binnenkomen en mij voorzien van een overvloedig avondmaal met aangepaste drank. Uit protest ben ik mijn kalfjes goeiedag gaan zeggen.
Enfin, het zijn niet mijn kalfjes, ze zijn van Roger, maar ze zien me graag en met hun grote zachte ogen kijken ze me begrijpend aan.
Moet je je voorstellen hoe rustig het hier is als zelfs tijdens het spitsuur een landbouwer zijn sproei-installatie kan reinigen zomaar midden op de weg. Vive Le Cassan.
geschreven op 16/04/2010
Hier in de Aveyron hebben we een lange en koude winter achter de rug. Volgens de buren iets te lang en iets te koud voor de tijd van het jaar. Awel, daar hebben we eigenlijk niet zoveel last van gehad. De meeste werken, zoals daar zijn de bovenverdieping verder inrichten, gebeuren binnenshuis en dan kan het me niet veel schelen of het buiten sneeuwt, vriest of stormt. Want hier, ten huize l’Yserttout was het iedere dag opnieuw gezellig warm. Overdag zo’n 22 graden, ‘s nachts zakte die temperatuur zo’n 3 tot 4 graden en dat alles middels één houtkachel en een bijverwarming, een “chauffage d’appoint”. Eigenlijk is dat niet correct, die constante aangename temperatuur is vrijwel uitsluitend te danken aan de isolatie, deskundig geplaatst door Pieter en Raf en een paar tijdelijke helpers van de firma Boomer (http://www.boomerbvba.be).
Ik ga niet technisch worden, daarvoor word ik niet betaald door Boomer, maar toch wat uitleg. In de living staat een houtkachel (een Jotul) en in de (vrij grote) keuken staat een bijverwarming. Zo’n petroleumvuurke dat ge hier zowat in iedere woning vindt.
Wel, met de kachel op minimum vermogen en het petrolvuurke op stand 1 hadden we hier probleemloos een gezellige 22 graden. Akkoord, ‘s morgens kreeg de kachel al eens een extra scheut zuurstof en werd de bijverwarming een uur lang op 3 gezet, maar dat was alleen als het buiten gruwelijk koud was, of nog kouder. Vroeger, toen we nog in België woonden, stond je ‘s winters op en dan klapten je longen zowat dicht van de kou, en als je de maandelijkse rekening kreeg van het elektrabel (of Nuon in ons geval), dan klapte mijn portemoné dicht van het verschieten. Voor een vergelijkbare op te warmen ruimte kost de verwarming ons hier een fraktie van wat we vroeger in Leefdaal betaalden. En waar ik iedere dag van geniet: je staat op en het is voldoende warm in huis, efkens een houtblok bijgooien en we zijn terug op ons 22 graden. Super luxe! Voor geïnteresseerden: dat petrolvuurke heeft ons deze winter 95 euro gekost aan brandstof en voor de kachel maak ik gebruik van gratis afbraakhout, dat is dan vooral eik en kastanje en veel oude weidepalen en daar heb ik er voor volgend jaar nog voldoende van liggen.
Natuurlijk, je moet er nog het verbruik van mijn kettingzaag bijtellen, en mijn zere rug en het risico dat ik op een goeie dag in plaats van hout te klieven, mijn voet zal klieven. Ons Geert kan niet tegen bloed, die valt flauw als ze bloed ziet.
Ondertussen gaat het leven hier gezellig verder. Er wordt nog altijd dagelijks gescrabbeld en geaperitiefd, er wordt gegyproct, behangen en geschilderd en we zien, toch voor wat het woongedeelte betreft, stilaan een einde aan de werken komen. Dan nog de buitenkeuken installeren, een terras maken, de binnenkoer fatsoeneren, het schuurke verbouwen, een groententuin aanleggen, kiekens houden voor de eieren, een oude eik omzagen voor toekomstig brandhout, scrabbelen, aperitieven bij de buren, vrienden en andere mensen ontvangen ... zot word ik hier nog. En dan vergeet ik nog dat ik na de paasvakantie terug schoolkinderen moet ophalen en weer huiswaarts brengen. Mensen, vrienden altegaar, blijf zolang mogelijk werken want als ge gepensioneerd zijt dan moet ge nog meer werken en ge verdient minder, neem dat aan van een 60-plusser met pensioenervaring!
En ware het niet dat ik mag rekenen op hulp en steun van jong en oud, ik zou voorwaar de brui aan Maarten geven.
Alhoewel.
Ik stop met foto’s publiceren en dat hebt ge te danken aan Jean en Catherine (Mina). Een paar dagen terug kwamen ze kleindochter Mara ophalen en ze waren vol bewondering over het huis en de omgeving. Véél schoner dan op de foto’s, zei Jean. Ik ga me zeker nog een beetje moe maken met foto’s trekken en op de blog zetten, ge moet maar ter plaatse komen kijken. Naar het origineel.
En nu ik het toch over Jean en Catherine heb moet er nog een klein schrijfselke af. Het enige waardevolle dat we op zolder gevonden hebben toen we drie jaar geleden ons huis kochten was een Dame-Jeanne vol met prunes! Voor leken en geheelonthouders: een Dame-Jeanne is een glazen kolf met een inhoud van 12 liter en prunes, dat staat voor “eau de vie de prunes”. Ik heb de buren erbij geroepen en de fles laten zien, maar vooral laten proeven, hun oordeel was unaniem: een godendrank. Deductie en diep nadenken leerde ons dat die prunes minstens 40 jaar oud moest zijn , het huis was immers al die tijd onbewoond geweest en ook de maiskolf die diende als stop wees in die richting. Twaalf literflessen heb ik eruit getrokken en die zijn veilig weggeborgen in Rogers patattenkelder. Toekomstige bezoekers moeten zich geen illusies maken: de flessen worden dagelijks geteld. Normaal ben ik een wijndrinker en is sterke drank niet aan mij besteed, of het moet al heel lelijk doen. En het deed lelijk, die bewuste avond dat Jean en Katrien bleven overnachten! We hadden behoorlijk geaperitiefd en met iets meer dan mate aangepaste wijn bij de eendenborst gedronken. Niet dat we lallend de polka rond de tafel dansten maar de sfeer vroeg om een klein toemaatje.,Voor mijn vriend Jean ben ik speciaal naar de patattenkelder van Roger gewankeld, en voor de dames ... tiens, dat weet ik niet meer.
Het is lang geleden, ik kan er zelfs een datum op plakken, het is van juli 2004 in Kroatië geleden dat ik nog zo’n kater gehad heb. Tja, God zalft en God straft, maar Hij heeft ook goeie drank: een Godendrank.
geschreven op 29/03/2010
En ik ben serieus in mijn gat gebeten. Lees eerst de tekst mij bezorgd door Lieve Buerman, door haar uit de krant De Standaard van 29 maart geknipt en mij toegestuurd via een echte envelop met een echte postzegel en handgeschreven adres. Computerproblemen Lieve? Uw mailbox overbelast? Teveel met ons Geert geskypt? Toch bedankt dat je mij belangeloos en voor niets voorziet van het laatste De Lijn-nieuws. Goed, nu volgt het bewuste zij het licht ingekorte artikel. En laat ik er direct aan toevoegen, het is eerder een artikel voor insiders, voor busgebruikers met de nodige sympathie voor de chauffeur.
Bestuurder stopt met online dagboek uit angst voor ontslag
Een buschauffeur die een online dagboek bijhield over zijn ervaringen achter het stuur, is door de directie van De Lijn op het matje geroepen. De chauffeur besliste daarop om zijn weblog stop te zetten. “We vroegen hem alleen om loyaliteit”, zegt De Lijn.
“Vandaag heb ik weeral een rustige en mooie dienst mogen doen waarover zeker niet te klagen valt. [...] Beide ritten verliepen min of meer op tijd (een vertraging van minder dan vijf minuten is voor mij op tijd omdat een uurregeling nu eenmaal geen exacte wetenschap is). De eerste rit was wel drukker dan de tweede omdat er schoolkinderen op zaten, maar de rittijden waren goed te doen.”
Zo klonken tot voor kort de ervaringen van een Vlaams-Brabantse buschauffeur van De Lijn. Tot voor kort, want de blog in kwestie hield deze week op te bestaan. “De chauffeur is gestopt onder druk van zijn chefs”, vertelt een collega. “Het wordt blijkbaar weer gevaarlijk om vrijuit je mening te zeggen via blogs. Eind 2009 heeft de MIVB ook al een chauffeur gevraagd zijn blog te verwijderen, omdat hij er een filmpje had opgezet over hoe de klanten ons dagelijks afblaffen.”
De blogger in kwestie wil of durft niet te reageren op de tussenkomst van De Lijn. De vervoersmaatschappij zelf bevestigt dat de man op het matje werd geroepen. “We hebben hem niet gedwongen om te stoppen met bloggen, maar hebben hem geroepen met de vraag om alles duidelijk te kaderen”, zegt Karen Vandenplas van De Lijn Vlaams-Brabant. “We kunnen ermee leven dat de blog vermeldt dat een rit niet perfect is verlopen, maar we vragen toch een gepaste loyaliteit ten opzichte van de reizigers en van het bedrijf.”
Waarop de blogger besloot om zijn dagboek stop te zetten, tot grote ongerustheid van andere bloggende buschauffeurs. “Er gebeurt dikwijls iets waar ik graag over zou schrijven, maar ik durf alleen nog neutrale berichtjes te posten”, klinkt het bij verschillende chauffeurs met een weblog.
“Wij hebben hier zeker geen Big Brother zitten om die blogs op te volgen, maar we hebben wel een internetpolicy”, zegt De Lijn-woordvoerder Tom Van De Vreken. “Natuurlijk mag je een blog hebben, maar je mag niet bijten in de hand die je voedt.” “
Dat is pas niet serieus, waarom hebben ze opabus niet bij de baas geroepen? Mits betaling van de reiskosten? Dit is een hoogst discriminerende behandeling, sterker nog, een totale miskenning van mijn bestaan als blogger van het betere soort! Als zij, De Lijn directie, zo kleinzerig zijn dat ze chauffeurs vragen hun blog zoniet stop te zetten, dan toch Lijnvriendelijker te maken, en als ik dan daarover dan een artikel lees in De Standaard, wel dan kan ik niet anders, dan moet ik daar op reageren, het is sterker dan mezelf. Als Lijnblogger van het eerste uur vind ik dat ik meer eer en meer aandacht verdien. Mijn ultieme droom, mijn natte topervaring zou een fat.., een fat.., ik kan het bijna niet zeggen van de zenuwachtigheid, een FATWA van De Lijn zijn. Stel je voor, een publicatieverbod, vergelijkbaar met dat van Salmon Rushdie. Waar zou ik dan onderduiken? Ik ga het niet verklappen, maar Le Cassan maakt een goeie kans. Zou de “internetpolicy” tot in Le Cassan geraken? l’Yserttout kunnen lokaliseren als onderduikadres?
Het is niet omdat ik nu in Frankrijk woon dat ze mij niet moeten ter verantwoording roepen, zoals die andere bloggende Lijnchauffeurs. Ik wil ook graag op het matje geroepen worden, alhoewel een rode loper me meer gepast lijkt dan een simpel matje, 5604 keer is mijn blog ondertussen gelezen, maak er dus maar een extra lange loper van.
Tom Van De Vreken, de Lijn-woordvoerder, is een man naar mijn hart. Het is de man van ““Wij houden de vinger op de pols en volgen de situatie op de voet!”, en ik heb die meneer ooit nog geciteerd in een van mijn vele De Lijn-artikels, zoals “De Rol”. Dit artikel dateert al van 5 februari 2008 maar ik wil er redelijk wat raskoeien uit de Aveyron, des blanches d’Aquitaine, op verwedden dat er nog niet zo heel veel veranderd is. En voor het geval de Lijn-directie zou twijfelen aan de echtheid van mijn vroeger schrijven: ik heb de laatste 3 jaar van mijn buscarrière vrij consequent het aantal opstappers van lijn 651 genoteerd. En tijdens de vele wachturen op Zaventem Luchthaven (Brussels Airport) ook de inzittende van aankomende of vertrekkende Lijnbussen geteld. Niet dat ik Big Brother wil spelen, maar die statistiekjes zijn nog altijd beschikbaar, voor wie geïnteresseerd is. Zou er al een De Lijn-bevelschrift aan het prikbord hangen bij de Staca? Dat blogartikels alleen nog mogen gepubliceerd worden na censuur van De Lijn directie? Op straffe van een fatwa? Ik zou nog willen reageren op dat bijten van de hand die je voedt, maar seffens is het “Mijn restaurant” op VTM en daar maken ze smakelijker en ongecensureerd voedsel.
geschreven op 18/03/2010
Valt mijn oog wel niet op een bericht betreffende De Lijn zeker! Ik volg via internet de Belgische actualiteiten, bv. via demorgen.be en als daar een De Lijn-bericht in voorkomt dan moet dat gelezen worden, want wie weet ziet mijn slecht karakter dan geen mogelijkheid om een passend schrijfsel te publiceren.
Hup en daar gaan we, maar eerst even citeren: “De drastische daling van gesanctioneerde reizigers roept veel vragen op over de manier van controleren en sanctioneren”, merkt Vlaams parlementslid Liesbeth Homans op, “zo is het wel opvallend dat de controle bij chauffeurs erg aangescherpt lijkt. De controle op reizigers lijkt echter sterk afgezwakt.” Oh la la, leest dat nog eens, en zou ik dan toch gelijk gehad hebben in mijn vorige De Lijn-artikels? Mijn ervaring van toen ik nog de Vlaamse wegen onveilig maakte heeft me geleerd dat daar wel een logische verklaring voor is. Wat ik allang wist en wat De Lijn stilaan moet toegeven is dat hun statistieken van het aantal reizigers (opstappers) van geen kanten klopt en dat er (te) veel bussen gewoon leeg rondrijden. Ok, stapt daar zo’n controleur op den bus (gewoonlijk zijn ze met drie) en wat doet die? Bij gebrek aan reizigers? De chauffeur controleren tiens! “Zit mijn dasje goed? Zit mijn jasje goed? Chauffeurke gaat op stap”.Heeft de chauffeur de controleurs een proper handje gegeven met het correcte oogkontakt?
Op de foto die bij het bewuste artikel gevoegd werd zie je trouwens hoe een dame nog rap rap achteraan op de bus wil stappen! Mag absoluut niet! Dat de controleurs zich daarmee eens bezighielden, in plaats van chauffeurs te koeioneren, sorry, te controleren.
Enfin, tis mijn zorg niet meer en hier in de Aveyron heb ik er geen last van. Er is hier bijna geen openbaar vervoer, waarom zouden er dan controleurs nodig zijn? En wat zouden ze controleren? Als ik mijn collega’s, vooral de oudere collega’s vertel dat ik in den Belgique geüniformeerd rondreed, met epauletten (passanten) en donkere sokken, dan is enige verwondering een zachte verwoording van hun reactie. Het zijn vooral gepensioneerden die de “ramassage scolaire” doen, of in het Belgisch: “de schoolkinderen ophalen” en de oudsten onder hen herinneren zich nog het Duitse uniform van zo’n 60 jaar geleden ...
En daar blijf ik bij, schaf af dat uniform! Een epauletten-uniform kan mooi zijn maar lokt bij sommige mensen meer agressie uit dan een “dagelijkse” kledij. Het is de chauffeur die bepalend is voor de rust op zijn bus, niet zijn uniform! Bijkomend voordeel zou zijn dat de controleurs dan meer tijd zouden hebben voor nuttig werk: reizigers op zwart rijden controleren bijvoorbeeld.
geschreven op 3/03/2010
Tis al gedaan met het heerlijke pensioenbestaan! Niks meer lui in bed blijven liggen, vergeet het ongegeneerd laat TV-kijken, opabus is back en dat hij het geweten heeft! ‘s Morgens eruit om 6u45 en schoolkinderen en -kindjes gaan ophalen met een minibus, om 9 uur terug thuis. ‘s Avonds hetzelfde maar omgekeerd, alles samen een goeie 3 uur per dag en dat is juist genoeg om geen ruzie te krijgen met de pensioendienst in België. Dat veel te vroege opstaan wordt gecompenseerd door een paar voordelen: mijn karig pensioentje wordt wat bijgespijsd en tis gezond, zegt Geert, dat vroeger opstaan. Maar bovenal, en dat is pas grote luxe, ik mag het busje (een Mercedes met 19 plaatsen) mee naar huis nemen en voor de deur parkeren.
Maar goed ook, anders moest ik een nog half uur vroeger opstaan en wat Geert ook mag beweren, dat kan niet gezond zijn voor een ouder wordend man. Ge zou mij nu al eens moeten horen kreunen en steunen als ik me uit bed sleur.
Maar het is leuk werk, in niets te vergelijken met rijden voor De Lijn. Om te beginnen geen uniform, dus geen das, geen epauletten, geen donkere sokken en ook geen controleurs onderweg. Het is ontspannend rijden door berg en dal alwaar de vogeltjes fluiten en de honden ongegeneerd voor uw wielen lopen. Ligt er een rugzak op de muur, dan stappen er 3 kleine pagadders op in plaats van één, en ligt er een boerderij verder een steen op de muur, dan wil dat zeggen dat de kleine met een snotvalling in bed ligt. Ah, de simpele dingen van het landelijk bestaan. De mama’s komen kijken wie de nieuwe chauffeur is (ah en oh) en de papa’s vinden het jammer dat de knappe Valérie een ander “circuit” zal rijden.
Valérie heeft me twee dagen begeleid, deskundig de route leren kennen: “noteer dat ge aan die twee glasbakken (een groene en een gele) naar rechts moet, onmiddellijk onder het brugje door en verder het wegske (slinger, slinger) volgen tot op de boerderij. Ge draait rond de hangar (vergeet de kleine niet op te laden) en hups terug steil naar boven om 4 km verder een tweeling op te pikken.” Dat is nogal wat anders dan iedere 400 meter te moeten stoppen om oogkontakt te maken en ticketten te controleren!
Wel stom natuurlijk dat hier in de Aveyron zowat aan ieder kruispunt van die glasbakken staan ... niet dat mij dat stoort, natuurlijk vind ik probleemloos de weg naar school, zij het dankzij de kinderen. Die vinden dat best leuk dat die nieuwe chauffeur niet eens weet naar waar hij moet rijden. Ik heb er direct één benoemd tot “monsieur GPS” en aangezien dat ventje er zo’n 9 à 10 jaar uitziet moet ik me de eerste jaren geen zorgen maken. Met een beetje chance moet hij een paar jaar overdoen, geen probleem jongeman, ik heb daar alle begrip voor.
Maar we leven in de Aveyron en niet alles moet even goed georganiseerd zijn, wat soepelheid moet kunnen. Vandaag, de eerste dag dat ik alleen moest rijden veranderde de planning. Of ik niet naar het collége in Villefranche de Rouergue wilde rijden om daar een 10-tal studenten op te halen. Die moest ik dan rondstrooien in de wijde omgeving van St. Salvadou. Dat college vinden was geen probleem, gewoon een andere chauffeur volgen, en de jeugd thuis afzetten ook al niet, aanwijzingen genoeg want ieder wilde zo rap mogelijk thuis zijn. Alleen, als de laatste uitgestapt was na een paar à gauche et à droite aanwijzingen om de weg naar huis terug te vinden, heb ik het toch behoorlijk warm gekregen. Ik wist dat ik ergens in Frankrijk zat en dat zelfs op maximum 30 km van Le Cassan. Héél schoon streek, de Aveyron, veel klein wegskes en overal wegwijzers naar een volgend dorp of gehucht. Wist ik begot veel of ik richting Jonquières moest rijden of richting Peyre Pissade? Soit, met de hulp van een toevallig passerende collega-buschauffeur die zo vriendelijk was om voor mij te rijden tot op de grote baan heb ik me terug kunnen oriënteren. Fluitje van een cent.
geschreven op 21/02/2010
Ons Geert is vandaag mee gaan wandelen met een twintigtal dorpelingen. Ze doen een verkennende wandeling voor de toekomstige “Marche Gourmande”. Tis frisjes, maar zonnig, de wandelaars hebben geluk en dat gun ik hen van harte want stelt dat het regende, of sneeuwde zoals gisteren en dan 12 kilometer moeten stappen ... mij niet gezien. Vanmiddag ga ik die moedige mensen vervoegen, afspraak in restaurant le Barry in Vabre-Tizac. Misschien doe ik eind juli mee aan de Marche Gourmande, als het niet te warm is en ik voldoende heb kunnen trainen. Tenzij ze mij terug vragen voor de parking, een niet onbelangrijke taak met heel wat verantwoordelijkheid!
Geert denkt dat ik nu bezig ben met het plamuren van de gyproc! Maar schatteke toch, tis zondagvoormiddag en dan mag er niet gegyproct worden, paus Benedictus wil de goeie oude kerkelijke waarden terug invoeren en daar hoort ook de zondagsrust bij. Wie ben ik om de paus tegen te spreken? Moogt ge trouwens op zondag aperitieven en schransen, bijvoorbeeld in restaurant Le Barry? Ik denk het wel, zeker als ge per auto tot daar gaat. Tenslotte bespaart dat vele kilometers wandelen en volgens mij is dat wandelen inspannend genoeg om als werken te kunnen doorgaan. Den Benedict is een man naar mijn hart. Als Hij nu ook nog toegeeft dat vorige eeuw in Ierland sommige priesters en nonnen en aanverwanten zwaar buiten de schreef gingen met hun misbruik van o.a. weeskinderen, wel, dan zijn we op goeie weg. Volhouden Benedictus en doe de groeten aan de Léonard!
Ondertussen hebben we hier in Le Cassan niet stilgezeten. Bijvoorbeeld planken gezaagd met Roger en zijn broer en dat met een houthandelaar die bomen ter plekke komt verzagen. Leuk werk en ne keer iets anders. En ook, hoe raadt ge het, verder gewerkt aan de inrichting van l’Yserttout. Het gaat vooruit, getuige daarvan een paar foto’s. Het was trouwens goed werken met Anne-Leen en Alexander. Die waren hier een drietal dagen op gyproc-stage. Veel vorderingen gemaakt, ‘t ging vooruit. Maar begint niet te scrabbelen met Alexander want dat gaat dan echt niet vooruit. Over ieder onnozel letterke zit die na te denken alsof zijn leven ervan afhangt, alsof we voor vele euro’s spelen.

Als ze de maandag naar huis reden, moe maar gelukkig en een beetje doe-het-zelf ervaring rijker hebben ze ook de lege bakken bier meegenomen. Zo hoort dat, nu nog iemand vinden die volle bakken terug naar Le Cassan brengt ... Luc en Ann, die komen toch binnenkort naar Le Cassan?
Zo, tijd om te gaan aperitieven en de wandelaars te vervoegen. Wedden dat ze weer tientallen everzwijnen, konijnen, fazanten, patrijzen, hazen, uilen, herten, valken, reebokken, vissen en ook koeien zullen gezien hebben? Ware het niet dat de koeien ‘s winters op stal staan.
geschreven op 9/02/2010
Achtjarig jongetje schiet zichzelf dood op een wapenbeurs. Met een Uzi-machinegeweer en ‘t was per ongeluk.
Allé, dat gelooft ge toch zelf niet. Dat jochie mocht met zijn papa mee naar een wapenbeurs ergens in de Verenigde Staten (Westfield, in de staat Massachusetts), en omdat dat ventje samen met zijn papa lid is van een wapenclub, enfin het zoontje was lid, mocht het manneke daar efkens een Uzi uitproberen. Zo’n Uzi, zie foto, is ongetwijfelt heel doeltreffend, met dank aan de ontwerper, de Israëlier Uziel Gal, maar persoonlijk vind ik dat ze op de gebruiksaanwijzing zouden moeten vermelden: ongeschikt voor achtjarige kinderen. Ze moesten die vader aanhouden wegens onopzettelijke doodslag.
In de Verenigde Staten van Amerika mogen de kindjes vanaf 4 (vier) jaar samen met hun ouders oefenen tijdens een schietweek-end, pief-poef-paf, met echte wapens. De papa moet dan wel het wapen mee vasthouden want anders gaan die kindjes de volgende dag naar het kleuterklasje zonder tanden en met een blauw oog. Hier gaan de kindjes mee naar een of ander pretpark, genre Centerparc, ginderachter kunnen ze mee gaan met de papa en de mama naar een schietpark, een weekend soldaatje spelen. Kindsoldaatje. In Afrika zijn veel kindsoldaatjes.
Kinderen leren omgaan met wapens, hoe bestaat het. Dat de Palestijnse kinderen oefenen in het gooien van stenen, daar kan ik nog enige sympathie voor opbrengen. Tenslotte is het David tegen Goliath, keien tegen fosforkogels, of waren het fosforgranaten? Soit, ik kies altijd partij voor de zwaksten, de onderdrukten, en dus ook voor die arme kleuters die van o zo hun fiere papa moeten leren schieten met een Uzi. God Bless America.
Niet dat daardoor het leven in Le Cassan stilvalt, ik wilde alleen even mijn ergernis afschieten, pardon, ventileren.
geschreven op 1/02/2010
Na een pijnlijke teen word ik nu geplaagd door een keelonsteking. Ik denk dat ik me een beetje geforceerd heb, dat komt ervan als je absoluut tegen volgende zomer gasten wilt ontvangen in (redelijk) comfortabele omstandigheden. Enfin, ondanks zeer moeilijke psychische, sorry, fysische omstandigheden heb ik toch, dank zij mijn staalhard karakter en doorzettingsvermogen, weer vorderingen gemaakt. De muurdoorgang vergroot en drie dwarsbalken uit de muur gehaald, dat was redelijk spannend werk, iets meer dan een fluit van een cent. Het kot is niet ingestort, zelfs niet gedeeltelijk, dus mag ik nu wel stellen dat l’Yserttout een mooie toekomst wacht.
Wel ambetant, zo’n keelontsteking, precies of ik schuurpapier ingeslikt heb. Gelukkig bestaat daar een goeie remedie tegen. Ik heb Lea van Le Cassan en Marleen van Le Ran geconsulteerd en hun advies was unaniem: sloten thee drinken. Simpel, water aan de kook brengen en daar bladeren in gooien afkomstig van een anti-keelontstekingsboom. Ge moet niet wachten tot de herfst als de bladeren afvallen, ge moet die plukken in juni, als het volle maan is. En dan heet opdrinken, niet de maan noch de bomen, alleen de bladeren en dat met een goeie scheut cognac erin. Persoonlijk vind ik Oostenrijkse Stroh 80 een aanrader. Die tachtig staat voor 80% alcohol, je zou voor minder gaan après-skiën in den Tirol. Holadié, holadia. De twee groene madammen, Lea en Marleen, vinden dat mijn aanpak ter genezing van een schuurpapierkeel niet beantwoord aan de homeopatische geneeswijze. De alcohol is er teveel aan. Wablief? Eén soeplepel Stroh 80 in een tas thee? Of twee of drie? En dat mag niet? Ik ga zeker een beetje warm water drinken met wat restbladeren van ‘t containerpark erin? Willen ze dat ik echt ziek word?
Onze keldertrap gezien die Karel gemaakt heeft? Ik heb wat geassisteerd en vooral veel bijgeleerd. Werken met een houtcombiné, een bovenfrees, blijven werken ondanks ijskoude voeten (kunt ge een keelonsteking krijgen van ijskoude voeten?) en alles goed op voorhand plannen en uittekenen, vooral dat laatste.
Er is nog nieuws, enfin, het is geen nieuws, eerder nog een gedachtenspielerei. De “CCC”. Nee, niet de “Cellules Communistes Combattantes” maar wel het “Centre d’entrainement de Cirque du Cassan”. Even kort samenvatten: buur Roger stopt binnen een jaar of zo met zijn boerderij. Hij is dan op pensioenleeftijd en daar zijn inkomen dan nog lager zakt dan mijn armzalige 750 euro pensioen denken we eraan om de “CCC” op te richten. Wie weet kunnen we dan geen kleinigheid bijverdienen door het beschikbaar stellen van een aangepaste en verwarmde ruimte om aan circustraining te doen. Het voornaamste staat er: een schuur met een bruikbare werkhoogte van 8 meter. Voor de vliegende trapeze bijvoorbeeld. Ook beschikbaar: op tijd en stond calorierijk voedsel, met dank aan de kokkin van l’Yserttout. En logement, tegen dan zal dat in orde zijn, met dank aan opabus en de buren. Vergeet ook niet dat er onder mijn kinderen een circusexemplaar is, Jan Willem, die Europa rondtrekt met de compagnie” Les p’tits bras.”, publiciteit verzekerd! Alles is nog in een heel pril stadium, tis nog niet voor morgen, we moeten een beetje steun zoeken bij de gemeente, wat extra centen vinden via sponsering en zo nog een paar details. Maar wacht af, we zullen de wereld en zelfs l’Aveyron nog verbazen met het “Centre d’entrainement de Cirque du Cassan”!
Er is een oplossing gevonden voor een pijnlijke keel, met dank aan de groene madammen: tis geen thee, tis tisane dat ik moet drinken, tisane de fleurs de tilleul. Met een koffielepel Stroh 80 ? Of twee of drie?
geschreven op 22/01/2010
Ik heb een redelijk zware houtblok op mijn kleine teen laten vallen. Die ziet nu een beetje blauw en dat komt me goed uit: nu kan ik ongegeneerd TV kijken en zien wat ons Belgische tennismadammen doen in de Australian Open en eindelijk nog eens aan de blog werken.
02/5464244, 02/5292862, 02/5018532, 016/314764, 02/5293002, 0033/155678849, 016/314705, 016/314709 en 016/314765.
Noteer die nummers en hou ze zorgvuldig bij. Niet dat iedereen die telefoonnummers moet van buiten leren, maar als je je pensioenleeftijd nadert, dan kunnen die van pas komen. Ikzelf ken ze al van buiten, na meer dan zes maanden rondbellen om aan je pensioencenten te geraken is dat zelfs voor een vroegtijdig dementerende ex-bus-lijn-chauffeur geen probleem. Er is daar een numer bij, het begint met 02 en dat kan ik aanraden. Je krijgt een West-Vlaming aan de andere kant van de lijn. Eerst krijg je het gevoel dat je hem wakker gebeld hebt, pas na een paar minuten begint hij te beseffen dat je belt i.v.m. je pensioen. Mijn pensioenaanvraag is ingediend op 9 januari 2009. We zijn meer dan een jaar verder en vorige week kreeg ik het heuglijke nieuws dat mijn dossier nu bovenop de stapel ligt, dat ik binnenkort centen krijg.
Al bij al mag ik niet klagen: terwijl ze daar in Brussel zich de sloefen van het lijf werken om mijn pensioen in orde te krijgen geniet ik hier in Le Cassan van het Godzalige dagelijkse bestaan.
Dat begint al met de dag des Heren niet te vroeg te begroeten, zo rond halfnegen is een goed startmoment. En dan? Niks moet, alles kan. Zoals gisteren, eerst een paar uur verder gewerkt aan het vergroten van de doorgang tussen de twee ex-zolders. Dat was een opening van 40 op 130 en dat moet ongeveer 65 op 175 cm worden.
Die muur heeft een dragende functie en is zoals alle muren hier zo’n 70 cm dik bestaande uit op elkaar gestapelde stenen met tussenin opgedroogde modder. Ondanks het feit dat dit veel stof geeft houdt dat Geert niet tegen om onverdroten verder te face-boeken
. Het was wel efkes spannend, er zat daar een kanjer tussen en die voorzichtig loswrikken en op de grond laten zakken, dat ging nog net, maar ook elegant de ladder afdalen met zo’n rotsblok in mijn armen?
‘ t Zal niet voor vandaag zijn en ook niet voor morgen. Mijn sterke vriend Karel heeft een doktersbriefje en is een tijdje werkonbekwaam. Hij heeft tevergeefs geprobeerd om een tractorbatterij met één arm op te heffen en nu mag hij zijn rechterarm niet gebruiken wegens een scheurtje in een schouderpees. Dat moeten ze vooral aan Karel zeggen! Om Superkarel niet op verkeerde ideeën te brengen is die arm voor minstens 3 weken geïmmobiliseerd, middels wat verbanden en zo. Goed gezind dat ie is!
Misschien laat ik die steen gewoon daar liggen, als aandenken of zoiets.
Terug naar het verslag van de dag van gisteren. In de late voormiddag nog wat lui in de zetel gelegen en tennis gekeken en rond de middag tijd genomen voor een klein aperitiefke onder de vorm van een glas witte wijn. Om voor wat afwisseling te zorgen heb ik de middagrust laten vallen en heb ik Roger geholpen met het uitmesten van een stal. Zwaar werk en dus een goeie training ter bevordering van het elegant ladder afdalen met een zware steen onder de armen.
De zon scheen en mijn kettingzaag stond op scherp, het betere moment om in de vooravond de brandhoutvoorraad wat aan te vullen. Daartoe dienen de oude eiken draagbalken die ik met de kettingzaag afkort per 50 cm en daarna met een paar rake slagen klief tot bruikbaar brandhout. Ik weet niet wat zo’n blok van 40x40x50 cm weegt, maar als dat op uw klein teentje terechtkomt, dan voelt dat vrij pijnlijk aan. Gedaan dus het buitenwerk en overgeschakeld naar de volgende aktiviteit: aperitieven en scrabbelen met Geert, gevolgd door het altijd lekkere eten ten huize l’Yserttout. En dan? Onderuit hangen in de zetel en kijken naar het nieuws, Terzake, De slimste mens en Phara.
Geert gaat gewoonlijk bedwaarts na De slimste mens, ik mag graag nog wat naar Phara kijken en nagenieten van een typische en leuke pensioendag. Ah, het leven in Le Cassan is best draaglijk en zeker heel wat minder vermoeiend en stresserend dan werken bij de Rijksdienst voor pensioenen, bureau 17, derde verdiep, Zuidertoren, 1060 Brussel.
geschreven op 21/11/2009
“Meer dan een geslaagde combinatie van gastvrijheid en gastronomie!” Bij deze citeer ik Jan, vriend van Willy en Linda. Voor wie het zich nog herinnert uit een vorig artikel, Linda en Willy hebben in Bertem naast een grote boerderij ook een aantal prachtige gastenkamers, zie daarvoor “www.bertemnatuur.be”. Die luxe chambre d’hôtes heb ik ooit nog vermeld in een vorig schrijfsel (De Rol, van 5-2-2008).
Eigenlijk schreef Jan ook nog in het gastenboek “een verscholen diamant tussen berg en dal”. Let wel, dat gaat over ons, over l’Yserttout, over Geert haar kookkunst, haar gastvrijheid en mijn aanwezigheid. Niet te geloven. Misschien moet ik er wel bij vermelden dat ik op zijn vingers stond te kijken toen Jan die prachtige woorden neerpende: geslaagd, een diamant en niet eens geslepen. Ze zijn hier een tweetal dagen komen logeren, voor ons was het een eerste echte “chambre d’hôte” ervaring en om eerlijk te zijn, het smaakt naar meer. Wel heel vermoeiend, ge moet mee aan tafel zitten, mee het glas heffen en niet als eerste slapen gaan. Het ambetante is dat ze dan ook verwachten dat Geert of ik als eerste opstaan. Of Geert en ik, dat is pas belachelijk. Misschien moeten we dat duidelijker vermelden: die verse croissants ‘s morgens kunt ge vergeten, ik ga zeker een beetje in alle vroegte naar Lunac rijden. Het is hier nu trouwens te koud om eender welk soort vers brood te halen! Daarvoor moet ge maar kijken op mijn nieuwe “Hoe warm ist in l’Yserttout?"-gadget, enfin, als het werkt.
Ik zou me beter bezighouden met het verder werken aan mijn blog in plaats van tijd te verliezen met die nutteloze gadgets. Tis niet dat ik geen inspiratie heb, of geen goesting om verder te schrijven, tis dat het er gewoon niet van komt. Zoals nu, vol enthousiasme begonnen, vast van plan om jullie weer wat nieuws uit l’Yserttout te bezorgen, wat leuk leesvoer te geven, maar wie komt me storen? Sabine met haar memmen en het Belgisch weerbericht. Het gaat sneeuwen in belgenland, weeral en op vrijdag (18/12). Hopelijk zijn ze ginderachter voorbereid op die nieuwe sneeuwval en moeten de zoutstrooiers achteraf niet komen vertellen dat ze verrast waren door de plotse sneeuwval. Hoe kunt ge nu verrast zijn door die sneeuwval? Spelen de verantwoordelijke voor het sneeuwruimen ‘s avonds met de kaart in plaats van naar Sabine’s weerbericht te luisteren? Ik weet waarover ik spreek, schrijf, want zondagmorgen, 20 december, zijn we vanuit de Vlaamse Ardennen terug naar Le Cassan gereden. Eerst hadden we een mid-week lang met ons kinderen en kleinkinderen gecenterparct,
waarbij ik ei zo na verdronken ben in zo’n wildwaterbaangedoe. We zijn een tweede week in België gebleven, lang genoeg om opa"s en oma"s en ook broers en zussen en vrienden te laten zien hoe fris we er na vijf maanden Frankrijk nog uitzien. Dus die bewuste zondagmorgen zijn we rond 8u30 vertrokken in diepsneeuw en met een flink geladen remorque. Ondanks winterbanden en een zeer bekwame ex-buschauffeur was het ploeteren tot aan de Franse grens. Dat het nipt was op de binnenwegen wil ik aanvaarden, maar zelfs de autostrade leek eerder op een skipiste. En als we dan een schuivende 50 km/h bereikten dan moesten we remmen voor een opa die aan 5 km/h broodjes ging halen bij de bakker. Levensgevaarlijk! “Maar vrouwke”, zei hij, toen hij zijn Toyota uit de verwarmde garage had gereden, “ik heb 65 jaar rijervaring en natuurlijk is dat voor mij geen probleem om door de sneeuw voor jouw verse pistolekes te halen en een grof gesneden zevengranenbrood voor in de diepvriezer”. Dat hij dan drie km verder zowat in zijn broek kakte wegens opkomende sneeuwdiaree vertelde hij zijn vrouwke niet. Man toch, zet je vehikel aan de kant, laat die broodjes aan huis afleveren en laat vrij de baan voor internationale reizigers met nog 970 km voor de boeg. Het kan me echt niet schelen als je bij het voorbijsteken betekenisvol naar je voorhoofd wijst. Door die ijskakkers en door de niet opgeruimde sneeuw zijn we pas twee uur later aan de Franse grens geraakt. Maar vanaf dan, mensen, grote luxe: gaspedaal iets straffer ingedrukt, maar niet boven de 110 km/h wegens aanhangwagen en tot op 5 km van Le Cassan sneeuwvrij door kunnen rijden! Vanaf de eerste meter voorbij de grens tot op 5 km voor Le Cassan was alles volledig sneeuwvrij gemaakt, tot en met de pechstroken.. Hoe zou het komen dat de franse sneeuwruimers niet verrast waren door de sneeuw? Awel, ik betaal met plezier péage om veilig naar huis te rijden. Alleen de laatste vijf kilometer vielen een beetje tegen, klein wegskes, wat bergop en bergaf, het ging steeds moeilijker vooruit. Om uiteindelijk, 300 meter voor de eindmeet helemaal stil te vallen. De laatste bocht voor Le Cassan is nogal scherp en met een serieus stijgingspercentage en dat was er teveel aan. We vielen kompleet stil, efkes toch want na een paar seconden kwamen auto en remorque terug in beweging ... naar beneden, dalwaarts ... enfin, we zijn erin geslaagd de remorque te blokkeren aan de kant van de weg, hebben dat ding afgekoppeld en zijn met de auto slipsgewijze thuis geraakt.
Erg veel werk is hier in Le Cassan ondertussen niet verzet. Tis teinde van tjaar en ik moet me een beetje sparen, kwestie van in een goeie conditie te zijn om Kerstmis te vieren, alsook nieuwjaar en de dagen erna.
Geert is in ieder geval goed gestart. Aangezien we nu wat te ver wonen van ons kinderen hebben we voor kerstavond Karel en Marleen geïnviteerd en heeft Geert al haar culinaire mogelijkheden en kookkunsten op tafel gegooid. Het was verzorgd, het was mooi en ook belangrijk: het was heel lekker. Bind je een servet om de nek om het gezever op te vangen en lees verder.
Eerst waren er de hapjes:
Courgettemousse met handgepelde garnaaltjes
Duo van zalm met guacamole
Broccolimousse met bayonneham
Aardperensoepje met fois gras
dan soep:
Bisque van garnalen (gemaakt met zelfgepelde garnalen)
een voorgerecht:
Scampis en st. Jacobsvruchten met gewokte groenten en champagnesaus
als plat consistant:
Roti de biche met gebakken champignons, gekarameliseerd witloof en gratin dauphinois
en tenslotte, speciaal voor Karel:
Chocolademarquise met crème anglaise en vers fruit.
Zo’n exquise menu’s zullen natuurlijk ook te krijgen zijn als ge hier in l’Yserttout komt logeren. Volgens Geert is zo’n menu, met aangepaste wijnen, te doen voor 35 euro. Ik dacht dat we hier rijk zouden worden? 35 euro, dat zijn weggeefprijzen! Solden! Zullen we de logeerkamer(s?) al verhuren voor belachelijk weinig geld en dan zouden ze nog superieur voedsel verwachten? En een koffie met een cognac achteraf? Waarom geen Irish coffee? Toppunt zou zijn dat we dan ook nog mee aan tafel zouden moeten zitten en onderhoudend vertellen over Lescure Jaoul, de wijde omgeving en het dagelijkse leven der inboorlingen. Vergeet het, Geert moet koken en ikzelf zal, mits een niet onaardig supplement van een paar tiental euro’s, de borden met inhoud en saus en al voor jullie neus neerkwakken. En de wijn, schenk die zelf maar uit. Een handgepeld aardperensoepje met fois gras en gewokte crème anglaise, waarom niet!
Ik moet nog vragen aan Ann en Luc of ik hun leuke nieuwjaarstekst op de blog mag zetten. Aangezien ik het voor ons nogal toepasselijk vind doe ik het toch, bij protest kan ik het er rap weer afhalen.
Denk iets goeds,
denk iets lekkers,
denk iets geks,
of nog iets gekkers,
denk iets aardigs,
denk iets liefs,
maar hoe dan ook ...
iets positiefs!
Veel geluk in 2010.
Bedankt Ann en Luc!
geschreven op 9/11/2009
Sommige mensen denken dat die keuken nieuw is, in Frankrijk gekocht en door een Franse installateur geplaatst. Ts, ts, ts ... die keuken is meeverhuisd uit België en door ondergetekende en zijn assistenten geplaatst. Aan de mysterieuse warmwateromweg is dus geen enkele Fransman schuldig. Just is just. Het gedeelte dat tegen de muur staat was de bestaande keuken uit Leefdaal en het eiland met geïntegreerd afwastoestel en drie spoelbakken en 120 op 240 cm en allemaal in inox en schoon dat het is, is nieuw.
Wat er ook schoon is, maar niet nieuw, dat zijn ons vandaag opgehangen gordijnen. Mooi romantisch roze kleurtje. Bij gebrek aan passanten en dus ook geen binnenkijkers was dat niet erg nodig, maar ik vind dat een stofje voor het raam een zekere charme heeft en de avonden nog gezelliger maakt. Alleen jammer dat men die ramen te hoog gemaakt heeft, nu zal ik Geert toch nog carte blanche moeten geven om in Albi gordijnstof te kopen. Of Geert moet van haar nieuwe hobby een full-time bezigheid maken. Ze is namelijk aan het patchen, iedere maandagnamiddag naar de les, allemaal vierkantjes et en Français. Niks beter om te integreren dan te patchen zegt vriendin Marleen van La Salvetat. Ruw geschat denk ik dat er per gordijn zo’n paar duizend van die vierkantjes nodig zijn.
.
Het was hier de laatste dagen rotweer. Wind, regen, mistig, koud, modderig, natte koeiestronten voor de deur, zelfs geen zon en pikkedonker ‘s nachts. Laat de modder, de koeien en dat pikkedonker eruit en je zou je zelfs terug in een herfstig Leefdaal wanen. Wie weet mag ik dan terug met een bus rondrijden en in dezelfde wind, regen en kou lijn 651 afdweilen. Terug naar de donkere sokken? Terug naar de epauletten en de Lijndas? Terug naar het oogkontakt maken met Jan en alleman? Of bij gebrek aan Jan en alleman oogkontakt maken toevallige passanten? Nee, dan glij ik nog liever uit over een natte koeiestront, ‘s nachts en in het pikkedonker.
Vandaag en gisteren hard gewerkt. Van die kleine appelen geperst om cider te maken (gisteren) en planken gezaagd om parket te leggen (vandaag). 
Samen met Roger en zijn vriend Michel hebben we zo’n 150 liter sap uit die appelen geperst. Die machine die op een reuze gehaktmolen lijkt diende om de appelen te vermalen, de andere foto’s hoeven geen uitleg. Stok- en stokoud zijn die machines maar ik kan iedereen verzekeren dat alles heel “bio” is, van de zuiverste pure natuur.
Vandaag heb ik zo’n 10 m2 parketplanken gezaagd om onze prachtige kastanjevloer verder uit te breiden. Twee m2 zijn bruikbaar als parket, 8 m2 kunnen eventueel dienen als leggers in een of andere werkruimte. Ik had het moeten weten, tenslotte is het niet de eerste kastanjeplank die onder mijn zaagmachine passeert. Maar iedereen, iedereen daag ik uit om op zicht het verschil te zien tussen kastanje- en populierhout, op voorwaarde dat die planken zo’n 50 à 60 jaar in een schuur gelegen hebben en zowat hetzelfde stofferig uitzicht hebben. Zoals iedere avond ging Roger zijn koeien binnenhalen, hij bekeek mijn zaagwerk en vroeg wat ik met die populierplanken van plan was? Tja, dan zie je het natuurlijk zelf wel: populier is bleker van kleur, zaagt gemakkelijker en weegt minder. Stom kiek! Roger probeerde me nog te troosten: dat het hem ook al overkomen was en dat bij zo’n oude planken het verschil niet direct te zien is. Bedankt vriend, maar hij zal het verschil wel gezien, gevoeld hebben na een paar planken en niet na de 32-ste plank. Stom kiek.
geschreven op 24/10/2009
Geen vliegen meer, allé, nog een paar, maar na de spray-tsunami van een paar dagen terug is het hier gedaan met die beesten. Maar goed ook want Veerle is toegekomen en we willen de mensen proper ontvangen. Veerle, de zus van Geert, arriveerde in Le Cassan, wreef in haar handen en sprak aldus:” Allé mennekens, wat valt hier nog te doen?” Een brok en al energie waar we dankbaar gebruik van gemaakt hebben. De definitieve keuken, nog in een pril stadium bij haar aankomst, was tien dagen later zowaar een modelkeuken geworden. Bekijk de foto’s , zie wat we gerealiseerd hebben en kijkt van waar we komen: van een houtvuurtje met bijhorende hulpkok tot een superkeuken waar meesterkok Geert van L’Yserttout mij dagelijks zal verwennen. En wie weet, als het God en de president belieft mogen trouwe lezers komen meegenieten.
Het plaatsen van de keuken is al bij al vrij vlot verlopen, met dank aan de firma Theyssens uit Huldenberg (http://www.theyssens.be) en met dank aan weeral Veerle die me hielp bij het ondersteunen van weerspannige ophangkasten. Geert heeft wat last van haar schouder en die zet je dan best niet onder hangkasten.
Dat alles redelijk vlot verloopt is vrij logisch, tenslotte heb ik toch al heel wat doe-het-zelf-ervaring en kan ik het werk delegeren om dan uiteindelijk blogsgewijs met de eer te gaan lopen. De tijd dat ik de WC liet doorspoelen met warm water of dat de radio begon te spelen als de verwarming in het lokaal aansloeg ligt al lang achter mij. Het zou de perfectie kunnen zijn ware daar niet één probleempje : de warmwatertoevoer naar de keuken. Ik heb de seconden geteld: 32 seconden, meer dan een halve minuut duurt het vooraleer het water uit de kraan warm wordt. Dat kan niet en zou niet mogen kunnen want de afstand tussen boiler en kraan is maar een tiental meter. Mysterie, vraagteken en onverklaarbaar, een situatie een vaardige doe-het-zelver onwaardig. Handige Harry’s of slimme mensen die me dit fenomeen kunnen uitleggen en de doorstroomtijd kunnen beperken tot, laat ons zeggen 15 seconden zijn welkom. Hun reiskosten worden gaarne terugbetaald, hun verblijf zal gratis zijn en de maaltijden copieus en gepeperd.
geschreven op 13/10/2009
Het wordt tijd dat ik doe waar ik goed in ben, tis te zeggen, artikeltjes schrijven en geen pogingen meer doen om foto-reportages te maken. Al die foto’s, dat is goed als bladvulling of, om eerlijk te zijn, dat komt goed van pas als de schrijfgoesting er niet is.
Alhoewel, af en toe een illustratie van ons werk en van ons dagelijks leven kan heel leerrijk zijn. Getuige daarvan onderstaande foto’s. Daar doet ook Geert waar ze goed in is: kuisen en in dit geval het afschuren van de balken. Merk wel dat ons Geert een stofbril opheeft maar geen stofmasker en dat is niet slim. Een stofbril is in dit geval vrij waardeloos, door de ongelooflijke hoeveelheid fijnpoederig en vies stof dat van die balken afkomt zie je na twee minuten gewoon niks meer, leg me dan maar eens uit waarvoor die bril dient. Een masker daarentegen lijkt me wel een nuttig beschermmiddel en als Geert wegens stoflongen vroegtijdig aan haar einde komt, zeg niet dat ik haar niet verwittigd heb! Laat het dan een troost zijn dat ik er mooie balken aan overhoud.


Wat doet ge tegen vliegen? Op dit eigenste moment zitten er twee op het computerscherm, drie op de printer en nog enkele dwalen in de onmiddelijke omgeving rond. Oeps, vier op het scherm, nee nu terug twee. Strontvliegen zijn het en volgens de lokale bewoners is dat typisch voor de maand oktober. O ja? En die vliegenmiserie die we eind juli hadden? Zeker ook typisch voor juli? Voor alle zekerheid ben ik bij de buren op controle geweest en wat stelde ik vast? Geen vliegen, op een paar uitzonderingen na, uitzonderingen die ongetwijfeld van bij ons komen, op de vlucht voor mijn woest “mepgeweld” met zo’n elektrische tennisraket. En hier bewijst een foto terug zijn nut.
Seffens ga ik slapen en goed of niet goed voor de natuur maar ik ga eens flink spuiten met de “spray tegen vliegende insekten”, zelfs al bevat die 0.3% tetrametrin en 0.15% D-phenotrin. Vooral van die D-phenotrin heb ik schrik! En wat zie ik nu? Twee vliegen zitten op de H van mijn toetsenbord en nog wel op elkaar zeker. Ge moet niet vragen wat ze aan het doen zijn! Voila, een ferme spuit tetrametrin en een portie D-phenotrin, weg ermee, geen onnozelheden op mijn toetsenbord.
Eindelijk, eindelijk ben ik met zaag- en schaaf- en boormasjien en heel mijn hobbygedoe van de benedenstal verhuisd naar een verdiep hoger. In die vroegere stal is nu een bruikbare slaapkamer, een WC met doorspoelmogelijkheden, een badkamer met dubbele lavabo en een douche voor mensen niet groter dan 1m82. Plus Geert haar voorraadkelder en voorlopige keuken. En, heel belangrijk voor toekomstige logés, daar zitten geen vliegen. Het zijn toch ongelooflijk arrogante rotinsekten: nu zit er een op de A en ernaast een op de letter Z. Seffens is het weer van poeperdepoep en mijn spuitbus is bijna leeg. Volgende keer koop ik een toetsenbord met Qwerty-klavier, dan gaan ze tenminste al wat verder uit elkaar zitten, ik moet ze tenslotte ook niet aanmoedigen!
Ge moet niet denken dat wij hier altijd aan het werk zijn, op tijd en stond herinneren we er elkaar aan dat we leven in La Douce France. Zo durven we bv. twee keer per dag scrabbelen, Geert om te winnen, ikzelf om de aperitief. Morgen, zaterdag, ga ik met Karel wijn inkopen in Gaillac, bij de betere wijnboer, eigenlijk is het een wijnboerin. Ik ben er nog niet geweest dus is het nog een beetje afwachten! Ondertussen gaan ons madammen de markt afschuimen in Cordes sur Ciel. Maandagavond gaan we Veerle oppikken in Najac, Geert haar zus blijft hier een tiental dagen en nog dezelfde avond starten we haar verblijf met een etentje in restaurant Belle Rive, ook in Najac. Woensdag gaan Geert en Veerle naar Albi, een schoon stad maar ik ga niet mee, er zijn daar niet eens straatartiesten. Trouwens, vanmorgen zijn we uitgebreid gaan winkelen in Rodez, wat zou ik dan nog in Albi gaan zoeken? Ik ga liever mee met Roger en zijn drie border collies de koeien halen. Niet te geloven hoe gericht die koeien met hun staart de vliegen van hun lijf meppen. Ik zie het mij nog niet doen, zo met mijn staart.
geschreven op 12/10/2009
In het vorig artikel had ik het over “Blanche en zijn peird”, alles rustig aan, te rap is voor niks goed. Awel, zo niet in Le Cassan, opastis werkt gestaag verder, hierin gesteund door oma Geert of tante Geert of Geert tout court. Ten bewijze van onze werkijver zijn er een paar foto’s bijgevoegd, en om veel commentaar overbodig te maken, een foto van vroeger, van hoe de huidige kelder was bij aankoop. Trouwens, wat die foto’s betreft, tis niet altijd duidelijk: de tekst wil de foto’s niet volgen, of omgekeerd. Ik moet dringend eens aan Bart vragen wat daaraan kan verholpen worden.

Al zeg ik het zelf (wie anders), we zijn goed bezig.
Voor een paar weken kwamen Pieter en Siegrid hier aangefietst, of is het al drie weken geleden? Niet te doen, de tijd gaat hier rapper dan ik weet niet wat, in ieder geval heel rap. Vroeger, toen ik nog Lijnbuschauffeur was, dan leefde ik van dag tot dag, nu als gepensioneerde, leef ik van week tot week. Precies of dat een week nu rapper voorbij gaat als vroeger een dag.

1480 km hebben ze gefietst, gestart in Wilsele en via les routes départementales de France tot in Le Cassan. Dat ze nog jus in de benen hadden en geen blaren op hun gat kwam ons goed uit: een vloerke moest gebetonneerd worden en wat jeugdige werkkracht is dan altijd welkom.
Pieter was de laatste dag iets minder beton-minded en het is hem vergeven, met een tractor hooi binnenbrengen is ne keer iets anders dan in Brussel met loeiende sirenes de straten onveilig maken!
Wat is er in Le Cassan nog gebeurd? Wacht, laten we starten van lang geleden, toch zo’n drie maanden. Drie maanden, dat wil zeggen dat ik al heel wat vergeten ben, gelukkig zijn er foto’s om opastis weer op dreef te helpen. We hebben een bosbrand gehad, enfin, een bosbrandje.
Alhoewel, als zo’n dertig hectaren bos opbranden zowat naast je deur, dan doet dat vies! Vergeleken met bosbranden zoals in Griekenland of Portugal is dat natuurlijk niks, maar had de wind niet door een of ander toeval, dank je heilige pater Damiaan, kompleet gedraaid, dan was het hier wel serieus spannend geweest. Tuurlijk, als Roger zijn koeien binnen moeten, bos of gene bosbrand, de brandweer moet wachten.
Onverstoord bleef Serge Foulquier de voegwerken verder zetten, dat is duidelijk een man die al meer meegemaakt heeft. Om een goed resultaat te bereiken moeten de stenen en de voegen eerst gereinigd worden met een hogedrukreiniger. Ons huisje, L’Yserttout is met modder ineengezet. Zo’n tweehonderd jaar geleden was er duidelijk meer modder dan cement, Foulquier zal het geweten hebben....!
En we zijn naar Barcelona geweest, op vakantie. Schoon stad, indrukwekkende gebouwen en op de Ramblas een heel goeie straatartiest, heb ik uren naar gekeken.
Heel schoon stad met een goed openbaar vervoer. Kan De Lijn nog een snoepje van opsteken, een poepje van snoepen of is het een snoepje van in de poep steken? In ieder geval, na vijf dagen intens passagieren op hun bussen kan ik zeggen: goe bezig mannen, schoon gerief, allemaal heel recente bussen, geen deuren die blokkeren, geen zonneschermen die te smal zijn en vooral, vooral, geen gerammel. Bijna, ik zeg wel bijna, kreeg ik zowaar goesting om in Barcelona de personeelverantwoordelijke op te zoeken en te informeren of ze geen zeer bekwame en uiterst vriendelijke buschauffeur nodig hadden, gespecialiseerd in oogkontakt en eigenaar van een assortiment dassen en epauletten.
War hoorde ik vandaag op het nieuws? Dat de Lijn haar passagiers een beetje nauwkeuriger moet tellen? En geen fictieve aantallen meer opgeven? En dat ze iets zullen moeten doen aan dat nutteloos rondrijden met bijna lege bussen? Tiens, tiens, tiens, dat ik dat nog mag meemaken! Moet ik iets op drinken!
La marche gourmande mag ik niet vergeten: duizenddriehonderd deelnemers dit jaar en ik heb niet meegestapt, Geert wel. De avond voordien hebben Geert en ik meegewerkt aan de culinaire voorbereidingen
en de dag zelf heb ik me nuttig gemaakt, met een fluo-vestje aan zo’n 400 auto’s schram- en blutsloos ter parking begeleid. En oogkontakt gemaakt, en Français!
Jan Willem en Vanessa zijn hier ook geweest, met kleindochter Mara, tof tof tof.
Zijn deze zomer ook langsgekomen, in alfabetische volgorde: Bart, Jan, Jefke, Hilde, Hilke, Lieve, Maud, Malin, Rien, Sven en Wim. Heel tof, tof, tof!!!
geschreven op 25/08/2009
Ik heb de kruispuntenbank leren kennen. Dat is een computer met alle gegevens van alle Belgen, opastis inbegrepen. En op dat kruispunt zit ik vast, sta ik in de file. Op 15 juni heb ik op het gemeentehuis in Bertem alles netjes geregeld: dat we gingen verhuizen en naar waar en wanneer en dat ik De Lijn ging verlaten en dat ik op pensioen ging. Al het nodige paperassewerk werd ingevuld en ondertekend, soms zelfs met “gelezen en goedgekeurd”. Ook bij de belastingen langsgeweest, zelfde verhaal en ook veel ondertekend, zij het zonder “goedgekeurd”. Hier in Frankrijk zijn we ook al aardig gevorderd: domicilie en ziekenkas in orde, we hebben voldoende drank en we rijden zelfs al rond met een Franse nummerplaat: AC-512-LK, dat zijn de nieuwste EU-platen. Vroeger eindigde die plaat op een “12”, zijnde het nummer van ons departement Midi-Pyrénées, maar dat hebben ze afgeschaft, jammer.
Er ontbreekt nog een kleinigheid om met een Franse pas (of is het een verblijfsvergunning?) rond te lopen: een bewijs van inkomen. Een bewijs dat ik centen heb en voedsel kan kopen zonder nood te hebben aan de maaltijdcheques van de Staca. Dat die voedselbonnen een maand na het afleggen van mijn Lijnuniform met een volledige euro in waarde gestegen zijn vind ik trouwens hoogst onrechtvaardig. Vijf jaar lang heb ik net geen honger geleden en me beholpen met de Aldi-aanbiedingen en nu verneem ik dat mijn ex-collega’s de Aldi straal voorbijlopen en gaan eten in de betere frituur! Hoewel, ik klaag niet, hier in Le Cassan, huize L’Yserttout blijft Geert volop kokkerellen en nieuwe dingen uitproberen, dit alles met het oog op de toekomstige “table d’hôte”. Ik kan er maar wel bijvaren.
Juist, die kruispuntenbank: die moet mijn nieuw adres doorgeven aan de pensioendienst. Geen probleem zou je denken, gewoon met de computer doorsturen en enkele tienden van een seconde later zit je gewassen en geluierd in hun bestand. Hola hola en how-how, zo niet bij de pensioendienst! Vandaag, drie maanden later, hebben ze mijn adres gevonden en als het meevalt en er geen problemen opduiken, zou mijn dossier eventueel, hoogst waarschijnlijk en als er zich geen calamiteiten voordoen reeds begin november in orde kunnen zijn. Als ge aan de fiscus zegt dat ge in Lescure Jaoul gaat wonen, dan hebben die daar het volste vertrouwen in en sturen u prompt een afrekening waar ge efkens van naar asem moet snakken. Bij de pensioendienst moet dat drie à vier maanden duren: ik veronderstel dat ze mijn pensioen cash gaan opsturen, in briefkes van vijf euro en met paard en kar, op het ritme van “Blanche en zijn peird”, van Willem Vermandere. Zolang het maar niet “ Traagzaam trekt de witte wagen ...” van Guido Gezelle wordt!
Omdat de avonden donker worden en de temperatuur aan het zakken is zitten we binnen, bij de kachel, lekker en gezellig warm. De kachel (een occasie Jotul) is nog in testfase en we moeten nog wat leren stoken, vooral met mate stoken. Ik vind dat ze bij de firma Boomer best een soort gebruiksaanwijzing zouden mogen geven, dat in zo’n super geïsoleerd huis een paar houtblokskes voldoende zijn, we zitten hier nu met 26° C en dat is net iets te warm. Vandaar dat ik twijfel tussen TV-Vlaanderen met een fris glas witte wijn of verder werken aan de blog. Er een paar foto’s tegenaangooien, wat vertellen over de werk-vorderingen, een paar anekdotes over het dagdagelijkse Le Cassan leven, ... eigenlijk genoeg om een paar bladzijden mee te vullen, ... een andere keer.
geschreven op 14/08/2009
Alle mensen die bijgedragen hebben tot de verfraaing van l’Yserttout via de “bouwlijst”, heel erg bedankt. Jullie vrijgevigheid overtrof onze stoutste verwachtingen. Een persoonlijk gerichte bedanking volgt nog.
Ik heb er weer een paar foto’s van ons kotteke en de waterafvoer opgezet. Dat ziet er simpel uit, die rioolwerken, maar hier is dat rotsgrond en dat is iets lastiger werken dan pakweg op de Limburgse heide. Vandaar dat opastis er vermoeid en vermagerd bijloopt. Verouderd als het ware. Ik wil ‘s avonds voor de TV hangen en wat rondzappen, geen artikels moeten schrijven over l’Yserttout en vertellen hoe leuk het hier is. Het is hier begot snikheet en poeierdroog en alleen al denken aan schrijven, laat staan denken aan werken doet me overvloedig zweten. Mensen met zin voor detail zullen gezien hebben dat er op de tweede foto een fleece van De Lijn zichtbaar is. Voor de rest van de week blijft het hier zo’n slordige 35 graden, misschien kan ik die bewuste fleece beter maar bij die andere zes leggen.
En de naamverandering gezien? Opastis? Mooi gevonden door Frans en Liliane! Zij kennen mij goed en ze voelden aan hun vingertoppen dat “opabus” voorbij was, passé. Ze hebben mij een hele reeks naamsveranderingen doorgestuurd: opafrance, opapensioen, opacassan, opakassang, opas, opastis, opakoe of opaboeh, opaling, opaysser, ysseropa, cassanopa (cassanova?), lingopa, koeopa, boehopa, boempa
of foempa (van het nu stilaan gekende werkwoord foempen). Ik heb gekozen voor het toepasselijke “OPASTIS”. En daar ga ik nu eerst iets op gaan drinken, een pastis. Ter verduidelijking: drank en bar (en TV) zijn te vinden aan de caravan, werken en schrijven en computer zijn te vinden in het huis. En dit tot nader bericht.
geschreven op 12/08/2009
Dinsdag 11 augustus en ik ga er terug aan beginnen, aan de blog. Er zijn mensen die me lastig vallen omdat ze al anderhalve maand zonder nieuws zitten en das niet leuk, vooral voor mij. Ik kan het uitleggen: vroeger, in een ver verleden, woonden we in Leefdaal. Opabus had veel vrije tijd, reed af en toe met een Lijnbus rond en amuseerde zich met het schrijven van artikels. Deels om Lijnbus-ergernis te verwerken, deels omdat ik dat gewoon graag doe. Nu echter is de situatie kompleet veranderd, De Lijn? Wie? Ach, ge bedoelt die witte bussen met een gele streep? En, wat is ermee? Ik zit nu anderhalve maand in Le Cassan en ik moet nog altijd de eerste lijnbus tegenkomen. Niet dat ik erop zit te wachten, maar toch, het oogkontakt, de opstap-ceremonie, de collega’s, het uniform en de controleurs, de passanten en de donkere sokken, tante Lieve en de Staca, Peter en de voedselbonnen: allemaal weg. Als ik hier werk doe ik heel dikwijls mijn Lijn-polo’s aan, en als het ‘s morgens nog wat fris is draag ik er een blauwe Lijn-fleece bovenop. Dat doet deugd, gisteren nog ben ik in polo en fleece boodschappen gaan doen en Geert heeft me erop attent moeten maken dat ik moest ophouden met zwaaien naar de tegenliggers. En dat ik mijn bochten best wat korter mocht nemen. “Ge zijt zeker weer met uw bus aan het rijden!” zegt ze dan. Maar Geertje toch!
Het leven is hier helemaal anders, de dagen beginnen als we opstaan, let op de nuance: niet als we “moeten” opstaan, en eindigen als we slapengaan, let op dezelfde nuance. Tijdens al die vrije dagen werken we wat, richten we l’Yserttout verder in, nu nog voor het welzijn en welverblijven van toekomstige bezoekers, binnenkort voor ons eigen welzijn en comfort. Geert geraakt haar voorlopige keuken enigszins beu en kijkt uit naar de plaatsing en het gebruik van haar definitieve keuken. Komt in orde!
Bon, efkes recapituleren en er ook wat foto’s tegenaan gooien. Waar beginnen we? Waar herbeginnen we? Met het afscheidsfeest? Was heel goed, zeer geslaagd, er zijn veel beste beentjes voorgezet geweest en de sfeer, de ambiance behoorde tot de top drie van ons feestgedruis.
Nog maar een paar foto’s en ge moet weeral wat geduld hebben want vandaag, woensdag 12 augustus, heb ik met Roger zware betonwerken uitgevoerd.
Rioleerwerken voor als het nog eens regent zoals een tiental dagen geleden, verslag volgt waarschijnlijk overmorgen, tenzij ik na een zware werkdag gevolgd door een scrabble met aperitief en lekker souperen met aangepaste wijn te moe ben. Tenslotte ben ik gepensioneerd, vogelvrij, sorry, werkvrij en 62 jaar oud verklaard. Maar kijk maar uit naar toekomstige schrijfsels, bv. over een bosbrand op zo’n 300 meter afstand met 86 pompiers en 32 bluswagens en veel verkeer in Le Cassan, een blikseminslag met als gevolg internet en van die dingen foetu en “La Marche Gourmande” Allemaal heel erg boeiend met heel mooie foto’s. Ge krijgt van dat alles een uitgebreid verslag, met commentaar en uitleg en nog veel meer. Allez, nog wat geduld en tot heel binnenkort.
geschreven op 21/06/2009
Door een misverstand (?) met telenet waren we iets te vroeg afgesloten van internet en telefoon. Gelukkig zijn we tot 1 juli terug bereikbaar (in België).
Verslag van het afscheidsfeest volgt, en blijkbaar heeft zoon Pieter ondertussen de foto’s gepubliceerd.
Alle foto’s van het feest zijn te zien op http://www.flickr.com/photos/fireboomer/sets/72157620087586812/.
geschreven op 12/06/2009
Tis mislukt. Ik had nog zo gehoopt mijn Lijn-carrière in schoonheid te eindigen, het mag niet zijn! Ik heb vandaag 12 juni van De Lijn een klacht gekregen onder de codificatie 9.1.7. service chauffeurs: conflicten met andere weggebruikers. En daar zijt ge toch effen niet goed van. Niet op je effen dus. Ik heb op 30/04/09, om 13u35 een gevaarlijk maneuver uitgevoerd. Sorry, een zeer gevaarlijk maneuver, juist is juist en dus voel ik mij verplicht de klacht letterlijk te citeren:
tatati en tatata en eerst wat informatie over plaats en tijd en busnummer, en nu “de chauffeur heeft een zeer gevaarlijk manoeuver uitgevoerd op Woluwedal. Mijnheer kwam aangereden met zijn wagen, hij moest bruusk stoppen omdat de bus plots drie rijvakken overstak. Mijnheer heeft getoeterd waarop de chauffeur met zijn hand een schunnig gebaar maakte”. Einde citaat.
Nu verwacht De Lijn, explotatie Leuven, van mij een antwoord. Lieve mensen, ik herinner me van geen kanten welk gebaar ik op 30/04 om 13u35 gemaakt heb. Dat is tenslotte al enkele weken geleden en mijn kort geheugen is al niet veel beter dan mijn lang geheugen, zodoende! Wat ik wel weet is dat ik de gewoonte heb om mijn duim op te steken naar “storende” weggebruikers, in de stijl van:” goe bezig menneke, doe dat nog maar een paar keer!”. Maar dat is bijlange niet schunnig, dat is eerder opvoedkundig verantwoord. Zou het kunnen dat ik in een plotse ondoordachte opwelling mijn middenvinger opgestoken heb? Of, o gruwel, mijn bloot gat door het raam heb laten zien? Dat laatste geloof ik nooit want ik ben zeer zuinig met het in het openbaar laten zien van blote onderdelen. En ik had plots drie rijvakken overgestoken? Had die meneer gezegd 1 of 2 rijvakken, dan zou dat eventueel, in het beste geval, nog gekund hebben, maar drie??? Mag ik mijn gedacht eens zeggen? Die meneer lijdt aan een Lijnbus-fobie, behoort tot het soort weggebruikers dat niet verdraagt dat een bus voorrang neemt als hij zijn halte verlaat. Klacht verworpen, zou ik zeggen. Maar stelt dat de Lijn, in al haar wijsheid, besluit om de klacht toch te aanvaarden, dan verkies ik een gevangenisstraf boven een geldboete!
geschreven op 12/06/2009
Zopas een leuk mailtje ontvangen, ah que ça fait du bien. Ik denk dat we welkom zijn in Lescure!
Bonjour,
Les valises sont certainement bouclées, et le déménagement prêt, nous sommes ravi de vous accueillir comme nouvel habitant à Lescure-Jaoul. Vous allez devenir Lescurois et Lescuroise.
à très bientôt.
Nelly Lacombe
En wie is Nelly Lacombe? Nelly is een belangrijke Lescuroise, une Lescuroise importante, de rechterhand van de burgemeester van ons gemeente. Waarbij ik Nelly kan beloven que bientôt le blog sera bilingue, en Français et en Flamand, mais alors, il faut que la voisine, Léa, corrigera les fautes!. Waarom moet ik nu plots aan de paus denken? Expression Néerlandaise:” Zaaaalig Paasfeest!”? Ik zie eerlijk gezegd geen verband.
Geert vindt dat ik een bericht moet sturen telkens als er een nieuw artikel verschijnt. Zelf vind ik dat niet zo’n goed idee, maar “ce que femme veut, Dieu le veut”, of een gezegde dat daar op gelijkt (binnenkort vraag ik dat aan Léa).
Bon, wie de blog leest en niet verwittigd wordt van een nieuw schrijfsel mag nu zijn email-adres opgeven. Misschien wordt die dan opgenomen in de L’Yserttout-lijst. Pas op, ik ben daar redelijk streng in, niet de eerste de beste Vlaams Blokker wordt zomaar toegelaten, eigen schuld dikke bult, ge moest maar niet op het VB stemmen. En de LDD stemmers moeten nu niet lachen, hun kandidatuur hangt ook aan een zijden draadje. Waarmee ik maar wil zeggen dat uw aanvraag moet vergezeld worden van een paar serieuse gegevens: sexuele geaardheid bijvoorbeeld: homo, lesbienne, noch mossel noch vis, hetero of misschien een bospoeper? Een recente foto moet er ook bij met uw afmetingen (de hoogte van de logeerkamer is niet voor steltlopers) en het vermelden van uw hobby’s, waarbij doe-het-zelvers een absolute voorkeur krijgen. Ook heel belangrijk: uw drankvoorkeur, geheelonthouders besparen zich best de sollicitatie-moeite. En ook of ge een beetje kapitaalkrachtig zijt: er zijn al genoeg profiteurs die in L’Yserttout willen komen logeren. Eigen volk, pardon, eigen centen eerst!
geschreven op 6/06/2009
Serge Foulquier is in Le Cassan met de voegwerken begonnen. Ik kan de werken ter plaatse niet meevolgen en bewonderen, heel spijtig. Volgens de foto’s die buur Jon doormailt ziet het er veelbelovend uit! We gaan op een of andere manier die stomme telefoon- en elektriciteitspaal moeten zien te verwijderen, dat is esthetisch niet verantwoord. Begin juli zijn we ter plaatse (nog 24 dagen) en dan volgt er een uitgebreid verslag.
Ondertussen is er nog een kleinkind bij: het luistert naar de naam Malin, het woog bij de geboorte 4,3 kg en we gaan het straks bezoeken en de fiere ouders, Maud en Wim, feliciteren.
Tot binnenkort voor meer nieuws en foto’s.
geschreven op 3/06/2009
Ook dat artikel in de krant gelezen? Of op het nieuws gehoord? Dat de Lijn zich een beetje vergist zou hebben en in 2008 een paar miljoen reizigers teveel zou geteld hebben? Daar heeft een professor en zijn team veel tijd ingestoken om dat te becijferen. Dat konden ze toch evengoed aan mij vragen? Ik hou me al een paar jaar bezig met het opvolgen van het aantal reizigers, vooral tussen Leuven en de Luchthaven van Zaventem en omgeving. Niet dat ik die cijfers ga publiceren, in ieder geval nu nog niet, maar als ze bij de Lijn geïnteresseerd zijn, voor hun statistieken ... in ieder geval lijkt het me verstandiger om eerst foutloos mijn 20 laatste dagen Lijnparcours af te leggen.
Van de Vreken, woordvoerder des Lijns ontkent heftig en beweert dat er bv. nog steeds klachten komen van te volle bussen ondanks de toename van 42 % bussen. Zou het kunnen, zou het heel misschien kunnen dat die 42% bussen niet ingelegd zijn op de drukste routes? En dat er daar veel van rondrijden op tijden dat er gewoon niemand behoefte heeft aan een bus? Alles kan bij de Lijn! Ze beweren bv. dat de abonnees in de stad gemiddeld 90 ritten doen per maand en buiten de stad 52 ritten. Denk toch eens na mensen!
Van de Vreken zegt ook:"De onderzoekers (die prof en zijn team dus) komen uit op zo weinig ritten dat abonnees meer zouden betalen per rit, dat houdt toch geen steek.” Kan er mij iemand de betekenis van die zin uitleggen? Ik weet als Lijnchauffeur veel af van abonnementen en van ritten, maar die zin snap ik niet, die houdt echt geen steek.
Hoe zou het zijn met de betekenis van “passanten”? Zou Els dat al gevonden hebben? Volgens mijn opzoekingen zijn passanten de strepen die zich op de epauletten bevinden. (Wat zie je op opabus zijn epauletten? Op opabus zijn epauletten zie je twee gouden passanten.) Nu nog op een bevestiging van Els wachten.
Niet lang geleden kocht ik in de Aldi een GPS toestel, een Medion. Kompleet overbodig voor Geert maar héél nuttig voor mij. Dat ding doet zijn werk naar behoren, meer nog, het geeft zelfs extra nuttige informatie. Eender waar je bent in België of in Frankrijk en andere landen, steeds kunt ge op dat scherm zien waar zich de dichtsbijzijnde Aldi bevindt. En wat stelde ik tot mijn grote vreugde vast? Kort bij Le Cassan is er een Aldi. Enfin, dat kort is relatief, volgens diezelfde GPS moet je er 20 km voor rijden, via de korste weg. Maar waarom zou ik nog de dichtsbijzijnde Aldi opzoeken? Vanaf volgende maand is het gedaan met de voedselbonnen, kan ik mijn madam niet meer naar de Aldi sturen met maaltijdcheques: “allé, haal eens een tros bananen voor mij”. Tenzij Greet Van Pee, van de Staca, mij als afscheidscadeau een pakje van die cheques zou geven om de eerste Zuid-Franse weken te overbruggen? Om de dorstigen te laven en de hongerigen te spijzen?
geschreven op 30/05/2009
wordt er aan ons gedacht!
Weg zijn jullie
Op naar een ander bestaan
1000 kilometers hier vandaan
maar weet we komen eraan.
Een reis met een nieuwe start
De start van een nieuw leven.
Steen voor steen kwam er een huis
Met jullie warme harten
Wordt het vast een echte thuis.
Een ritje tot Le Cassan met de Lijn
Zou iets te ver zijn.
En zonder Willy aan het stuur
Wordt het zeker te duur.
Dus we hopen op een ritje in de streek
En de gerechten proeven we dan van Geert.
Leef en geniet
Heb vreugde en geen verdriet
Blijf gezond
Met een glaasje wijn… op tijd en stond
Salut, het gaat jullie goed
In alles wat ge doet
Groetjes
Hilde & Jan
Ah, dat pakt ons, dat ontroert ons! Vijf strofen rijmelarij om ons te steunen in het afscheid nemen. En dat terwijl we helemaal geen afscheid nemen: we gaan simpelweg verhuizen, een beetje verder wonen. Als er een feest of receptie gegeven wordt, dan is dat gewoon omdat Geert graag feesten geeft. Ondertussen kunnen we eens ons familie en al ons vrienden vragen en veel cadeaus krijgen. Vooral dat laatste vind ik heel belangrijk en het moet gezegd, de bouwlijst wordt bekeken en de verkoop begint te draaien. De verlichting van de waterput is een feit en de tractor zal overuren moeten draaien. Nog even benadrukken: er mogen 4 (vier) rondjes gereden worden, tenzij ge erin slaagt om de flos te pakken, dan moogt ge een extra rondje rijden. Naast mij aan tafel, aan mijn linkerzijde zal een echte BV zitten. Er is zwaar op de prijs afgedongen want het is, om haar woorden te citeren “een belegen BV” en nee, het is niet de nog meer belegen Lutgart Simoens, maar ge zit in de goeie richting. Een koppel wil met opabus meerijden op de Lijnbus en betaalt daar 60 euro voor. Goed zot, pak dan toch gewoon de bus en koop een kaartje, dat kost je maximum 2,70 euro. Wat een verspilling!
Ik ga jullie op tijd en stond op de hoogte houden, lijkt mij een leuk idee.
geschreven op 2/05/2009
Eindelijk kan ik overschakelen van de Yserttout-blog naar een echte website! Met dank aan Bart, de webmaster. Sta even stil bij de prachtige achtergrond en bewonder Lescure Jaoul. Bemerk ook dat er een blog is, een archief, een bouwlijst en een contact.
Over die bouwlijst heb ik al geschreven in een vorig artikel, namelijk het “afscheidsfeest”, gepubliceerd op 2 april en terug te vinden in het archief..
Die bouwlijst staat nu uitgewerkt met foto’s en uitleg op de website. Wel, wel, wel, wat er allemaal niet mogelijk is.
geschreven op 2/05/2009
Vorige vrijdag ben ik gaan luisteren naar Peter Dedecker. Voor hij zijn babbel begon was hij nog gewoon wetenschapper, na zijn babbel was hij gepromoveerd tot “Dokter in de Wetenschappen”. Simpel.
Ik heb aandachtig geluisterd, een paar “to the point” vragen gesteld en mijn besluit staat vast: van zodra ik gepensioneerd ben ga ik me toeleggen op het kweken van fluoriserende vissen. Ik heb een handleiding en Peter zal me begeleiden. Ge moet gewoon een beetje verstand hebben van “The photophysics of the fluorescent protein Dronpa and its application in diffraction-unlimited fluorescence enzovoort”, maar dan toegepast op zoetwatervissen natuurlijk. Het voordeel is dat ikzelf geen onderzoekswerk meer moet doen: alleen een paar moeilijke formules onthouden en beschikken over zeer zuiver bronwater. Dat onthouden van formules moet de komende paar jaar nog lukken, dat zuiver bronwater hebben we in overvloed. Jef zal wel zorgen voor een paar dozijn visjes (voorn, bliek, zwaardvis en zo) en ik geef ze een fluo-kleurtje.
Zonder twijfel wordt dat een toeristische topattraktie in Le Cassan en een commerciële voltreffer. Massa’s volk gaan er toestromen en huiswaarts keren met blauwe, groene of zelfs roze fluovisjes. Twee kopen en een derde gratis. En als ik hier nog lang ga zeveren zal ik vroegtijdig dement verklaard worden en zal mijn blog alleen nog gelezen worden door ondergetekende, altijd maar opnieuw. Alhoewel, er zijn mensen rijk geworden met nog onnozeler ideeën. Héél rijk. Trouwens, voor wie het niet gelooft: bekijk de volgende foto maar eens!
Nog 29 dagen werken, de gekende laatste loodjes verteren en dan met ons hele hebben en houden en mijn fluo-handleiding naar Lescure Jaoul, Le Cassan, L’Yserttout verhuizen. Dus naar het zuiden. Ik stel voor dat ge op tijd uw vissen bestelt en vooral niet vergeet de kleur op te geven. Aan huis afleveren zal iets duurder zijn.
geschreven op 2/05/2009
Omdat velen het jammer vinden dat het kerkje van Lescure Jaoul verborgen is achter tekst (er is juist niks van te zien), hierzo, een aparte foto. En daarbij nog een paar foto’s van de omgeving.





geschreven op 2/05/2009
Voor een keer ben ik niet akkoord met Geert. Niet dat ik nu mijn eigen goesting ga doen, maar ik ben niet akkoord. Mijn idee is (enfin: was) die bouwlijst, alias bijdragelijst voor ons afscheidsfeest op 20 juni, nu al te publiceren. Ik heb Geert proberen uit te leggen waarom. Pfiew, ons Geert kan goed koken, maar ze is een commerciële ramp. Luistert, ik ga het uitleggen.
Ik ben voorstander om mensen eerst te laten betalen en dan een uitnodiging te sturen. Gewone mensen betalen bijvoorbeeld 10 euro om te mogen komen. Wilt ge boven het ordinaire gepeupel staan en aan de eretafel zitten, dan betaalt ge 100 euro. En wilt ge naast opabus zitten, aan zijn linkerkant, dan betaalt ge 1000 euro. Ge moogt dan eten en drinken à volonté.
Geert was niet akkoord.
Nochtans, wat denkt ge te moeten betalen om een avond naast een zogezegde BV te mogen zitten, bijvoorbeeld naast Nicole en Hugo? Tienduizend euro? En die kunnen niet eens met een bus rijden! OK, dan is er soms wel een goed doel aan verbonden en wordt dat geld doorgestort naar arme kindjes met grote honger die lid zijn van Artsen zonder Grenzen. En wat dan nog? Wij gaan wel verhuizen zunne!!! Wij gaan ons dierbaar België, o heilig land der vaad’ren, verlaten met pak en zak en as! Daar gaat ge wel niet dood van maar ik ben er wel moeten voor op pensioen gaan, op 62 jaar en aan 758 euro per maand. Ik ga geen honger moeten lijden maar misschien wel zwaar afzien van de dorst! Dus vind ik dat vooraf storten een heel goed idee is, om aan mijn linkerkant te mogen zitten.
Enfin, het mag niet, ... er zijn geen commerçanten meer!
Ons Geert is gaan slapen, het goeie moment voor mij om rap efkes vals te spelen: ga toch maar eens kijken op de bouwlijst. Kies iets uit de lijst, laat u maar eens goed gaan en stort in alle stilte op 083-4624607-38, maar ssstt ..., niks zeggen ...!
geschreven op 2/05/2009
Mijn hart doet pijn en bloedt overvloedig, het einde nadert, nog minder dan 40 werkdagen en ik ga De Lijn, de Staca en mijn dierbare bussen verlaten. Gedaan met belevenissen waar altijd iets leuk over te schrijven viel, gedaan met kleine en grote ergernissen waar ik ook al iets over schreef. Gedaan met dromen van L’Yserttout en stoppen aan haltes om iets te noteren op lijnticketten.
Awel, als dessert en om in schoonheid te eindigen nog één Lijnartikeltje. Niet dat ge het moet lezen, maar ik wil het kwijt want anders blijf ik er tot jaren na mijn pensioenstart mee zitten!
De laatste dagen heb ik regelmatig lijn 651 gereden, van 17u tot 24u30 (ongeveer), en dan passeert ge zo’n zes keer langs de cargo-afdeling van de luchthaven van Zaventem. Het is daar tegenwoordig beangstigend kalm, een paar keer stond daar zelfs geen enkel vliegtuig te laden of te lossen, stilte alom. Het zal crisis zijn zeker? Ondertussen passeren daar gedurende dezelfde tijdspanne tientallen bussen van De Lijn, leeg of met een paar passagiers. Crisis? Welke crisis?
En nu ook nog een positieve Lijn-noot!
Sedert 15 april hangt er een schrijven, een dienstbevel van De Lijn aan het prikbord. We mogen rondrijden met een polo, i.p.v. de klassieke uniform-attributen: hemd, das en epauletten (passanten). Vijftien april, dat is vroeger dan andere jaren, en dat bewijst dat de Lijndirectie beseft dat de opwarming van de aarde een feit is en het dragen van een luchtige polo vanaf 15 april verantwoord is. Om een hoge peut, sorry, piet van De Lijn te citeren: “wij houden de vinger op de pols en volgen de situatie op de voet!” Ah, wat een geruststelling, De Lijn is in goede handen. Toch eigenlijk wel straf: tot 15 april riskeert ge bijna een gevangenisstraf als ge durft rondrijden zonder das , en nu moogt ge plots kiezen: een hemd met epauletten maar zonder das en bovenste knoopje open (!) of een simpel poloke. Leg het de reizigers maar uit!
Ik twijfel nog: ga ik mijn epauletten (8 stuks) en mijn dassen (6 stuks, waarbij 1 splinternieuwe) op ebay.be verkopen of op 2dehands.be? Zou dat veel geld opbrengen? Tenslotte zijn ze gedragen door opabus en dat betekent een serieuse waardevermeerdering.
De Lijn blijft altijd spreken van “passanten” in plaats van epauletten. Volgens mij zijn passanten zoiets als voorbijgangers en heeft dat niets te maken met die gestreepte schouderstukken. Tiens, dat moet ik eens aan Els vragen. Els is baas van de bibliotheek van Wetteren, is daar bibliothecaris en dus heeft ze ongelooflijk veel naslagwerk ter beschikking om dat eens op te zoeken: wat zijn passanten?
Misschien had ik toch beter nog een paar jaar doorgereden, tot mijn 65ste. Wie weet gaan ze met de opwarming van de aarde het Lijn-uniform niet definitief afschaffen? Maar dan moet ik mijn mening herzien: hoe meer bussen er rondrijden, zelfs zonder reizigers, hoe rapper de aarde opwarmt en hoe sneller ze dat uniform gaan afschaffen? En ook, ik had nu eindelijk de juiste houding gevonden, met veel oogkontakt. Mijn ingesteldheid had zowaar de perfectie bereikt:
* werken de zonneschermen niet of zij ze te klein? Doe je ogen toe en rij verder.
* piept de chauffeurszetel bij ieder putje of bultje? Das goed, blijft ge wakker van.
* warmt uw cola op in de bekerhouder als de verwarming van de bus opstaat? Warme cola is ongezond, giet er soep in.
* rijdt ge de helft van uw dienst rond met een lege bus? Zaag niet en zet uw verstand op nul.
* rammelt uw bus zo ongeveer uit elkaar? Zet uw radio of MP3 speler op maximum volume.
Maar ook voor de Staca wil ik eindigen op een positieve noot: ik ben altijd, iedere maand opnieuw stipt betaald geweest, tot de laatste centiem. Het zou er nog aan mankeren ook.
Er is groot nieuws! Jawel, de geboorte van het eerste kind van een hele reeks bij Hilke en Bart en tis een ventje, Jef, en schoon dat ie is, is groot nieuws!
Maar er is super-groot nieuws over de blog en een afscheidsfeest en l’Yserttout, uitleg krijgt ge binnenkort, ten laatste over 10 dagen. En ondertussen kan Els dat van die passanten opzoeken.
geschreven op 4/04/2009
Op mijn Lijnbusronde passeer ik al eens het woonhuis van een of andere vriend of bekende. Galant als ik ben, en ook bezorgd, maak ik ze dan via een sms-berichtje attent op een of ander probleem, of zelf gevaar. Bijvoorbeeld dat ze de lichten hebben laten branden, of dat hun garagepoort nog open staat, soms ook dat hun auto niet netjes geparkeerd staat. Alles in functie van de vriendschap. Frans, van Winksele, had zondagavond zijn chique donkergroene Audi niet correct geparkeerd, teveel met de neus op het voetpad, vond ik. Dus een berichtje gestuurd in de hoop dat bij een volgende passage (ik reed lijn 352) zijn voiture minder opvallend zijn snuit zou laten zien. Belangrijk detail: het was al donker, na 22 uur en dus creëerde dat volgens mij een extra gevaarlijke situatie. Nog een verduidelijking: onze Frans had een berichtje teruggestuurd dat zijn oprit “pertang” verlicht was! Aan de volgende halte direct een reactie van mijnentwege dat het misschien wel “pertang” het geval was, maar niet “perbus”. Je moet een beetje Westvlaams taalgevoel te hebben om de woordspeling te vatten: “per tank <=> per bus”, snap je het?
Ik publiceer hier zijn reactie, het bespaart mij een artikel, en het mag, zei hij.
In verband met het li(ch)(g)t op straat
° er is meestal licht op de straat = openbare verlichting
° meestal slaat dat op des avonds en des nachts, als het donker is buiten (daar waar geen verlichting is)
° begrijp langs geen kanten wat je bedoelt met ‘’jaja, maar niet per bus”
- heeft dit betrekking op een brievenbus?
- heeft dit betrekking op een bus van De Lijn?
- heeft dit betrekking op een andere bus, waarvan ik het bestaan niet ken?
° in Winksele is het de gewoonte om de auto, die op een op(af)rit staat, zo te plaatsen dat deze geen gevaar vormt voor in eerste instantie een doordeweekse voetganger; een voetganger die tijdens het weekend voorbij komt, is uiteraard niet doordeweeks, hij/zij weet perfect waaraan hij/zij dient te houden. Voor een lijnbus zou dit ook geen gevaar mogen zijn; maar oh wee!! Spaar ons in de gemeente van halstarrige De Lijn chauffeurs, die gezeten op hun verhoogde & voorverwarmde zetels, op het normale geupel neerkijken, en dan ook nog
hun opgehitste & aberante SMSen de wereld insturen, om zich ervan te vergewissen dat de modale burger direct in het gelid springt & een onderdanige buiging maakt bij het doorsuizen van een accordeon- of andere geleedkundig vervoermiddel.
Om maar te zwijgen van de brutale en bruuskerende toetergeluiden die menig De Lijnvervoermiddel ten gehore brengt als de modale en neerbuigende burger niet diep genoeg neerbuigt.
Heb al menig ongenoegen en gemor mogen waarnemen in de buurt, en wel van zodanig niveau dat maatregelen zouden kunnen genomen worden om paal en perk (ook wezemaal en diegem) te stellen aan deze uitvergroeide ramp; misbakken vorm van irregulariteit.
frans
En nog iets, beste Frans, uw reactie ontgoocheld mij een beetje. Het klinkt wat hautain, wat spottend, precies of je neemt De Lijn niet au sérieux! Ben je dan vergeten, beste Frans, dat je eigenste schoonvader,
Jan Crabbé, tot de pioniers van het openbaar vervoer behoorde? Dat hij bij de eerste chauffeurs van de Staca was? En dat hij in die langvervlogen tijden voor 4 uur ‘s morgens met zijn bus vertrok om de mijnwerkers naar hun koolputten in het verre en toen nog onbekende Limburg te brengen? Denkt daaraan Frans, als er nog eens een Lijnbus uw huis passeert.
geschreven op 2/04/2009
Natuurlijk gaan we op zaterdag 20 juni niet iedereen kunnen vragen, zo’n 160 genodigden is het maximum. Trouwens, die uitnodigingen zijn nog niet voor direct, maar ik kan nu al zeggen dat niemand, maar dan ook niemand zal vergeten worden: van het feest komt er een verslag, een artikel, zo natuurgetrouw geschreven dat afwezigen de indruk zullen krijgen dat ze erbij waren.
Betreffende dat feest heeft Geert een heel goed idee en daarom wil ik daar een beetje over uitweiden.
Veel mensen komen naar een feest met bloemen of een fles wijn: niet doen! Die bloemen verslensen na een paar dagen en belanden op de composthoop en van die flessen wijn herinner je je achteraf alleen maar de kater. Daarom stelt Geert een beter systeem voor. Iedereen zal via een Le Cassan-bankrekening een “gerichte” bijdrage kunnen leveren en op die manier kunnen meewerken aan de inrichting en de afwerking van zijn of haar toekomstig vakantieverblijf. Er komt een lijst met allerlei nuttige zaken: zakken cement, gyprocplaten, terrasplanken en andere benodigdheden. Je zal dus kunnen kiezen welk onderdeel van je toekomstig vakantieverblijf een soort gedenkteken of stempel moet krijgen in de zin van: “dank zij de steun van onze vriend Sef Quaghebeur is dit project succesvol gerealiseerd”. Dat is veel beter dan geld te verspillen aan bloemen of aan een paar flessen flutwijn.
De mogelijkheden tot het kopen van een onderdeel of zelfs maar een pietluttig detail van het huis zullen talrijk zijn en geschikt voor ieders beurs. Wat dacht ge van een lavabostop of een nieuwe ontsteking voor de foemper ter waarde van 50 cent? Of een halve vierkante meter voegwerk, zo’n 20 euro waard? Tien vierkante meter terrasplanken kan ook, minstens 250 euro waard? Of 25 liter water voor het zwembad, helemaal gratis, voor de sukkelaars?
Hendrik, getrouwd met Lieve, is een wijs man, een echte psychiater met veel nuttige ervaring. Wel, Hendrik beweert dat niets zo bevorderend is voor een perfect vakantiewelzijn dan het gevoel te hebben om “een beetje thuis te komen”. Hendrik zegt dat hij een halve muur gaat kopen! Met in het midden van die muur: zijn foto.
Ik zie toekomstige vakantiegangers al zachtjes een steen beroeren, met een gelukzalige glimlach en in het heerlijke besef dat ze op dit intieme moment hun eigenste stukje “L’Yserttout-investering” aanraken. En stelt dat ge die bijdrage ook nog eens fiscaal zou kunnen aftrekken? Tenslotte moogt ge stortingen voor bv. Artsen Zonder Grenzen toch ook fiscaal in vermindering brengen? Ik mag niet vergeten dat aan Brigitte te vragen, zij weet al die dingen.
Enfin, het moet allemaal nog netjes en gebruiksvriendelijk uitgewerkt worden zodat het lijkt op een soort trouwlijst, in ons geval bouwlijst, waarvoor nu alreeds mijn dank aan de firma Blau.
Alhoewel, een groot probleem steekt dreigend de kop op: wegens dat verwarmd zwembad met bar en sauna en dat luxe terras met nog een bar en een zonnebank, allemaal dank zij jullie bijdrage, zal de vakantiehuur natuurlijk ontieglijk duur worden. En dan gaan alleen nog onze heel rijke vrienden op vakantie kunnen komen en aangezien Bart zegt: “hoe rijker, hoe stinker”, hebben we dat liever niet.
Nu moet ik hard nadenken en een oplossing zoeken, maar dat is voor volgende keer, want opabus en nadenken .....
geschreven op 4/03/2009
Ik heb nagedacht en nu heb ik natuurlijk hoofdpijn, en nog geen klein beetje ook. Maar met resultaat want ik heb de perfecte oplossing voor mensen die graag betaalbaar op vakantie komen naar de “Chambre d’hôte L’Yserttout”, annex eetgelegenheid. Die eetgelegenheid, dat wordt de kers op de taart van het verblijf in Le Cassan, maar dat is Geert haar afdeling.
Hoe gaan we het doen? Wel:
Heel rijke mensen, die sturen we naar een vijfsterren hotel in Albi. Of naar Karel en Marleen in Le Ran, zou ook kunnen. Dan kan Karel er nog een blote-madammen-schilderij bijmaken zodat ge kunt zien hoe vergankelijk rijkdom wel is.
Heel arme mensen, die sturen we gewoon terug naar huis.
De rest is welkom, maar liefst een beetje deftig, niet de helft van uw vakantietijd rondlopen zoals buur Christian erbij loopt: met zijn broek half open. Maar hij heeft er wel een goeie uitleg voor:"quand la porte est ouverte, c’est que le petit oiseau est mort.”
De 2 + 2 studio, met de ronde poort, zal bestaan uit een ruimte met slaapdivan, kichinette, was- en plasmogelijkheden, plus nog een aparte slaapkamer met andere mogelijkheden. Om het ouderlijk comfort optimaal te verzorgen zullen lastige kinderen hun tentje mogen opslaan in de tuin. Onder toezicht van opabus.
Mijn streefdatum voor het verhuren van de studio is vanaf 1 juni 2010, die van Geert daarentegen ....enfin, ge gaat vroeg moeten reserveren, anders wordt het aanschuiven in de gekende rijen van drie.
Al die luxe, al dat supercomfort gaan we aanbieden tijdens het hoogseizoen voor 355 euro per week. Niks geen reden voor hoofdpijn tot nu toe, een schappelijke huurprijs voorstellen dat kan iedereen. Maar nu komt mijn gericht denkwerk naar boven: de “toekomstgerichte meerweken vakantie-verhuur met garantie”. Op voorhand 4, 8 of zelfs 12 weken huren (en betalen) met aangepaste kortingen en met de mogelijkheid om na de eerste twee weken de rest te annuleren en je geld terug te vragen, bijvoorbeeld omdat je de Aveyron met zijn prachtige natuur, zijn pittoreske dorpjes en zijn kunststeden maar niks vindt. Of omdat opabus zijn handen niet kan thuishouden. Geef toe, geniaal denkwerk.
Voor wie het nog niet snapt een voorbeeld: je huurt 6 weken aan de verminderde prijs van 325 euro per week of 9 weken aan 310 euro per week en die weken soupeer je op wanneer het je best uitkomt en desnoods gespreid over verschillende jaren (max. 8 jaar). Als je na de tweede week vindt dat er betere
vakantieoorden zijn, de Côte d’Azur bv., dan geven we je met plezier (gggrrrrr) het resterende bedrag terug, met vermindering van, ik zeg zo maar iets, 15% onkostenvergoeding.
Aangezien mijn hoofdpijn voorbij is ga ik dat nu verder uitwerken. Wie ook aan het nadenken is mag altijd commentaar geven, een mailtje sturen of een asperientje vragen. Ieder verstandig voorstel zal mijn volle aandacht krijgen. Nog effe samenvatten: er gaat 5 euro per week af, dus 10 weken reserveren komt op 305 euro, in het hoogseizoen (vakantieperiode). In het laagseizoen gaat daar simpelweg nog eens 90 euro van af. Niet te geloven.
Natuurlijk blijven de werkvakanties met veel kost en weinig inwoon geldig. We zorgen zoals altijd voor gratis logement en lekker eten.
Van dat lekker eten ben ik zeker, dat logement daarentegen kan een tent of caravan zijn, of in open lucht, er is een prachtige sterrenhemel te bewonderen in de Aveyron. Reserveren hoeft niet, je bent welkom. En vergeet vooral niet je sport-outfit mee te brengen: de foemp-schietstand behoort tot de prioritaire werken.
geschreven op 3/03/2009
Prachtig nietwaar, die zonsondergang? Was te bewonderen in Le Cassan, eind februari. We hebben schoon weer gehad en dat heeft iet of wat autopech gecompenseerd en ook een paar discusies zijn stillekes met de zon mee ondergegaan.
Wat is er zoal gebeurd tijdens de krokusvakantie? Onkruid gewied, haag geplant en ook bessenstruiken en frambozen en van die dingen met stekels. De afvoer en toevoer van ‘t water is provisoir in huis gelegd en 220 volt is een beetje verdeeld. Met of zonder goesting iedere avond gescrabbeld en geaperitiefd (tiefde, getiefd, met goesting), lekker gegeten en video’s bekeken vanuit ons caravanbed!
De eerste dag had ik een spade, een hark, een viertand en veel goede moed bovengehaald. Gerief dat van pas komt om aan voorbereidende natuurwerken te doen en de vroegere groententuin om te vormen tot een toeristisch aantrekkelijk geheel. Daar moet ooit een zwembad komen, een pétanquebaan en een foemp-schietstand. Dat zwembad, das voor Geert, die pétanquebaan, das voor echt oude mensen, maar die foemp-schietstand: woeha!
Enfin, ik was druk bezig aan de straatkant onkruid bestaande uit vuistdikke bramen en dergelijke te verwijderen toen Roger langskwam: “Allé joeng, steekt dat toch in brand!” Maar dan in het Frans: “Bonjour mon grand ami Willy. Il y a le vent du nord d’une force de 2 à 3 beaufort, connu dans la région comme le vent d’autan, alors je peux peut-être vous proposer une meilleure solution, donnez-moi un briquet que je puisse mettre le feu a ces mauvaises herbes. Et pendant que ça brule, on discutera des problèmes bancaires et politiques de votre pays natal.”
Ik heb hem stekskes moeten geven want van al ons aanstekers is het ontstekingsmecanisme gedemonteerd. In de voorbije zomervakantie was dat een onmisbaar onderdeel van het foemptoestel, om patatten af te vuren.
Van het tuinwerk zijn we weer eens tevreden, eigenlijk van de rest ook, behalve van de ramen voor de kelders. Geert had die correct opgemeten, maar als opabus in zijn dementerende toestand de hoogte met de breedte verwisselt is er sprake van enig plaatsingsprobleem en ook esthetisch is dat minder geslaagd. Soit, ook die discussie is met de zon ondergegaan.
Ik moet nog een typisch streekverhaal vertellen, ook leuk: Geert heeft gekookt voor ons 96-jarige tante Tati, en dus ook voor achterneef Christian. Steak béarnaise met fritten, niet speciaal moeilijk voor ons superkokkin, zij het dat Geert ook hun keuken voor dit eetfestijn ingepalmd had. We denken dat Tati en Christian de laatste tien jaar niet meer zo lekker gegeten hebben, we denken ook dat hun keuken in dezelfde laatste tien jaar niet meer gekuist is. En zoals altijd ten huize Christian en Tati: één diep bord en één glas: voor aperitief, soep, voorgerecht, hoofdschotel en dessert. Dat went, want van vorige gelegenheden kennen we hun gewoontes: altijd brood op tafel om uw bord mee uit te vegen en op tijd uw glas leegdrinken of ze kappen er pernot bij, of wijn, of koffie. Voor henzelf, ge gelooft het niet, gieten ze een bodemtje wijn in dat glas en de rest vullen ze aan met water. Verschrikkelijk echt waar, het moest bij wet verboden worden!
Tante Tati, in haar 96-jarige culinaire euforie, stelde deze keer voor om na de koffie nog een glas champagne te drinken. Voor ons geen probleem, een frisse bubbel na een copieuze maaltijd kan altijd en dus hoopten Geert en ik op andere glazen, van die fluitglazen, een goeie champagne waardig. Weet ge hoe “Veuve Cliquot” smaakt in glazen waar ge zojuist koffie uitgedronken hebt en die nog lauwwarm zijn? Weet ge dat niet? Maar best ook!
Omdat we willen dat Christian en Tati in de toekomst het verschil zien tussen een glas Gaillac (AOC van 2005) en dezelfde Gaillac maar aangevuld met 4/5 water heeft Geert die glazen afgewassen: met een schuursponsje en Cif.
Ik moet nog iets vragen: wie (man of vrouw) heeft een rijbewijs C en heeft goesting en tijd om vanaf vrijdagavond 26 juni tot maandagavond (dinsdagmorgen?) 29 juni met de verhuiscamion mee te rijden? Opabus heeft een “king-size"verhuiswagen gehuurd en zou een tweede chauffeur op prijs stellen. Kandidaten mogen mailen naar .
geschreven op 9/02/2009
Als ge naar hun blog gaat op: http://tweekleinewegenstraat28.blau.be/, dan vindt ge daar ook zo’n letterfantasie. Poepsimpel. Wel efkes op klikken, met de muis.
geschreven op 2/02/2009
Of: “een dag uit het leven van een Lijnbuschauffeur”.
Mijn werk begon dinsdag 10 februari om 13u44 en dienst 30 eindigt om 22u18. Zeventien busritjes tussen Roodebeek en Zaventem Luchthaven (Brussels Airport) op een gewone weekdag. Ik heb bij: twee bananen, één sinaasappel, één appel, een halve liter spuitwater en een pak fruitbiscuits, allemaal gekocht in de Aldi. En ook nog veel goede wil om de resterende 139 dagen van mijn Lijncarrière vol te maken, vol te houden.
Ik moest eerst even bij Peter passeren, ge weet wel, de man die op de Staca voedselbonnen verdeelt en nog ander nuttig werk doet: ze waren op zoek naar een chauffeur, een veertig plusser met zwart haar en iemand die op zijn bus naar zijn radio luisterde met een veel te hoog volume. Terwijl we helemaal niet naar de radio mogen luisteren van De Lijn. En of ik dat soms was?
Een 40-plusser? Ik weet dat ik er nog vrij jong uitzie maar ik mag wel gerekend worden bij de 60-plussers. Zwart haar? Voor alle zekerheid ben ik nog eens in de spiegel gaan kijken: er zitten al wat grijze haren tussen waardoor ook die informatie niet klopt. En een radio die te hard staat? Ik heb niet eens een radio bij! Wegens het gerammel van de meeste bussen valt er niet van muziek te genieten en dus vind ik radio’s overtollige bagage.
En Peter, enfin, ik denk ons bazin, had nog een probleempje: maandag, de vorige dag dus, had ik 27 minuten langer gereden dan voorzien was op het werkschema. De tachograaf, de schijf waar alles van rijtijden en stoptijden en snelheden en zo op terug te vinden is, vertoonde een verdacht patroon en of die 27 minuten extra wel correct waren? Wat is er verdacht om tijdens het spitsuur 27 minuten aan te schuiven tussen Zaventem centrum en de lichten in Nossegem, om eens de lichten voorbij aan normale snelheid tot aan de Staca te rijden? Dat lijkt mij zo normaal dat ik niet begrijp wie zich daar in godsnaam mee bezig houdt en ondertussen zijn tijd verspilt om zoiets te kontroleren? Getuigt vanwege de directie van veel vertrouwen in hun werknemers! Akkoord, 27 minuten overuren moeten betalen, dat is voor een firma een pijnlijke aderlating, vooral in tijden van crisis. Tiens, waarom moet ik nu plots denken aan de talloze bussen die leeg rondrijden, vooral in en rond de luchthaven?
Het stopte niet, voor de bewuste dienst had men mij geprogrammeerd op een bus van het type 405. Dat zijn ouwe knarren die trouw hun kilometers afmalen, maar die niet wat ik zou durven noemen de meest comfortabele chauffeurszetel hebben. Voor een 60-plusser (zelfs met het uitzicht van een 40-plusser) is dat een vrij pijnlijke bedoening voor de rug, tenslotte duurt zo’n dienst bijna negen uur, en op een Lijnbus dient die tachograafschijf niet om rusttijden te kontroleren. Dat gebeurt alleen maar in toerismebussen en vrachtwagens. Lijnbuschauffeurs mogen probleemloos negen uur aan een stuk doorrijden, who cares? Dus dacht ik dat het geen onterechte vraag was om een Citaro-bus te krijgen (eisen?), wegens meer zitcomfort en zetels met bv. een regelbare lendensteun. Laten we stellen dat een discussie met lichte stemverheffing nodig was om meneer Marcel, de chef de garage, te overtuigen van het nut van een betere bus.
Mooi, ik kon met enkele minuten vertraging vertrekken met bus 09, een Citaro, klaar om de volgende negen uur oogkontakt te maken met opstappers en uit te kijken naar verdekt opgestelde kontroleurs.
En of ze present waren, de mannen met de extra strepen . Om 21u46, mijn laatste rit naar Zaventem luchthaven (Brussels Airport), er stapt nog een man op in Zaventem die tot aan de luchthaven meewil, vier haltes verder. Prijs van het ticket: 1,60 euro. Had die brave man alleen maar 2 briefjes van 20 euro bij en of ik die wou wisselen. Die wilde ik niet wisselen want ik zat al krap in kleingeld en dus zei ik, de gekende klantvriendelijkheid van De Lijn indachtig, dat meneer mocht gaan zitten en een volgende keer maar twee keer moest betalen. Na dat geval van agressie een paar weken terug heb ik trouwens geen zin meer om over dergelijke futiliteiten moeilijk te doen. Eén halte verder: prijs! Twee kontroleurs! En of ik niet wist dat ik in zo’n geval een formulier moest invullen: “reiziger zonder gepast geld”. In drievoud en met noteren van het nummer van meneer zijn identiteitskaart, adres, geboorteplaats en geboortedatum, datum en juiste uur van het delict, welke lijn, welke halte, busnummer, waar meneer opgestapt is en waar meneer zal afstappen. In te vullen in drukletters en in de vakjes schrijven a.u.b. (Zou ik geen briefje sturen naar Saskia Schatteman, de manager van het jaar die erin geslaagd is om tickettenverkoop op de bussen af te schaffen ... met als bijlage een formulier:"Reiziger zonder geld / - zonder gepast geld”?) Bijna vergeten, ook het juiste bedrag dat zou moeten betaald geweest zijn ware het niet dat de reiziger geen gepast geld bij heeft moet genoteerd worden, in de juiste vakjes en tot op twee cijfers na de komma. En het identificatie-nummer van de chauffeur in kwestie (3296359). C’est tout.
Ik heb nog van mijn lange leven niet zo’n formulier ingevuld, ik heb niet eens zo’n formulieren bij.
Achteraf dacht ik: stom kieken, want ik wist dat er nog kontroleurs op pad waren in de omgeving van de luchthaven. Collega’s geven dat dikwijls door via de Staca-radio: “Pas op, er staan er met strepen op halte x, of halte y”. Dus de kans op kontrole was vrij groot. Zou daar in tijden van crisis ook niet kunnen op bespaard worden? Tenslotte kontroleren die mannen op dergelijk late uren overwegend lege bussen, op jacht naar ...???
Morgen nog 138 dagen en daarna kan me het allemaal gestolen worden. Salut en de kost.
geschreven op 17/01/2009
Toch wel opvallend, ge vertelt uw collega’s dat ge een geval van agressie op uw bus meegemaakt hebt en ze vragen direct of het een “zwarte” was! Wat, gene zwette? Dan toch minstens ne donker-gekleurde? Nee mensen, ik heb mot gekregen van een ordinair Vlaams stuk onbenul.
En waarom? Omdat mijn dienst om één uur s’nachts er in Kortenberg opzit en en omdat die zatte medemens absoluut nog naar Leuven wilde. Pech, want ik was de laatste Lijnbus en er rijden op woensdagavond na één uur geen bussen meer, niet naar Brussel, niet naar Katmandoe en jammer genoeg ook niet naar Leuven Centraal, waar zo’n agressief drankorgel eigenlijk thuishoort. De klootzak, ik dus, wilde niet naar Leuven rijden, en hoe moest hij dan thuisgeraken en wie dacht ik wel dat ik was? Voor ik kon antwoorden dat de naam niet klootzak is maar wel opabus, althans voor de vrienden, had ik al prijs. Baf en een rake linkse tegen mijn kaak. Enfin, het was eerder een schampschot want ondanks mijn al redelijke hoge leeftijd zijn mijn reacties nog vrij goed en kon ik nog net een afwijkende beweging maken.
Op zo’n moment stel je vast dat je als chauffeur een weerloos slachtoffer bent, in ieder geval schrijver dezes toch want ik ben niet getraind in eender welke gevechtstechniek, wat héél jammer is, achteraf gezien. Je zit daar achter je stuur, naast u staat er een individu dat duidelijk aan het doordraaien is en ge kunt alleen maar afwachten. Uw wijsvinger opsteken en zeggen: “Maar meneer toch, dat mag niet hoor!” helpt niet want hij luistert niet. Staat alleen maar te schreeuwen en met zijn vuisten tegen de deur te slaan en je ziet zo het bloed van zijn hersenen naar zijn ballen afzakken, voor zover hij hersenen heeft natuurlijk. Het kost me geen moeite om toe te geven dat ik serieus schrik had en schietgebedjes las en al afscheid aan het nemen was van mijn geliefde en mijn kinderen en mijn kleinkinderen en mijn toekomstige achterkleinkinderen. Net toen ik me afvroeg van welke vrienden ik ook nog afscheid moest nemen stapte hij uit. Niet na nog een soort karatetrap te geven tegen dat geel etiketmachien, het pro-data toestel voor de kenners. Geïnteresseerden kunnen nog altijd de afdruk van zijn schoenzool bewonderen op dat toestel. Het zou me geen eens verwonderen dat je die afdruk ook regelmatig kunt bewonderen op zijn vrouw en kinderen.
Natuurlijk had ik op de alarmknop geduwd. Dan gaan uw vier pinkers aan, komt er op de film: “Help, politie gevraagd”, en kan de dispoatching in Leuven gedurende één minuut meeluisteren naar wat er zich in uw bus afspeeld.
Aan het Craenenplein in Kortenberg zijn tegenover de halte 2 cafés, wel, die mensen waren alleen maar verre-afstand-toeschouwers. Heel geruststellend.
Na die bewuste minuut roept de dispatching u op via de boordradio en vraagt of ze de politie moeten verwittigen? Nee, liever koningin Fabiola. Prins Philip mag ook.
Toen ik al de garage binnengereden was, mijn bus getankt, mijn rekening gemaakt en klaar stond om (met de fiets!) naar huis te rijden kwam de politie eraan en vroeg of ik klacht wilde neerleggen, tegen onbekenden? En hoe die onbekende eruit zag? Tja, hoe ziet een onbekende eruit? Niet dus. Ik wil niet zagen maar ik zou durven Mitterand citeren en zeggen: “Et alors?”
Al bij al denk ik dat het best was dat ik (uiterlijk) rustig achter mijn stuur ben blijven zitten en (redelijk) kalm ben gebleven. En volgens mijn bescheiden mening is er geen andere optie want tenzij je fysiek tegen zo iemand opgewassen bent heb je geen enkele uitweg en zou de enige oplossing een volledig afgesloten bestuurdersplaats kunnen zijn. Niet erg sociaal, wel veilig.
Voor de toekomst heb ik wel een oplossing. Als ik nog eens de laatste dienst doe die eindigt in Kortenberg en men vraagt mij of er nog bussen zijn naar Leuven? Natuurlijk meneer, binnen een kwartiertje komt nog een 358 die tot Leuven rijdt. Ook niet erg sociaal, wel veilig. Dank u wel, chauffeur.
geschreven op 2/01/2009
Dag Marc,
Op het trouwfeest van zoon Pieter heb ik een oude vriend teruggevonden. Aan tafel verdedigde hij met zoveel vuur, met zoveel verve uw beleid, was hij terecht hoogst verontwaardigd over de niet-verlenging van uw mandaat, dat het me deugd deed en ik dacht: die man weet wat hij vertelt, die verdient een verblijf in Le Cassan.
Voor alle zekerheid heb ik zijn CV nog eens nagekeken op “www.kuleuven.be” en dat was een meevaller. Professor Eddy Decuypere van de faculteit landbouw doet iets met dieren, meer bepaald is hij gespecialiseerd in kiekens. Dat komt geweldig goed uit: Lea, ons 82-jarige buurvrouw in Le Cassan heeft nog één kieken en dat beest legt geen eieren meer wegens sterk dement en beginnend palliatief. Goed, ik zal Eddy inviteren en hem een week, maximum tien dagen geven om zijn kunnen te bewijzen en mij bij mijn ontbijt een vers eitje te presenteren.
En Marc, ook al ben ik helemaal niet thuis in de universitaire wereld, weet ik niets af van universitaire intriges of jaloersheid, ik kan je ontgoocheling begrijpen. Vooral omdat er tussen ons een paar frappante gelijkenissen zijn:
* we besturen alletwee iets: ik een bus van de Lijn, jij de Leuvense universiteit,
* ik ga op 31/7/09 op pensioen, jij neemt op 31/7/09 een uitgebreide sabbatical,
* ik zal eind april voor de tweede keer opa worden en jij zult eind april voor de tweede keer opa worden.
Maar juist in dat laatste zit een groot verschil: terwijl jij dan tijd zult hebben om het nieuwe kleinkind vast te pakken, te knuffelen en onnozele woordjes tegen te zeggen zal ik alleen telefonisch kontakt kunnen hebben, daar in het verre Cassan. Je kent dat, de ouders zullen bellen en zeggen: “wacht, nu gaat hij of zij iets zeggen tegen opa.” De eerste maanden hoort ge met wat geluk een puf, een boerke, de volgende maanden is er gewoon een doodse stilte. Vroeger duurde dat niet lang want een telefoon naar het buitenland kostte geld. Nu, met dat gratis internet-telefoneren duurt die stilte eindeloos.
Wel, daar heb ik een oplossing voor. Gezien je vele toekomstige vrije tijd en je voornemen om weer bij te lezen stel ik een verblijf in Le Cassan voor, in l’ Yserttout. Ik beloof je de meest rustige plaats en het koelste plekje in de schaduw om bij te lezen, om “Prediker” te herlezen. Misschien word je zelfs geïnviteerd bij onze gastvrije buren voor een diner. Het is er wel nog niet Het Oude Testament, maar het gaat in de goeie richting. Pas op, dat doe ik niet zonder enig eigenbelang want ondertussen kan ik lange wandelingen maken met ons kleinkind, laat ik de kalfjes zien en vertel ik over de bijtjes en de bloemekes.
Ik weet ook wel dat ik niet een echt echte opa ben. Daarvoor moet ik eerst langs het stadhuis passeren en trouwen met Geert. Maar als je ons kleinkind durft uitleggen dat opabus niet een echt echte opa is, wel, dan ga ik alsnog tegen je verlenging stemmen, in het geheim natuurlijk.
Opabus.
geschreven op 23/12/2008
Of ik ook uw vriend wil worden? Eigenlijk niet.
Ik kan mijn computer niet meer opzetten of de een of de ander wil mijn vriend worden, via Facebook. Dat lijkt mij te simpel en ik zou dergelijke verzoeken liefst weigeren. Maar stel dat je zijn enige vriend zou zijn? En stel dat je die persoon enkele dagen later op straat tegenkomt? “Awel, ben ik soms niet goed genoeg? Scheelt er iets aan mij? Heeft meneer belangrijkere vrienden? Met meer centen zeker?”
Nee, ik vind dat vriendengedoe op Facebook geen goed systeem. Ik gooi mijn vrienden niet te grabbel op internet. Ik heb er al niet veel en ik moet er trouwens niet te veel hebben. Een paar goeie vrienden, dat volstaat. Doe dus geen moeite meer, op facebook heb ik uitgelogd.
Groot nieuws: zopas heeft opabus zijn pensioen aangevraagd. Langs het gemeentehuis gepasseerd en de nodige paperassen ingevuld. Bon, nu wordt het een beetje echt, vanaf 1 augustus 2009 zet ik mijn geliefde Lijn -carrière stop, neem ik afscheid van lijn 358, 351, 352 en vooral van lijn 651 en ik vind het niet eens erg. Ik durf zelfs veronderstellen dat het"niet erg vinden” wederzijds is. Ik pas niet goed in het ideale, geüniformeerde “Lijn-plaatje”. Nog 126 werkdagen, ongeveer.
Tijdens de krokusvakantie gaan we naar Lescure Jaoul, naar l’ Yserttout. Ons laatste werkbezoek voor de grote verhuis. Alhoewel, ik weet niet of we er deze keer echt hard gaan werken, we hebben maar een week en opabus heeft behoefte aan een paar dagen ontspannend verlof.
Als het weer een beetje meewil zou ik me willen concentreren op het “beheersen” van het regenwater. Anders gezegd: de koer en directe omgeving bij regenweer moddervrij houden. Een paar draineerbuizen leggen en ook afvoerbuizen rond het huis om het water in de goeie richting te laten wegvloeien. En ondertussen ook zorgen voor toevoer en afvoer naar Geert haar toekomstige buitenkeuken. Als voorbereidende werken voor een toekomstig terras en als werk tout court lijkt mij dat ruim voldoende. Er mogen weeral mensen komen helpen, zoveel is zeker, maar in februari kan het er nog koud zijn, het kan er ook zonnig en aangenaam zijn, alles kan daar. In ieder geval, als het rotweer is en er buiten niet kan gewerkt worden, geen zorgen, ik vind nog wel een werkje dat binnen kan gebeuren: gasleidingen, elektriciteit, water (warm en koud), vloerbekleding, valse wanden maken, cement afkappen van de binnenmuur, beton uitbreken in de tweede stal, en zo voort en doe zo verder.
Wat er ook zou kunnen gedaan worden tijdens het krokusverlof is het plaatsen van de ramen in de eerste stal. Die ramen zijn besteld bij Boomer bvba en normaal worden die voor 20 februari geleverd. Heb je trouwens gekeken naar de nieuwe website van de Boomer mannen? Is een hele verbetering. Ik vind het een voorbeeld van doeltreffende eenvoud. Klaar, duidelijk en geen gezever, zowat het tegenovergestelde van de blog van l’Yserttout. Weeral eens knap werk van de firma blau. Voor ons moet Bart niet zo’n super website maken, zijn moeder vindt dat het best wat simpelder mag zijn. En dan kan hij bij zijn recente ontwerpen op de rechterkolom van zijn website ook die van l’Yserttout toevoegen. Zou nogal een publiciteit zijn.
Vanaf 1 juli gaan we er wonen en zal ik een zee van tijd hebben om resterende werkjes uit te voeren. Akkoord, dat wonen zal de eerste paar maanden nog wel in de caravan zijn maar dat is helemaal niet erg, daar kijk ik zelfs naar uit: op de camping in Lescure Jaoul, enfin, de improvisatie-camping op het terrein van l’ Yserttout is in het hoogseizoen ambiance verzekerd. Ook leuk meegenomen is het feit dat ons Geert een echte caravan-madam is en dat het bij ons is van “hoe kleiner de leefruimte, hoe groter de liefde”.
geschreven op 1/12/2008
Ik heb een foto van het dak bijgevoegd.
Omdat ik dat een heel schoon dak vind, zo met de winterzon er een beetje op. Dat was vorige week, eind november, en ik was op tijd opgestaan om de zon te zien opkomen en dan zie je die mooie kleurschakeringen van de dakbedekking,
dat zijn geen gewone schaliën, dat zijn heel oude, heel zware en handgekapte “lauzes”.
Die week is de beton gegoten in de eerste stal, bijna kelder, en zijn er nog wat voorbereidende werken gebeurd om later een plankenvloer te leggen op het eerste verdiep. De werken zijn weer eens heel vlot verlopen en dat vooral dankzij mijn helpers. Het zijn geen Polen, maar ze werken als de Polen: hard en goedkoop. Meer zelfs, ze werken gratis, omdat Karel, Roger en Christian mijn vrienden zijn.
Opabus gaat terug werken in l’ Yserttout in februari of maart, opabus heeft veel vrienden.
En iets belangrijk: als ge goed opgelet hebt, dan zag je dat ik l’ Yserttout geschreven heb. Met l’ is het beter, klinkt het beter. Gaan werken in Yserttout, dat is voorbij. Vanaf nu is het te doen in l’ Yserttout. Lees dit nog eens hardop, l’ Yserttout, en bemerk het subtiele verschil. Uitspreken als liessèrtoe, ça sonne mieux.
Omdat Luc, van Lucas Dental, het mij gevraagd heeft zal ik mijn speech ter gelegenheid van het trouwfeest van zoon Pieter met Siegrid publiceren. Luc is een trouwe lezer van l’ Yserttout, is iemand die mijn kwaliteiten als schrijver weet te waarderen, iemand die eerst mijn blog leest en dan pas het nieuwste boek van Herman Brusselmans. Dus verdient Luc een extra attentie.
Het was een zeer geslaagd trouwfeest, die zaterdag 6 december. De afwezigen hadden ongelijk. Veel volk, veel ambiance, prachtige en met smaak versierde feestzaal (met dank aan de mama’s), ook lekker gegeten (met dank aan de Waaiberg) en af en toe iets gedronken.
Een beetje uitleg bij de foto’s mag ook. Eerst zijn Siegrid en Pieter in het Leuvense stadhuis officiëel getrouwd. Ge kent dat: de geloften van eeuwige trouw en kuisheid afleggen en dat voor de rest van uw leven. Als ze buiten kwamen stonden de brandweercollega’s hen op te wachten in gala-uniform. En omdat het brandweermannen zijn, en dus houden van een beetje spektakel, is het jong koppel vanop de trappen van het stadhuis zo’n 40 meter de hoogte ingegaan, alwaar ze een fles champagne op de enthousiaste menigte hebben leeggekieperd.
En nu de integrale versie van mijn speech, allé dan maar.
”Het hoort bij een trouw zoals het zout bij de patatten: een speech. En of ge nu goesting hebt of geen goesting, tis van moeten. Laat ik direct duidelijk zijn en het eerlijk toegeven: bij mij is speechen van moeten, niet van de goesting.
En om wat te vertellen? Dat Pieter voor zijn familie, voor zijn vrienden en voor de rest van de wereld door het vuur gaat? Maar dat weet toch iedereen. Dat Pieter een fidele kerel is met sterke principes? Daar twijfelt toch niemand aan? Of dat Pieter een klein hart heeft met een grote mond? Een grote mond met een klein hartje?
Wat is het nu eigenlijk? In ieder geval heeft hij een groot hart.
Een andere mogelijkheid is dat ik zijn levensgeschiedenis vertel, maar wie is er geïnteresseerd in het aantal pampers die hij dagelijks verbruikte? Wie is geïnteresseerd in het feit dat hij als baby een hopeloos slechte slaper was? Ge moogt gerust zijn, ik ga niet uitweiden over zijn kleuterjaren, niet over zijn eerste communie, zelfs niet over zijn plechtige communie. Als ge Pieter daar ziet zitten, dan ziet ge toch dat die jongen een prachtige jeugd gehad heeft waar weinig commentaar bijhoeft. Ok, met hoogten en met laagten en hij kon erin vliegen met af en toe een uitschieter. Want als Pieter iets deed, dan deed hij dat grondig en met overtuiging, geen half werk. Ik denk dat het in zijn elfde levensjaar moet geweest zijn dat de echte en enige Tour de France ons dorp aandeed. Pieter, een klein manneke met een klein fietsje is gaan kijken en heeft zich daarna langs de steilste helling van Winksele naar beneden gestort. Toch tot halfweg, want op het toppunt van zijn kunnen en op het toppunt van zijn snelheid is hij over kop gegaan. Zijn fietsje was helemaal kapot, Pieter zelf iets minder want anders zat hij hier niet, te blinken te glunderen naast Siegrid.
Wat ik ook zou kunnen doen, en dat lijkt me een bijzonder leuk idee, dat is enkele jaren overslaan en jullie vermaken met straffe verhalen over het komen en gaan van zijn diverse lieven …. Nee Pieter, ge moet nu niet bleek worden en onrustig beginnen schuifelen op uw stoel. Ik zou dat nooit doen zonder eerst met u te brainstormen, om dan in gezamelijk overleg de meest genante passages te censureren, eventueel te schrappen. Alhoewel ... nu ik daar over nadenk ... zal ik het toch maar niet doen. Het probleem is dat ik niet goed ben in het onthouden van namen, ik verwissel die soms en het zou niet de eerste trouw zijn die uitmondt in een massale vechtpartij.
Wat ik nooit goed zal begrijpen is het feit dat Pieter altijd fantastische dingen meemaakt. Mijn eigenste leven kabbelt rustig verder en men zou mogen veronderstellen dat ik van mijn oudste zoon hetzelfde mag verwachten. De genen nietwaar. Nee dus, kompleet verkeerd en helemaal derneffen. Ik daag jullie uit om met Pieter eens mee te reizen met de auto, een simpele dagtocht is voldoende Wedden dat ge thuis komt met fantastische verhalen? Ge zit naast Pieter in de auto, hij rijdt of ge rijdt zelf, dat speelt nu geen rol, en plots zegt Pieter: “Laps, dat moest ervan komen!” Enkele meter voor u vindt er een vreselijk accident plaats met stukken metaal die in het rond vliegen en geplette ledematen en zo nog vanalles.
Of er steekt een auto waar een remorque aanhangt voorbij. Ge zult het zien, die remorque begint te slingeren en 6 stères hout, gekliefd en op 40 cm gezaagd versperren de volledige autostrade. Zijn broer Jan Willem kan de waarheid van dit verhaal bevestigen, die weet trouwens alles over aanhangwagens en over houtblokken met een koninklijk geurtje aan.
Of Pieter passeert langs een oude schuur, en die schiet dan wel in brand zeker! Je zou haast denken dat hij het uitlokt, maar niets is minder waar. Men wacht gewoon tot hij in de buurt is, beseffend dat men dan in goede, zoniet de beste handen is.
Eigenlijk zou het beter zijn om Pieter dat allemaal zelf te laten vertellen. Hij kan dat prima, zolang ge maar goed luistert en hem niet teveel tegenspreekt. De laatste keer dat ik dat geprobeerd heb, dat tegenspreken, daar ben ik lange tijd niet goed van geweest: Ge wilt dan als vader die jongen wat goede raad geven, wat levenswijsheid bijbrengen en dan maakt hij u vakkundig af. Zoals een pompier met zijn spuit het vuur dooft, vakkundig. Dat is absoluut geen goeie vergelijking, maar ik probeer nu naadloos en speech-gewijze over te schakelen naar pompieren in het algemeen en Pieter pompier in het bijzonder. Ik heb daar avonden en avonden over nagedacht, ganse bladzijden volgeschreven, verfrommeld en shit en fuck en opnieuw begonnen. Tenslotte ben ik eruit geraakt, na veel brainstormen en nog juist op tijd voor de trouw: ik heb gisterenavond besloten het simpel te houden, het kort samen te vatten, to the point te gaan:
Pieter, ik ben fier op je, fier op wat je bereikt hebt en fier op wie je bent.
Siegrid en Pieter, het ga jullie goed in het leven en ook al zullen we in de toekomst een goeie 900 km verder wonen, weet dat ge welkom zijt, trouwens, met jullie voordeur-sleutel van ons huisje in Le Cassan kunt ge altijd binnen.”
Spontaan applaus, gesnotter… dank u wel, dank u wel.
geschreven op 14/10/2008
Wat las ik deze morgen, vrijdag 14 november in de krant? Saskia Schatteman werkt voor De Lijn en ze werd bekroond tot “Marketeer van het Jaar”. En om even De Morgen te citeren: “Het is de vrouw die ervoor gezorgd heeft dat uw tram- of buschauffeur geen tijd meer verspilt aan ticketjes verkopen!” Dat is kras, want op een paar euro na weet ik het niet meer, maar deze week heb ik voor een goeie driehonderd euro aan ticketjes verkocht op mijn bus. Ofwel ben ik een zeldzame uitzondering en mogen ze mij verkiezen tot “Commerciëel Lijnchauffeur van het Jaar” ofwel heeft mevrouw Schatteman nog nooit het openbaar busvervoer gebruikt. Toch niet de laatste drie jaar. Toevallig weet ik ook, en dat kunnen mijn collega’s bevestigen, dat tickettenverkoop op drukke lijnen zoals de 358, meer dan 100 euro per dag kan bedragen. Met andere woorden: de chauffeur moet dan minstens 50 keer een ticket verkopen, geld wisselen, ondertussen abonnementen kontroleren, vriendelijk blijven en oogkontakt maken. En vooral geen tijd verspillen met ingebeelde ticketjes verkopen, bijvoorbeeld. Tenzij je geluk hebt en op een van die succesvolle lijnen naar Zaventem Luchthaven (Brussels Airport) rijdt. Dan heb je tijd zat wegens weinig of geen reizigers. Maar misschien val ik in herhaling en wisten jullie dat al? Ah zo. En weet ge waar De Lijn vooral succesvol in is? In het interpreteren en manipuleren van cijfers en statistieken. Zeg dat opabus het gezegd heeft. Dat hij het gezegd heeft. Opabus.
Bon, genoeg daarover, er is toch geen mens die luistert en voor mijn pensioenleeftijd zal er wel niets meer veranderen. Nu nog exact 149 werkdagen en ik zal voor de laatste keer mijn bus voltanken! Zal ik dan, woeha, in een diep zwart gat vallen? Doelloos en depressief in kamerjas door het huis slenteren? Of met een zatte kop snikkend Lijnbussen nastaren? Dat moet vreselijk zijn, je werk zo graag doen dat je angstig je pensioen afwacht. Wel, ik kijk daarnaar uit, naar dat pensioen. Voor mij is vijf jaar Lijnen voldoende geweest, zeker als ik geen definitieve hersenschade wil oplopen en nog normaal wil functioneren in de maatschappij.
En dan, echt waar, beloofd, dan zal ik alleen nog leuke en interessante artikeltjes schrijven. Over ons nieuwe leven in Le Cassan en over de koetjes en de kalfjes en de buren. En over de vorderingen in het huis en over hoe erg we ons kleinkinderen missen. En wat kleinkinderen betreft mag ik in het meervoud spreken want er zijn er nog een paar onderweg, hun moeders zitten nu zo ergens tussen de bevruchting en het werpen, sorry, het bevallen.
Mara zal ons niet in de steek laten, zoveel is duidelijk. Ze is al volop aan het leren telefoneren, in het Frans en in het Nederlands. En voor de zuiderse zon is ze nog op zoek naar een gepaste zonnebril.
geschreven op 12/10/2008
We zijn terug en bijna weer weg. En zo hoort het, eind november ga ik terug om de eerste stal, nu ook kelder genoemd, verder te “funderen”. Voor geïnteresseerden: van 24 november tot en met 1 december. Ik zou er best nog een week langer willen blijven maar op 6 december trouwen Pieter en Siegrid en ze willen dat ik erbij ben. Komt daarbij dat tante Lieve van de Staca vindt dat af en toe nog eens met een bus rijden goed is voor De Lijn in het algemeen en mijn portemonné in het bijzonder. Vandaar.
Het waren best leuke werkdagen eind september, begin oktober. Prachtig weer in Le Cassan en ons Geert in een bijzonder enthousiaste werkvorm. Getuige de bijgevoegde foto’s. 

Zoals altijd waren Karel en Marleen op post om een handje (Marleen) en een reuzehand (Karel) bij te steken.
Ons vrienden van Le Ran, Karel en Marleen dus, hebben een fantastische aankoop gedaan. Een mobilhome, een kampeerkar, een verplaatsbaar luxe verblijf. Om te oefenen hebben ze er eerst een gehuurd en ze zijn ermee naar Spanje gereden. In dat poppenhuisje op wielen was het effe wennen en moet je vanalles leren en al eens de gebruiksaanwijzingen raadplegen. Ook een belangrijk onderdeel van de reis is waar je de goedkoopste diesel tankt. En hoe doe je dat? Aha, wel, de meeste mensen doen dat in een daartoe voorziene tank en dat via een vulteut. Hèèl simpel. Karel daarentegen heeft de watertank, de vers-watertank (200 liter!) gekozen om extra diesel op te slaan. Veertig liter kon er nog bij. Was het een moment van verstrooidheid? Wou hij een paar extra liter goedkope Spaanse diesel de grens mee overnemen? Soit, het stinkt er in die buurt nog altijd naar dieselolie die ze, heel anoniem, via het het verswaterkraantje en een kan (of was het een karaf?) in de gracht gekieperd hebben. Foei en foei en foei. (foei).
Al bij al waren ze tevreden van die kampeerauto, een Hymer met airco, GPS, een fietsenrek, een groot bed en een grote dieseltank, ze waren zo tevreden dat ze die gekocht hebben. Met een serieuze korting vertelde Karel mij. Jaja, serieuze korting, Karel zal het wel uitleggen. Volgens mij stonk dat ding zo vreselijk naar goedkope diesel dat hij die kampeerauto heeft moeten kopen. Op straffe van een schadevergoeding die ruimschoots de betaalde waarborg overtrof.
Ondertussen hebben ze de leidingen zo’n 24 keer doorgespoeld met alle mogelijke produkten en is er van dieselgeur niets meer te merken. Als Karel nu ook nog zijn scheten buiten de kampeerauto zou laten ontsnappen, enfin, alles op zijn tijd.
Ons Geert is enthousiast en maakt al grootse plannen. Zoals het een goede boer betaamt moet Karel dagelijks zijn beesten verzorgen en Willy moet onverdroten verder werken aan huisje Yserttout. Marleen, mede-eigenares van de kampeerauto, wil niet rijden met een voertuig groter dan een familievoiture van het kleinere soort zoals daar zijn: een Peugeot Partner, een Renault Kangoo of een Citroën Berlingo. Voelt ge al iets? Wie gaat er aan het stuur van die kampeerauto zitten? Ons Geert natuurlijk om dan samen met Marleen naar de kindjes en kleinkindjes richting België te rijden en zelfgebreide kousjes en onderbaaitjes in geschenkverpakking af te geven. Ze doen maar, ze doen maar, dromen kan geen kwaad. En Karel en ik zullen ze wel uitwuiven: vaart wel o dierbaren en levet scone, ons hart scheurt van verdriet en rijdt niet te rap en doe ze daar allemaal de groeten.
Sedert enkele dagen is een groot en onverwacht probleem mijn deel geworden: ik mag van mijn papa niet meer schrijven over De Lijn. Hij vindt dat ge over uw baas geen stoute dingen moogt zeggen. Allé dan maar. Mijn papa is oud en wijs en de gehoorzaamheid vormt de grondvesten van ieder katholiek en kroostrijk West-Vlaams gezin. Denk ik.
Lescure Jaoul, Le Cassan, huisje Yserttout: we gaan over 6 volwaardige logeerbedden beschikken, toch tegen de vakantie van 2010. Twee in de studio (vroeger tweede stal), twee in de logeerkamer (vroeger eerste stal) en twee in de caravan. Die caravan vermeld ik erbij want daar kunnen 2 volwassenen en als het moet zelfs hun kinderen comfortabel in logeren. Ze hebben het mooiste vergezicht, er is water en elektriciteit. Zelfs een douche met toilet is voorzien maar van dat toilet ben ik niet erg te spreken. De fabrikant, Fendt in dit geval, heeft dat naar mijn mening iets te hoog gemonteerd: ik mag graag beide voeten stevig op de grond plaatsen, kwestie van eens goed te kunnen doordrukken. Op “camping Yserttout”
is er plaats genoeg voor nog caravannen, kampeerauto’s, camping-cars of tenten. Maar niet allemaal tegelijk.
Vakantiegangers of passanten zullen kunnen kiezen tussen vol pension, half pension, alleen maar ontbijt of helemaal niks. Als Geert met Marleen gaat reizen met die fameuze kampeerauto zal het helemaal niks worden.
Het afscheidsfeest van Opabus en tante Geert is zopas geregeld. Ons kinderen, familie, vrienden en misschien nog een paar andere mensen moeten het W.E. van 20 en 21 juni vrijhouden. Of in ieder geval zaterdagavond 20 juni. Het etablissement Heiberg is afgehuurd voor dat W.E. en we zullen uitgebreid en met veel gesnotter een reusachtig afscheidsfeest organiseren. Wat veel kan helpen om het onnoemlijke leed te verzachten is het storten van een gepaste bijdrage. Daarom twijfel ik of ik nu al ons bankrekening zal geven of nog een paar maanden ga wachten? Ik denk dat ik nog wat ga wachten, met de financiële crisis en al die onbetrouwbare banken zou het weggegooid geld kunnen zijn. Weet trouwens iemand het email-adres van Gilbert Mittler? Dan vraag ik of hij 0,1 % wil storten van zijn 4,3 miljoen euro afscheidspremie, dat moet genoeg zijn voor flink wat bakken bier en een paar dozijn kreeften. Ten slotte zijn wij ook afscheidnemers, zijn we dus een soort collega’s, en dan mag meneer Mittler, buiten het hoogseizoen weliswaar, komen logeren in Le Cassan om er te genieten van de rust, de eenvoud en de simpele dingen des levens. Het moet niet altijd een vijf-sterren hotel in Monaco zijn.
geschreven op 12/09/2008
Zo rond de tiende van de maand is altijd feest want dan mag ik bij Peter mijn maaltijdcheques gaan ophalen. Als werknemer bij de firma Staca heb ik namelijk recht op één maaltijdcheque per dag, dus een 20-tal per maand. Niet dat die cheques op zich veel redenen geven om te feesten, maar toch, iedere avond na mijn werk zeg ik tegen mezelf: flink Willy, alweer een voedselbon verdiend. En dat helpt om de volgende dag opnieuw het Lijnuniform aan te trekken en gemotiveerd mijn taak als chauffeur te beginnen. Waar die maaltijdcheques, in de volksmond ook voedselbonnen genoemd, (armoebonnen, zeggen ons kinderen) jammer genoeg niet voor helpen, dat is om eten te kopen, om onze voedselvoorraad aan te vullen. Althans, niet in de Delhaize, niet in het betere warenhuis. Gelukkig hebben we een Aldi in de buurt met prijzen aangepast aan het bedrag vermeld op mijn bonnen: 2 euro en 72 cent of 2,72 euro. Niet meer, niet minder. En dat is een beetje pijnlijk want ons kinderen gaan wel met hun maaltijddinges naar het betere warenhuis. En die kunnen dat, want ons kinderen krijgen cheques van bijna 7 euro. Wat nog meer pijn doet, echt zeer doet, dat is als we onze kinderen inviteren voor een gezellig en smakelijk etentje: roergebakken eieren met spek en bruine bonen. Ha, zeggen ze dan, haha en smakelijk, zeker weer naar de Aldi geweest met uw armoe-bonnekes? Pas op, ik heb niks tegen de Aldi, maar ik vind bruine bonen niet lekker.
Sorry, ik werd juist efkens afgeleid: 19u47 en het weerbericht van Sabine op de één, amai die heeft toch wel serieuse memmen, ik zou wel eens willen weten hoeveel euro haar voedselbonnen waard zijn.
Nu ben ik kompleet de draad van mijn verhaal kwijt, best is dan teruglezen van bij het begin. Ik heb me een glas wijn uitgeschonken en denk dat ik ga herbeginnen, iets totaal anders.
Bijvoorbeeld over ons volgende (werk-)vakantie in Le Cassan en hoe ik erin slaag om weeral een paar weken verlof te nemen. Toch niet jaloers zeker? Maar mensenlief, ik heb op dit moment 108 kredieturen open staan bij mijn werkgever en daarmee kan ik rustig de Lijn een paar weken in de steek laten. Ik zeg wel kredieturen, geen overuren en daar is een subtiel verschil tussen. Paul van de ABVV heeft het mij proberen uit te leggen maar het was een beetje ingewikkeld. Wat ik ervan onthouden heb: kredieturen, dat is leuk voor de werkgever en overuren, dat is leuk voor de werknemer. Bij de Staca werken iets van 140 mensen en die hebben samen zo’n 17000 (zeventienduizend) kredieturen uitstaan. Doen we dat maal dertig euro bruto-uurloon, dan wil dat zeggen dat ons bazin over 510.000 euro beschikt en die kan investeren , dat zou bijvoorbeeld kunnen in voedselbonnen van 7 euro, niet meer, zeker niet minder. Ongetwijfeld is die redenering echter te eenvoudig en ziet mijn simpel chauffeurs- of Lijnverstand een paar details over het hoofd.
Vanmorgen stond ik op de luchthaven van Zaventem (Brussels airport) te wachten op mijn vertrekuur en ik zie zonder echt te willen kijken een bende volk uit het luchthavengebouw komen. Tot mijn aandacht getrokken werd door een detail. Een dame voorop hield een bord in de hoogte met daarop een tekening van een kerk of kathedraal en de tekst “Bedevaart”. Ondanks het feit dat mijn dienst begonnen was in alle onmenselijke vroegte en mijn redeneringen dan nog simpelder zijn dan over die kredieturen ging mij een licht op. Vanwaar kwamen die reizigers? En waar is onze paus nu? Te Lourdes op de bergen, daar is Hij nu, onze Benedictus. Toen de bedevaarders langs mijn bus passeerden op weg naar hun luxe touringcar viel het me op dat ze er niet goed uitzagen. Moe, wat getrokken, ze sleepten zuchtend hun valiezen vol flessen wijwater ... ik denk dat het beloofde mirakel niet gebeurd is. Hebben ze daarvoor een dure reis betaald, ginderachter luidop gebeden, in processie langs de souvenirstalletjes getrokken, gezongen van te Lourdes op de bergen en uren voor die grot gestaan terwijl het kaarsvet langs hun handen drupte, hopend op een echt mirakel. Sociaal voelend als ik ben deed ik mijn raam naar beneden en stak mijn hand uit, de duim naar omhoog: “en ofdat ze veel volle aflaten gekregen hadden?” Alleen een wat oudere man reageerde, dat hij nu met zijn vrouw voor de vierde keer geweest was en dat het nu genoeg geweest was en dat hij godver de volgende keer beter met zijn duiven op Lourdes zou spelen. Ik kan die man begrijpen, als ik naar het gezicht kijk van paus Benedictus, dan word ik daar ook niet direct vrolijk van.
Commercieel is dat niet goed van de kerk. Voor wat hoort wat. Er is toch redelijk wat keuze in de kerkelijke snoepwinkel? Waarom geen simpele heiligverklaring? Desnoods maar voor enkele dagen en dan schaffen ze die terug af, wegens een procedurefout of zo. Of wegens wat men noemt “verborgen fouten” en te laat ontdekte doodzonden: te veel naar de memmen van Sabine gekeken bijvoorbeeld. Als ik naar Lourdes zou bedevaarten, dan zou ik dat doen met de fiets en met mijn fietszakken vol met maaltijdcheques, die van 2,72 euro. Wedden dat ik terugkom met cheques die mirakelsgewijze 7,5 euro waard geworden zijn? En nee, niet met nieuwe fietsbanden, die mop ken ik al. Maar misschien wel met als extra bonus 4 gouden strepen op mijn epauletten in plaats van twee. Zouden ze nogal verschieten bij de Lijn! En dan ga ik met Geert winkelen in de Delhaize en we inviteren onze kinderen, om te komen eten.
geschreven op 28/08/2008
Opabus is een tevreden man en tante Geert is een tevreden vrouw. Mooi toch! De werkvakantie in augustus was een succes: geen drupje regen, alleen maar zon en er is veel gewerkt, er is veel gelachen en er is veel gegeten en gedronken. Ook mooi. Alles verloopt volgens plan, nog een paar werkvakanties en Yserttout wordt stilaan bewoonbaar.
Geert en ikzelf gaan terug van 28/9 tot 9/10/2008. Bedoeling is onder andere het voorbereidend werk uit te voeren in de eerste stal om daar dan tegen februari 2009 beton te laten storten. Dus zullen we verder uitgraven en een plastiekske leggen met wat bewapeningsijzer bovenop. Daar kan dan tegen onze volgende werkvakantie een bruikbare keldervloer liggen. Moet kunnen. Luk heeft daar al een flink gedeelte van uitgegraven waarvoor ik hem nogmaals uitgebreid wil danken: dank je Luk, ik ga dit nooit vergeten.
De mooiste Aveyron-maanden zijn september en oktober. Gewoonlijk een zacht en aangenaam weertje en de periode om noten en (eetbare) kastanjes te rapen. In de bossen kunnen kenners paddestoelen zoeken die Geert dan zal verwerken in een roomsaus, met bijvoorbeeld een malse steak van een Limousine-koe en fritjes? En wat dacht ge van een voorgerecht van versgeplukte vijgen, in de oven opgewarmd met schijfjes mozarella? Het dessert moogt ge zelf kiezen maar vanille-ijs met braambessen is een aanrader. Een Irish-coffee vind ik de perfecte afsluiter, maar een gewone koffie kan ook.
Ja, dat zou allemaal kunnen. Bijvoorbeeld voor mensen die een last minute reis plannen en nog geen bestemming weten is dit de perfecte aanrader: Le Cassan in herfstkleuren. En zoals altijd zal er gratis werkkledij ter beschikking liggen in small, medium en large uitvoering.
In februari gaan we terug, minstens voor twee weken, als het kan wat langer. Liefst zou ik er dan blijven maar de plicht roept en tot eind juni 2009 moet ik nog opabussen, waarna ik op 1 juli het Lijnuniform zal afleggen en gewone opa worden ... dat is wel nog veel keer slapen!
geschreven op 19/08/2008
Je moet het correct uitspreken. Met de juiste intonatie. Niet op zijn Westvlaams: vompnen, ook niet op zijn Limburgs: fooeemmpen, neen, het moet bijna met een frans accent: “faire une foempe”.
Want dat is het belangrijkste: het geluid dat geproduceerd wordt tijdens het fabriceren van een foemp. De afstand is een interessant gegeven, de hoogte kan best indrukwekkend zijn, maar het geluid, de vibratie van de ontploffing in een PVC-buis van 110 mm diameter, dat is het, daar doen we het voor: de ultieme FOEMP. Voor mij klinkt het een beetje als een koe die loeit, maar dan heel, heel kort.
Het foemptoestel schittert door zijn eenvoud:
een PVC-buis van 110mm, mits de juiste overgang gekoppeld aan een PVC-buis van 50mm, men demonteert een aansteker voor de ontsteking en koopt in de supermarkt de goedkoopste deodorant. Voila. Vergeet ook geen draaistop (diameter 110) en enkele patatten. Geïnteresseerden krijgen tijd tot een volgende “Yserttout-vakantie” om zich voor te bereiden. Besef wel dat jullie een bijna niet te overbruggen achterstand hebben: in Le Cassan, op de Yserttout-camping is er avond na avond gefoempt, door groot en klein, door jong en oud.
Misschien kunnen enkele foto’s jullie op de goeie weg helpen.



Bewonder bv. de stijl, de juiste houding en de aangepaste klederdracht, bekijk ook de perfecte attitude van Bart, stichter en voorzitter van de OAF (l’Organisation Aveyronèse de la Foempe) .
Erg jammer dat diezelfde Bart tijdens de finale zwaar in de fout gegaan is, een overtuigde foemper en zeker een toekomstig olympisch kampioen moet ten alle tijde zijn outfit verzorgen: wat je ziet op de volgende foto kan dus niet.
We wachten de uitspraak af van de IFO (the International Foemp Organisation), die waarschijnlijk gaat kiezen voor een schorsing de volgende 3 wedstrijden. Persoonlijk had ik liever onze topspeler en gouden medaille kanshebber Bart Houben twee matchen zonder publiek zien spelen, maar daar zouden onze hoofdsponsors, de firma Boomer bvba en de firma Blau niet kunnen mee lachen.
Ook doe je er goed aan om de omwonenden en de aanpalende dorpen en steden te verwittigen van de juiste datum en het exacte uur van de foempwedstrijd.
De gevolgen kunnen best indrukwekkend zijn en bij onwetende inboorlingen voor enige paniek zorgen.
Met dank aan Pieter voor de prachtige foto’s.
geschreven op 19/08/2008
Prachtig initiatief: een souper met alles erop en eraan verdeeld over een wandeling van 10 km. Dat is wat ze jaarlijks met succes organiseren in Lescure Jaoul. Stappen via de aperitief naar het voorgerecht en verder over de heuvels en door de prachtige natuur naar het hoofdgerecht om na 10 km te eindigen bij het dessert. Wij, die van huize Yserttout, hadden ons ingeschreven met 15 deelnemers met het naïeve idee daar indruk te maken met ons aantal. Er waren 1040 deelnemers!!! Zowat 5 maal het inwonersaantal van Lescure Jaoul.
Ik had aan mijn conditie gewerkt door dagelijks de eieren van ons kippen te gaan rapen, helemaal achter in de tuin. Toch wel een wandeling van 80 meter, op en af dus 160 meter. Ook qua uitrusting was ik perfect voorbereid, maar met ouder worden is mijn geheugen er niet op verbeterd, zo wat lag er nog thuis, vergeten in Leefdaal? Mijn spiksplinternieuwe en heel erg dure Nordic-wandelstokken en ook mijn bergschoenen, maar aangezien drank en spijs mij toelonkten ben ik toch maar, sportief en optimistisch van geboorte, de 10 km wandeling gestart.
Tot aan de aperitief, geen probleem, ik ben sober gebleven en heb slechts één glas witte wijn gedronken. Er was ook nog water en fruitsap en zo, maar zo erg uitgeput was ik nog niet, daar bleef ik wijselijk van af.
Tweede deel, via de “Cheval du roi” naar het voorgerecht, brood met paté en nog van die dingen, ik herinner het me niet zo goed meer, wat ik me vooral herinner is dat koele gras en mijn al lichtjes verhitte voeten. En ook dat de rode wijn best lekker was. Twee glazen leek mij voldoende om het derde deel aan te vatten.
En dat was het langste stuk, zo’n 5 kilometer, goed om de honger extra aan te scherpen en te genieten van een uitgebreid hoofdgerecht. Een gekalkte aanmoediging op de weg “Allé Willy” heeft me door een moeilijk moment geholpen, zijnde een lichte kramp en geen jus meer in de benen. Om die bezorgde onnozelaars van antwoord te dienen: als ik soms iets achterop kwam gewandeld, wel, daar is een heel simpele uitleg voor: als dieren- en planten- en insecten- en bloemenliefhebber heb ik nu eenmaal meer tijd nodig om de natuur te bewonderen!
Het moet gezegd, het hoofdgerecht was verzorgd en de organisatie was voorbeeldig.
Alleen, toen ik die reusachtige voederbakken zag waar worsten en bijhorende bestandelen in ronddreven moest ik onwillekeurig terugdenken aan het restaurant “Au petit ventre” in Limoges. Trouwe lezers van de blog weten waarover ik het heb als ik zeg dat ik nog steeds culinaire nachtmerries krijg als ik denk aan “Les fraises de porc” van dat eethuis. Trouwens, twee blaren op mijn rechtervoet begonnen zich overtuigend te manifesteren zodat ik me meer zorgen maakte over de nog komende kilometers dan over de lokale culinaire specialiteiten. Na overleg en wijs beraad met mijn lotgenoten besloten we het dessert te laten vallen en in rechte lijn terug naar Le Cassan te wandelen. Voor mij was het ondertussen meer strompelen dan wandelen en dat we op een paar honderd meter van le Cassan nog verkeerd liepen is echt niet mijn schuld. Ik liep immers niet voorop, dat deden Luk en Bart en Hilke. Heel lang heb ik nog pijn geleden en met mijn voeten in een lauw zoutbadje gezeten, terwijl ik nadacht over de gepaste straf voor de snoodaards die mij nog op het einde verkeerd lieten lopen, en dat met twee blaren op mijn voeten, als eurostukken zo groot.
Volgend jaar stap ik terug mee, tenzij ze iemand zoeken om ergens ter plaatse te helpen, niet te ver van Le Cassan en bereikbaar met de auto.
geschreven op 12/08/2008
Het is niet mijn gewoonte en het is éénmalig, maar wat die mannen gepresteerd hebben verantwoord de begintitel: Boomer bvba. En het is niet eens als reclame bedoeld want ze hebben toch al werk genoeg. Op zaterdag om 16u30, exact een week na de aankomst van het Boomer -geweld, werd het laatste vlokje Isofloc-isolatie erin geblazen. Een perfecte timing van een perfect samenwerkend team. Raf en Pieter hebben daar een demonstratie gegeven van hoe je op een recordtijd een kompleet huis isoleert en “en passant” ook nog de oude ramen vervangt door vier nieuwe en drie tweedehandse ramen, die nieuwe ramen eveneens geleverd door de firma Boomer.
Natuurlijk is dat resultaat ook te danken aan mijn onvoorwaardelijke steun, mijn totale inzet en mijn niet in te tomen werkkracht en zeker ook dank zij de catering verzorgd door tante Geert. Want die mannen eten geen boterhammeke, die vreten halve broden op, met korst en toespijs en al. Waren ook nog aanwezig, in willekeurige volgorde: Sigried, Bart, Veerle, Luk, Hilke, Frans, Liliane, Jef, Monique, Roger, Christian, Karel, Jon, Steve, Jef, Erik, Heidi, Karin, Jos, Hilde, Jan, Mark, Jan Willem, Marleen, Vanessa, koningin Fabiola, Anne-Leen, Mara, Lieve, Peter, Christine… stop, stop stop, ik ben in al mijn enthousiasme al bezig toekomstige werkers te vermelden. Kan geen kwaad.
Maar laten we beginnen op maandag, de dag dat Geert en ikzelf eindelijk Pieter en Raf konden vervoegen in Le Cassan.
We waren onderweg van de Provence en naderden Le Cassan, de caravan achter de auto. Rond vier uur kregen we net geen paniektelefoontje van Pieter:” Pa, kom niet het wegske naar Le Cassan naar boven gereden, de leverancier van de Isofloc-isolatie zal (na het lossen) terug naar beneden rijden en langs die camion kan zelfs geen fietser meer langs. Wacht op een bericht van mij”. Bekijk de foto van de camion, dan weet je het wel. Ik ga het trouwens nooit begrijpen: de
chauffeur sprak alleen en uitsluitend Russisch, de 40 ton vrachtwagen kwam uit Litauwen met een lading Isofloc-isolatie opgepikt in Duitsland en die man is zonder problemen in Le Cassan geraakt, iets wat ik mij met een ordinaire lijnbus nog niet zie doen.
Wat na het lossen in de schuur van buur Jon lag, dat moest dus voor een groot gedeelte geblazen worden in het dak en de muren van ons boerderij. Ik mag trouwens de voltallige Le Cassan gemeenschap niet vergeten te bedanken voor het helpen lossen van de zakken. Zo’n 460 zakken aan 12,5 kg per zak en van die 460 zakken Isofloc-isolatie zijn er 230 verbruikt. Van de rest is een deel terug mee naar België en een deel is blijven liggen in de schuur van Jon. Voor later?
Het accent lag de eerste week op hard werken, maar evengoed hebben we ons reuze geamuseerd en was het op de improvisatie-camping-Ysertout leuk vertoeven. Mede ook dank zij het prachtige weer, deze keer waren de weergoden me gunstig gezind en is de belofte van Peter uit Hasselt uitgekomen! Het zomers hogedrukgebied van jewelste was present.
Bekijk wat foto’s en als er vragen zijn betreffende het verblijf en de camping, de ontspanning en de sex of de drank en het eten, vraag uitleg aan Geert of opabus. Zijn er technische vragen betreffende de uitgevoerde werken en het isoleren van huis Yserttout, of vragen voor een prijsofferte, vraag het aan de mannen van Boomer bvba.







De tweede week is er nog gewerkt, maar eerder op het gemakske. Af en toe was er een uitschieter, en hier denk ik vooral aan Luk die het zelfs vertikte om met ons mee te gaan zwemmen bij Karel en Marleen. Hij heeft, ook zwemmend maar dan in het overvloedige zweet zijns aanschijns, in de eerste stal de beton verder uitgegraven en verdient hiervoor een speciale vermelding: “Bedankt Luk, ik zal dat nooit vergeten”.


Om iedereen gerust te stellen: niemand heeft een arm gebroken, zijn schouder uit de kom geforceerd of zelfs maar wat tandpijn gehad, een kater daarentegen .... Alleen een splinter in Geert haar grote teen heeft voor wat ongemak gezorgd. Ons medisch team, Raf (ex-verpleger) en Sigried (verpleegster) hebben deskundig en pijnloos dat splintertje verwijderd.
geschreven op 4/08/2008
Het wordt veel te veel om in één artikel te verwerken.
Er komt een schrijfsel over de werken in le Cassan waarover ik zéér tevreden ben (ik bedoel wel degelijk de uitgevoerde werken...!) , er komt ook een schrijfsel over de wandeling, La Marche Gourmande, maar daarmee wacht ik tot mijn voeten minder zeer doen en tenslotte een artikel over het foempen. En daar kijk ik geweldig naar uit. Ik wil jullie het foempen leren kennen: ik foemp, ik foempte, ik heb gefoemt. Later zal op mijn grafschrift komen te staan, naast klassiekers zoals “Ridder in de orde van de Lijn” en “Drager van 16 gouden epauletten”, zal ook komen te staan, gebeiteld in sierlijke letters: “Op 25 juli om 2Ou33 heeft opabus éénmaal gefoempt, kort maar krachtig, waarna hij schielijk is overleden”.
Geduld beste mensen, eerst moet ik nog de foto’s van Pieter krijgen, de foempbewijzen als het ware, en dan vliegen we erin.
geschreven op 4/08/2008
Chers amis Belges, Françaises, Français,
Le Cassan, c’est à dire, la maison l’Yserttout est à vendre. J’en ai marre. Ou bien il pleut, ou il y a trop de vent et maintenant il fait beaucoup trop chaud. Et quand il fait chaud, il y a trop de mouches, et comme je n’aime pas les mouches, je vais mettre le tout à vendre.
En plus des mouches, il y a les voisins. Ils sont sympa, oui, mais ils m’embètent.
Par exemple celui qui habite en haut: il ne travaille pas trop, mais quand il travaille, il sait choissir les meillieurs moment pour m’embeter et toujours devant mes yeux. Et ca m’ennuye. Prenons par exemple ce matin, Geert et Veerle étaient au marché à Villefranche et Luk et moi voulions en profiter pour passer un avant-midi tranquille et de faire de temps en temps semblant de travailler. Qu’est-ce qu’il vient faire, ce monsieur Pons avec son tracteur qui pue le gasoil? Il vient décharger une benette de buches de bois. Pendant un quart d’heure avec la main droite, puis il fait le tour de son tracteur, prend une demi heure de repos et continu a jeter les buches avec la main gauche. Vous pensez que c’est amusant de le voire travailler?
Il y a aussi les voisins à gauche. Ils s’habitent dans une grande ferme oü il y a déja tout le comfort nécessaire. Et tous les jours, ou presque tous les jours, ils m’invite à admirer le beau travail qu’ils ont fait. Croyer moi, ça fait mal. Moi qui essaye de restaurer une vieille petite ferme que j’ai payer beaucoup trop cher! Non, je n’aime pas les Américains ni les Irlandais, je n’aime surtout pas Le Cassan.
Et attention, ce n’est pas encore fini, parce-que, un peu plus bas habitent Lea et Roger Cayssials. Déjà le nom, Cayssials, trop difficile à prononcer pour les Flamands.
Roger, il travaille tout le temps. Il passe en vélo, à pied, parfois en voiture, mais toujours accompagné des vaches. Je n’aime pas les vaches qui produisent des grosses tartes juste devant ma porte. Et je m’enfous si se sont des Limousines, des Charolaises ou des Blondes.
Et quand il passe, Roger, c’est toujours avec le grand sourire, un homme heureux qui aime le travail. Il lève la main et il dit bonjours, bonsoir, parfois bon après-midi ou bon appetit. Mais qu’il me laisse tranquille, je n’aime pas sont grand sourire. D’ailleurs, à 61 ans, je trouve que j’ai le droit de me méfier des gens qui travaillent tout le temps.
Ah, j’oublie prèsque Lea, madame Cayssials. Elle pense d’avoir trouvé le système pour nous garder au Cassan et de nous séduire avec des petits cadeaux. Soyons sérieux mes amis Belges, Françaises et Français. Lundi une dizaines de patates, des toutes petites. Mardi des haricots verts et mercredi quelques haricots beurre. Je n’aime pas les haricots, je n’aime pas le Cassan.
A 61 ans, on a le droit de prendre sa retraite, de ne rien faire et de regarder les gens qui aiment le travail. Mais alors, si je veux voire des gens qui travaillent, peut-être il faut mieux rester au Cassan, à l’Yserttout? Et de ne pas le vendre, mème pas pour quelques dix-mille euro’s, hors TVA? Je pourrais admirer le lancement des buches de bois de Christian et dire bonjours ou bonsoir, parfois bon après-midi ou bon appetit à Roger, pendant que je pèle des patates ou des haricots avec Lea. Pourquoi pas?
Je veux en profiter pour remercier chacun et chacune qui m’ont aider à réaliser la restauration de l’Yserttout et surtout, je veux en profiter pour vous encourager à continuer le travail et je vais vous admirer bien installé dans mon fauteuil, un pastis à portée de main.
Ah, que j’aime le Cassan.
geschreven op 2/07/2008
Nog een paar dagen en we vertrekken richting Le Cassan. Eerst een week vakantie en dan twee weken keihard werken. Er volgt een uitgebreid verslag met de resultaten als we terug thuis zijn en het dagelijkse leven hervat wordt. Omdat ik me volledig moet concentreren op de komende werken ten huize Yserttout kan ik me nu niet permitteren om artikels te schrijven. Dat is begrijpelijk wegens te vermoeiend want geestelijk moet ik scherp staan om daar het jonge geweld ten gepaste tijde verbaal in te tomen en lichamelijk ga ik mij er twee weken te pletter forceren.
Dus volgt op de blog van mijnentwege nu een gepaste stilte en laat ik graag het woord aan ons Lea:
En nu zou een video-opname moeten volgen maar die doet het nog niet op de website. Nog wat werk aan. Pech.
geschreven op 4/06/2008
Het zou natuurlijk kunnen dat er voor die kapotte zonneschermen onderdelen besteld zijn, dat ze al een tijdje onderweg zijn richting Staca. Dat zou kunnen. Maar ondertussen moet er nog steeds rondgereden worden met een soort van “doe-het-zelf-en-trek-je-plan” vastgeknoopte zonneschermen. Ai ai, dat is slecht nieuws. Zo komen we er niet.
Dus wordt de pen iets aangescherpt: “akke akke tuut tuut” en we zijn weer weg.
Dit keer doen we lijn 651 met bus 544, een vrij recente bus (november of december 2008), een goeie chauffeurszetel (piept niet) en nog maar een klein beetje gerammel. Zo’n bus valt best te pruimen. Maar toch, maar toch, mijn slecht karakter kruipt waar het niet gaan kan, ik moet een paar puntjes vermelden. Een paar? Das wat weinig en drie is ook niet goed, altijd van dat drie en dan nog scheepsrecht ook. Zeven zou kunnen maar dat is een heilig getal, daar blijf ik af. Vier dus, niet meer, zeker niet minder.
1. Het zonnescherm.
2. De bekerhouder.
3. Opnieuw de bekerhouder.
4. Verrassing.
Punt een.
Lijn 651, dat is naar Zaventem Luchthaven (Brussels Airport), dat moet ge nu stillekesaan beginnen te weten, ik ga dat niet elke keer opnieuw herhalen. ‘s Avonds gaat de zon onder in het westen (en niet in het zuiden, dank je Hilke) en dus trekken we, indien nodig, het zonnescherm naar beneden. Tot zo ver alles goed. Met een soepele beweging, vertrekkend vanuit de schouder via de arm en mijn linkerhand naar de toppen van mijn vingers (oppassen voor een hernia) komt dat scherm op de gewenste hoogte terecht. En blijft daar, maar ook de zon blijft daar, recht in mijn ogen. Chauffeurs van de rol op Zaventem knikken nu begrijpend van ja, voor leken wil ik wat uitleg geven. Het voorste raam van zo’n Mercedes Citaro is 220 cm breed, het zonnescherm is 102 cm breed. Dan is het niet moeilijk om te beseffen dat er nog 118 cm overblijft waardoor de zon genadeloos verblindend kan zijn. Vandaar mijn dringende vraag aan de aankoopverantwoordelijke van de Staca: Mevr. Van Pee, als je nog eens bussen bestelt, wil je dan voor het zonnescherm een maatje XXL vragen? Dank u wel.
Een pet met een zonneklep zou natuurlijk ook helpen maar dat hoort niet bij ons uniform en mag dus niet.
Dat was punt één, we rijden verder, begin juni was het uitzonderlijk warm en een koude cola of een flesje spa in de bekerhouder is een welkome verfrissing. Op het laatste stuk, binnen het luchthaventerrein zijn er een paar venijnige bochten, en daar hebben de busontwerpers duidelijk geen rekening mee gehouden. Zo’n bekerhouder in geborsteld aluminium, dat staat chique, maar een busje cola dat omkiepert op je uniformbroek zodat de stof voor de rest van je dienst aan je billen blijft plakken, dat staat minder chique. Vandaar opnieuw een dringende vraag aan Mevr. Van Pee (mag ik Greet zeggen?): wil je bij Mercedes erop aandringen dat ze die bekerhouders een paar centimeter dieper maken? Dank u wel.
Voor punt drie blijven we verder borduren op punt twee. Je vraagt je ongetwijfeld af wat er met een bekerhouder nog mis kan zijn? Daarvoor moet ik enkele maanden teruggaan in de tijd. Een koude januaridag, chauffage comfortabel en computergewijs geregeld en voor in geval van nood, een Red Bull binnen handbereik. Na zes, zeven uur dienst begint bij mij de vermoeidheid toe te slaan, ge kent dat, met de ogen knipperen, geeuwen, de armen strekken, je hoofd naar links en naar rechts forceren (weer oppassen voor een hernia), dus tijd voor een slok Red Bull (suikervrij). Bwurk, blurk en bèkes, die is begot warm! Als ge daar een soeplepel honing bij doet is dat ongetwijfeld goed voor een opkomend hoestje, maar ik had die dag geen keelpijn. Laat ik het dus maar direct vragen: bij een volgende bestelling, graag bussen waarvan de in geborsteld aluminium uitgevoerde bekerhouder niet mee opwarmt met de chauffage. Dank u wel. Een simpel houdertje, zoals in de oudere bussen, dat mag ook en dat scheelt weer een slok op een borrel.
Het vierde punt is eerder een leuk detail. Eind vorig jaar stond ik op de luchthavenparking, met een van die toen nog splinternieuwe bussen, het raam half open en de krant op pagina drie. Tok tok tok, een dame wil een inlichting en vriendelijk als ik ben duw ik op de schakelaar, bzzzzt, om het raam helemaal te laten zakken. Het is inderdaad een detail, en die dame keek nogal ontgoocheld, maar dat raam ging terug dicht, tzzzzb! Ondanks mijn vermoeidheid na zeven uur dienst en het niet kunnen drinken van een energiedrankje wegens een te warme in geborsteld aluminium uitgevoerde bekerhouder, had ik het mankement vrij snel door. Knop naar boven duwen en bzzzzt, het raam gaat naar beneden. Knop naar beneden duwen en tzzzzb het raam gaat naar boven. Dat ondertussen die dame ongelovig kijkend en hoofdschuddend was weggewandeld is een beetje vervelend, maar ik heb gelukkig oogkontakt kunnen maken. Eerst dacht ik: niks aan de hand, foutje van een fabrieksarbeider in Turkije die de Duitse gebruiksaanwijzing niet goed gelezen heeft. Zoiets mag niet, het zijn tenslotte Mercedesbussen, de crème van de crème. Je gelooft het niet: op al die nieuwe bussen is het van “tzzzzb” en niet van “bzzzzt”! Die arbeider mag van geluk spreken dat hij nog niet ontslaan is, ginder in dat verre land.
Akkoord, een beetje chauffeur overleeft die probleempjes, het is alleen af en toe wat ambetant, wat irritant. Maar stel dat ik met mijn cursiefjes bereik dat de zonneschermen hersteld worden? Dat zou toch schitterend zijn? Dan zou ik meer bereikt hebben dan de verzamelde vakbonden op de Staca!
En wie weet, als ik op al of niet vervroegd pensioen ga, krijg ik dan geen aandenken van de andere chauffeurs? Een bord, zo’n tinnen teljoor met een ontroerende tekst op:
“Voor Opabus, onze geliefde collega, die ons eilaas te vroeg verlaten heeft.”
Snik en snotter en je moe nie huil nie, je moe nie treur nie.
Als ik heel oud zal zijn, en mijn hersenen nog veel ouder, dan gaan ze terug mijn Lijn-uniform aandoen, met epauletten en gestreepte das. En ze gaan mij voor dat tinnen soepbord zetten en ik ga zachtjes “akke-akke-tuut-tuut” zeggen en spatjes speeksel voor mij rond strooien.
geschreven op 2/06/2008
Al bij al is het voor een chauffeur die de late dienst rijdt op lijn 651 een rustige job. Weinig of geen volk op de bus behalve rond vier, vijf uur als de scholen gedaan zijn. Dan krijgt ge nogal wat jeugd mee die in Meerbeek of Everberg afstapt, maar die hebben allemaal een abonnement, dus daar heb je geen werk mee. En het mag dan ook wat vooruit gaan, deuren open vooraan, deuren open achteraan en laat ze maar binnenstromen. Het oogkontakt is voor een andere keer. Dat is heel klantvriendelijk want die kindjes willen na een vermoeiende schooldag zo vlug mogelijk bij hun mama en hun papa zijn. Als ze alleen maar bij hun mama of alleen maar bij hun papa willen zijn, dan zijn dat misschien kindjes van gescheiden ouders. Dat is heel droevig.
Naarmate de avond valt wordt het steeds kalmer en daalt de rust neder over De Lijn. Het spitsuur is voorbij en de dorpswegen worden zo goed als verkeersvrij. Tijd om te dromen, vakantieplannen te maken of na te denken over toekomstige cursiefjes.
Wie mijn blog al langer volgt weet dat ik dat eigenlijk niet zo leuk vind: al dat rustig gedoe, dat rondtjokken van dorp naar dorp en wachten aan haltes op volk dat maar niet wil komen… Misschien heb ik te lang als zelfstandige gewerkt, maar voor mij mag het best ietsje drukker zijn. Trouwe lezers weten dat ik een hekel heb aan doelloos rondrijden met lege bussen, nieuwe “Yserttout"-lezers weten dat nu ook.
Nu heb ik wat te veel tijd om te fantaseren, om rond te kijken, om te zien of alles wel in orde is. Tiens, juist, wat dat in orde zijn betreft, zouden die zonneschermen gemaakt zijn? We zijn immers al 14 dagen verder, er zal toch wel al eentje hersteld zijn? Straks na mijn dienst eens gaan kijken. Ik rij als een der laatste de garage binnen en zowat alle andere bussen staan er dan. Eerst moet er wel getankt worden, zo’n 140 à 160 liter en de ontvangsten geteld, 2 tot 4 euro.
Mensen die het lezen beu zijn, wel, die kunnen wat prentjes kijken.
Ik heb van ons buren in Le Ran foto’s gekregen van de betonvloer in Le Cassan. Het ziet er goed uit. Zondejammer dat ook ik alleen maar foto’s kan bekijken. Nog 38 dagen.
Maar nu moet ik gaan werken, tis te zeggen, met de bus rijden. Fietsend overbrug ik de tien km naar de Staca, een ideale afstand om mijn conditie wat te onderhouden en een al te geprononceerde buik te vermijden. Ik wil er ondertussen Lieve, van de bureau, op wijzen dat ondanks haar voorspelling van een drietal jaar geleden, ik nog steeds niet rondloop met een chauffeursbuik, en ook geen bierbuik, want ik hou het bij wijn. Rode wijn, dat is goed voor mijn hart. Ok, en nu ik moet dringend weg, ik heb nog juist 25 minuten en dat is een beetje nipt.
geschreven op 18/05/2008
Ik weet dat ik niet altijd met de breedst mogelijke smile op mijn gezicht mijn taak als Lijnbuschauffeur uitvoer. Ooggetuigen beweren zelfs dat ik er soms nogal stuurs en nors kan bijzitten. En gelijk hebben ze! Om direct de juiste toon te zetten en mijn bij tijd en wijle norse stuursheid te verklaren geef ik een korte samenvatting van wat er in dit artikel gaat volgen, verdeeld over vier punten:
1. het zonnescherm
2. de airco
3. de passagiersbel of afstapbel (een opstapbel is er niet)
4. de voorste deuren.
Akke akke tuut tuut en we zijn vertrokken: enkele dagen terug reed ik met bus 309, dienst 14, dat is Leuven - Brussel (heen) alsook Brussel - Leuven (terug). De zon gaat onder in het westen en in combinatie met de grote voorruit van mijn bus kon ik die dag richting Brussel (heen) een prachtige zonsondergang bewonderen. Een bloedrode zon die langzaam achter Brussel verdween, heel mooi! Zo verblindend mooi dat ik om blijvende oogschade te voorkomen mijn zonnescherm naar beneden trok, tot op de gewenste hoogte. In een normaal onderhouden bus blijft dat ding op zijn plaats. Niet in bus 309, floep en tot mijn ergernis schoot dat kreng met een rotvaart terug naar boven. Half verblind begon ik te remmen en kon ei zo nipt een kinderwagen onwijken, een dubbele, met een tweeling in. Vermeldenswaardig en belangrijk in dit verhaal is het feit dat die bus (en ook sommige andere bussen) al weken rondrijdt met een kapot zonneschermmechanisme. Dat is dus een probleem waar ik niet direct een verklaring voor vind. Zou het kunnen dat er bij ons in de firma, de Staca, te weinig techniekers zijn? Dat ze de tijd niet vinden om dergelijke herstellingen uit te voeren? Nee, want aan de straatkant hangt een groot bord: “Staca werft chauffeurs aan”. Geen techniekers, dus dat kan de reden niet zijn. Is het misschien gewoon onverschilligheid van de directie? Dat geloof ik nooit, ons bazin zegt dat het comfort, de veiligheid en het algemeen welzijn van de chauffeurs haar zeer nauw aan het hart ligt! Wie ben ik om daaraan te twijfelen? Zou het kunnen dat de Staca geen centen meer heeft, dat we daarom moeten blijven rondrijden met omhoogfloepende zonneschermen? Ook niet, de financiële toestand bij de Staca is gezond. Er blijft nog een mogelijkheid over: zuinigheid, Vlaams-Brabantse zuinigheid, de moeder van de porseleinkast. Op zich niet slecht, hoe meer ze besparen op het materiaal, hoe beter ze de chauffeurs kunnen betalen. Zouden kunnen betalen.
Dat was punt één, nu punt twee.
We rijden nog altijd met dezelfde bus, dienst 14. Herinner jullie de warme dagen begin mei en je begrijpt dat het heet kan worden in zo’n bus, vooral met de volle zon op die grote voorruit waarvan het zonnescherm niet werkt. We hebben airco, enfin, zouden er moeten hebben, maar die werkte ook niet. Ergens te begrijpen, het was tenslotte de eerste warme periode van 2008 en misschien moeten de airco’s nog nagekeken worden of aangesloten of zo, ik weet dat niet, ik ben geen technieker.
Laten we overgaan naar punt drie: de bel werkte niet. Ola, das erger want heel ambetant. Dank zij die bel weten we dat er een afstapper is voor de volgende halte. Er komt ook een signaal op het computerscherm dat verwittigend pinkt, maar dat ziet ge niet altijd, vooral niet als je richting Brussel rijdt tegen de zon in en met een zonnescherm dat omhoogfloept (zie punt één). Geloof me vrij, als ze zes keer geroepen hebben: “Ei chauffeur, STOPPEN, ik moet er hier uit” dan heb ik de zevende keer serieus goesting om mee uit te stappen! Ook mijn oogkontakt beantwoordt op zo’n momenten niet aan De Lijn-voorschriften . Schuchtere reizigers zijn zich al komen verontschuldigen dat ze gebeld hadden en zeiden dat ik gerust nog een paar haltekes mocht verder rijden!
Om af te ronden: punt vier, nog altijd bus 309, dienst 14: ook mijn voordeur deed het niet zoals het zou moeten. Die wilde niet altijd sluiten en dat is onnodig en enerverend tijdverlies.
Ik ga er verder geen woorden aan vuilmaken, ik heb al teveel tijd verloren met dit artikel maar het moest even gezegd worden. Ik hou jullie in volgende cursiefjes wel op de hoogte.
PS.: Begrijp je nu dat als ik een halte nader, ik de mensen soms zie denken: “Tis godver weer die nurk die aan het stuur zit!”!?
geschreven op 6/05/2008
Foulquier Serge, gespecialiseerd in: rénovation, maçonnerie, charpente et couverture (tel: 0033.565299161, ) zal in Le Cassan een betonneke gieten.
Toen hij de raamopeningen gemaakt had heeft hij me opgebeld: “Willy, als ge de houten balken boven de stallen nu niet vervangt door een betonnen vloer, dan zou je daar later wel eens veel spijt van kunnen hebben.” Ik heb al van teveel dingen in mijn leven spijt gehad en dus heb ik er Karel uit Le Ran bijgeroepen, een eikenbalken -liefhebber in hart en nieren en ook zijn advies was: “Doen, haal er al die scheve en kromme en soms halfvergane balken uit en laat een betonnen vloer plaatsen.” OK dan maar, Serge Foulquier kent zijn vak, dat zie je aan de raamopeningen die hij in april gemaakt heeft, en hij heeft mijn vertrouwen.
Een en twee mei waren vrije dagen, gevolgd door een W.E., dus heb ik Frans meegevraagd en zijn we, begeleid door de muziek van Het Brabants Volksorkest, daar efkens een paar balken gaan uitbreken. Die naam moet ge onthouden: Frans Smout uit Winksele. Een handige doe het
zelver, niet onaardige cineast, kan ook koken, doet spontaan de afwas en is niet te veeleisend qua comfort. Alleen vertikt hij het om in dezelfde ruimte van een snurker te slapen, dus heeft hij drie nachten gelogeerd bij Lea en Roger. En bijna vergeet ik het voornaamste: hij is gepensioneerd! Karel is ons zaterdag komen helpen, Marleen bracht een heerlijk middagslaatje en twee flessen witte wijn en Roger was weer eens onmisbaar om met zwaar materiaal die balken uit de muur en naar buiten te trekken. Als er iemand geïntereseerd is: die balken zijn ongeveer 40 op 40 cm en zo’n 5 meter lang. Te verkrijgen na het betalen van een niet onaardig voorschot en de rest cash bij afhalen. Wie ze allemaal samen koopt en ze zelf op zijn porte-bagage legt krijgt korting.
Voor de mensen die denken dat deze vierdaagse het bekende “fluitje van één cent” was: toch nog een korte samenvatting.
Frans en ik zijn vertrokken de donderdagmorgen om 4 uur, zijn aangekomen in Le Cassan rond 15uur en hebben er nog redelijk wat werk verzet, onder andere het verplaatsen van de OSB-platen van de eerste verdieping (boven de stallen) naar de tweede verdieping. Na een heel goede nachtrust (Frans) en een ietwat onrustige nacht (Willy) hebben we vrijdag en zaterdag middels een tractor, katrollen, een kettingzaag en veel spierkracht (Karel) die eiken balken buitengesleurd zodat de aannemer zonder tijdverlies en in een open ruimte aan zijn werk kan beginnen. Hoe en wat hij juist zal doen moet ge mij niet vragen, ieder zijn vak, maar tegen 14 juli ligt boven de stallen een effen betonnen vloer van 20 cm dik. Meer moet dat niet zijn! Zondagmorgen zijn we terug naar huis gereden en na het verteren van 27 km file (des bouchons) en de rest van de mazurka’s, polkas en walsen van Het Brabants Volksorkest waren we rond middernacht thuis.
Bij deze wil ik me excuseren voor al de mensen die maandag 5 mei de lijnbus genomen hebben met chauffeur nr. 399 aan het stuur: ik heb geen oogkontakt gemaakt, ik ben haltes vergeten, ik ben naar Kraainem gereden via Zaventem en eigenlijk weet ik niet eens of er wel mensen opgestapt zijn. Voor ik nog zo’n vierdaagse doe zal ik eerst op pensioen gaan, zoals Frans.
Of beter nog, ik ga in le Cassan wonen: daar is niet eens openbaar vervoer en de files moeten ze er nog uitvinden. Ik ga er in alle rust mijn patatjes planten en af en toe wat groensels kweken, zoals Lea.
geschreven op 19/04/2008
Ah wat een hartverwarmende reactie kreeg ik van de molenaar uit Hasselt. “Hoog Sammy, kijk omhoog Sammy” en dat met de belofte van een zomers hogedrukgebied van jewelste (van je wie?)! Hoewel, geef me maar een gewoon, doordeweeks hogedrukgebiedje. Anders zit ik geheid weer in de miserie en ben ik zelfs in de zomer niet meer welkom in Aveyron. Want wat durf ik voorspellen? Wat gaan we krijgen? Een hittegolf, die van jewelste, met ongekende recordtemperaturen. Het wordt een bloedhete zomer met stomende zwembaden en melk die zal overkoken in de uiers van de koeien, de geiten en zeker ook van de schapen.
Die foto boven, dat is niet Sammy die omhoog kijkt, dat is dochter Anne-Leen. Een fiere vader kan melden dat ze daar, met de dansgroep “Villa Dansa” uit Herent, op 13 april de finale gewonnen hebben van de wedstrijd moderne dans. En dat ze zich vanaf nu “Ambassadeurs voor de moderne dans in Vlaanderen” mogen noemen. Ik citeer even de woordvoerder van de organisatie: “Zij brachten een dansvoorstelling van hoogstaand niveau waarmee zij Vlaanderen in het buitenland kunnen vertegenwoordigen.” Dat buitenland, dat klinkt bemoedigend, zou Le Cassan een kans maken?
Trouwens, wat ik zelf ooit zou willen organiseren, dat is een circusfestival in Lescure Jaoul. In mijn kinderjaren was circusartiest worden niet direct de betere optie voor een beroepskeuze. Ik zou vast en zeker met mijn klikken en mijn klakken en een achterwaartse salto thuis buitengevlogen zijn. Niet haalbaar, zo’n circusfestival? Dat weet ik nog zo zeker niet. President Sarkozy en dingske, allé help eens effe meedenken, hoe heet die ook weer, juist, dank je, Carla Bruni zouden me ongetwijfeld steunen. Vooral omdat ons Carla ook een artieste is, of was. Zingt ze eigenlijk nog? Maar eerst zal ik bescheiden beginnen, o.a. bij de burgemeester van Lescure. Die zal maar wat enthousiast zijn dat zijn dorpje op die manier op de wereldkaart komt!
Maar dat lost onze zomerse hittegolf annex droogteprobleem niet op. Ge ziet dat de molenaar uit Hasselt gewoon is om met kinderen om te gaan: veel beloven doet in Sinterklaas geloven! Een groot geluk dat we in Yserttout een waterput hebben, 24 meter diep. Een geluk?? Een groot geluk?? Ik mag nog acute uitdrogingsverschijnselen hebben, dat water gebruik ik niet, laat staan dat ik er zou van drinken! De laatste 60 jaar staat dat water roerloos zichzelf te spiegelen in herinneringen van vorige eeuwen. Wat deed men, zo’n 250 jaar geleden, na het berijden van een scheve schaats? Het resultaat 9 maanden later in doekskes wikkelen en door de os en de ezel laten beademen? En dacht ge dat heksen daar op de brandstapel werden gezet? Die werden gewoon in een diepe waterput gegooid. Stelt dat, voor het eerst sinds mensenheugnis zelfs de bron geen water meer geeft, zullen de woedende, radeloze buren me dan ook in die put gooien? Moet verschrikkelijk zijn, als ik nu over de rand kijk word ik al draaierig, wegens hoogtevrees. Een geluk dat Pieter en Raf eind juli met hun vrachtwagen komen, daar kunnen heel wat bakken spuitwater in. Ze moeten ook bakken andere drank meepakken: plat water bijvoorbeeld. Fruitsap van druiven gaan we ter plaatse kopen, bij onze favoriete wijnboer in Gaillac.
geschreven op 2/04/2008
Het weer ginderachter wordt voor mij stilaan een obsessie. Als ik aankom in Le Cassan begint het te regenen of te sneeuwen en als ik terug naar Leefdaal moet, schijnt de zon. Dit hoogst onrechtvaardig weersverschijnsel doet zich nu al voor de vierde keer op een rij voor. En voor alle duidelijkheid, het vorig cursiefje “Oskoer” had ik gelukkig al enkele dagen op voorhand geschreven. In de gietende regen valt weinig van een sterrenhemel te zien, laat staan dat ik een avondvuur zou gestookt hebben. Mijn excuses, maar ik dacht dat ik voor één keer mooi weer zou hebben. Wat heb ik God en zijn weergoden toch misdaan om zo zwaar gestraft te worden? “Eli Eli Lama Sabachtani” Mattheüs 27: vers 45 “Mijn God, mijn God waarom hebt Gij mij verlaten”? Enfin, zo wordt dat uit het Hebreeuws toch vertaald. Volgens mij kan hij evengoed geroepen hebben: “Een pint, een pint, mijn leven voor een pint.” Maar pas op, ik ga volhouden, niet tot in het oneindige maar wel heel lang! We gaan eens zien wie het eerst opgeeft! Ik ben een staalharde volhouder met kilometers geduld. Nietwaar Geert? NIETWAAR GEERT? Ze is aan het koken en luistert niet naar mij. Morgen moet ons Geert zes mensen van voedsel voorzien en het voorbereidend werk vraagt altijd veel concentratie. “Ossobucco met Gremolata” zal ik vanavond als hoofdgerecht proeven en daar mijn overigens zeer deskundige mening over geven. Ietekens meer zout, wat pepperspray bijspuiten (die van de FBI is de strafste) of een kwartje van een vierde knoflook toevoegen.
Terug naar Le Cassan. Foto’s maken veel duidelijk en mijn commentaar overbodig. Kijkt en geniet mee van:
Het weer, het graven van de riolering, met de fourgon de balken halen, het maken van afvoerputtekes, mijn kleinkind, samen met de buren ruïne-resten afbreken, het ontdekken van een verborgen waterput (9 meter diep) en van Roger zijn atelier, Geert haar voorlopige keuken, het improvisatie-terras, en tot slot de laatste dag in de zon: “Zing, Vecht, Huil, Bid, Lach en Bewonder” en veegt uw snottebellen af. (Ramses Shaffy).
Die"Ossobucco met dinges” was van lek min lipke van te kan nie beter! Overheerlijk dus. Ik voel me verplicht jullie een dienst te bewijzen en nog eens het GSM nummer van de gastentafel “deBegeerte” door te geven: 0496-809785.
geschreven op 12/03/2008
In Le Cassan hebben ze geen last van lichtpolutie. Donker en stil dat het hier is. Ik heb een avondvuurke gestookt, best gezellig en bijna romantisch heb ik genoten van de schitterende sterrenhemel. Maar het werd koud, vooral aan de rug en dus zit ik nu in de caravan, eenzaam en helemaal alleen, want ons Geert komt pas binnen 10 dagen. Ik twijfel: doe ik alle gordijnen dicht of laat ik er een paar open? Als ze dicht zijn dan kan men denken: ha, niemand thuis, tis de moment om in te breken. Laat ik ze open dan kan er best een inbreker voor het plexi-raam staan, met zo’n boeventronie à la Jack Nicholson, hoe heette die film ook weer? The Shining? En die gluurt dan naar binnen en wacht het moment af tot ik slapen ga. De deur is wel op slot, maar zo’n caravandeur sluiten heeft vooral een symbolische betekenis. Maar nee, natuurlijk ik heb genen bang. Trouwens, wie zou het in zijn hoofd halen om naar Le Cassan te rijden en er een roofoverval te plegen? Het kost meer aan kilometers en aan naft dan dat er hier te stelen valt. Ik ga een glas wijn drinken, wat verder schrijven, een glas wijn drinken, wat verder schrijven en straks slapen.
Want morgen is het vroeg dag en er staat veel op mijn programma. Hoe zou dat in de kranten verschijnen? Eenzame zwerver vermoord teruggevonden in caravan? Of, oudere man komt gruwelijk aan zijn einde?
Wat ik nu hoor zijn de koeien in de stal van Roger, dat geluid ken ik. En dat geritsel en af en toe een takje dat kraakt: niets verontrustend. Alhoewel, waarom kraken er buiten takjes? De honden van de buren zijn het niet want die zitten ‘s nachts in hun kot. Wolven en beren zijn hier ook niet,
die vindt ge meer in het oosten van Europa. Van een kat heb ik geen schrik. Ik doe mijn werkschoenen aan en geef ze een stamp, vlak op hun muil. Ik mot geen zwerfkatten hebben in Le Cassan. En vlam, nog een lel tegen hun kattekont. Ik mot geen poesjemiauw! Wil ik toch eens buiten gaan kijken? Ik pak Geert haar grootste keukenmes mee, als het een echt wild dier is moet ik me kunnen verdedigen. Maar stel dat het een landloper is met slechte bedoelingen? Dan ben ik niets met dat groot mes. Landlopers hebben gewoonlijk van die dikke gevoerde vesten aan, geraak daar maar eens door. Beter het aardappelmesje pakken. Dat is smal en vlijmscherp, maar misschien wat kort. Reken 3 cm voor de kleren, dan heb ik nog 4 cm om tot in zijn hart te geraken zodat de snoodaard bloedend en stervend ter aarde neerstort. Weet iemand of vier cm genoeg is?
Kom Willy, doe niet onnozel, verzet uw gedachten, schrijf een beetje over De Lijn, dat is altijd dolle pret.
Awel, ik heb drie weken na elkaar de avonddienst op lijn 651 naar “Zaventem Luchthaven” gereden en er moet mij iets van het hart. Ik begrijp dat ge uw wenkbrouwen fronst en denkt: daar is hij weer met zijn gezaag, dat hij content is dat hij werk heeft en er nog voor betaald wordt ook. Mis en kompleet derneffen, deze keer ga ik opbouwend schrijven en een constructieve bijdrage leveren tot het opkrikken van de statistieke gegevens van De Lijn.
Even de situatie schetsen: vrijdagavond 22u16, ik sta in Leuven station en op de film van mijn bus staat “651 Zaventem Luchthaven” waarnaartoe ik over exact 4 minuten moet vertrekken.
“Meneer, rijde gij over Leefdaal?” Nee, ik niet, das de 616.
“Meneer, rijde gij over Erps-Kwerps?” Nee, ik niet, das de 652.
“Meneer, rijde gij dan misschien over Everberg?” Stapt in lieve mensen en weest gezeten. Rap nog oogkontakt gemaakt, tickets gekontroleerd, deuren toe en weg wezen, ge kent de opstapprocedure.
Een uur later kom ik aan op de luchthaven, één iemand blijft zitten en kijkt mij afwachtend aan. Even twijfel ik of de reiziger vergeten is het oogkontakt af te sluiten, maar nee, er is duidelijk een probleem van grotere orde. “Chauffeur, wanneer komen we in Zaventem centrum?” Niet met mij, Zaventem Luchthaven is mijn eindbestemming, “Jamaar, er staat toch Zaventem op uw bus?” Dat is heel goed gezien, maar toch rij ik niet naar Zaventem, dat doen vele andere lijnen, maar niet lijn 651. Vriendelijk leg ik de ontgoochelde reiziger uit dat ik stop en zal genieten van mijn welverdiende rustpoze op de luchthaven van Zaventem . Kakske doen (smeuig), krant kopen (De Morgen), een tong draaien met een airhostess (en passant) en zo nog van die dingen die het leven van een lijnchauffeur draaglijk en zinvol maken.
Godver, dat is toch geen normaal nachtelijk geluid buiten? Dat kan toch niet van een klein beest zijn? Ik ga kijken, ik wil weten wat er hier rond de caravan gebeurt. Wel eerst een paar keren door de knieën zakken en diep ademhalen zodat ik, als het moet, in een ruk kan doorsprinten tot bij de dichtste buur en mijn leven in veiligheid brengen. Het is hier echt wel pikkedonker, iet of wat lichtpolutie zou ik nu niet erg vinden.Bij Christian is nog licht te zien, en dat geflikker is vast van zijn TV. Dat toestel staat natuurlijk keihard want tante Tatti is hardhorig. Laps, aan zo’n buren heb ik dus niets. Het zal veel helpen als ik om hulp roep en “hulp” met een Westvlaams accent zullen ze hier al helemaal niet kennen. Trouwens we zijn in Frankrijk, ik moet koelbloedig blijven en in ‘t frans denken en terwijl die landloper mijn strot dichtknijpt luidkeeels “OSKOER” roepen (x3)! Vijf lange minuten heb ik buiten gestaan en muisstil was het, niks maar echt niks te horen, dat is toch ook niet normaal?
Wat ik zeggen wou betreffende “Zaventem Luchthaven”: waarom staat er op ons bus, op de film niet dat lijn 651 rijdt naar “Brussels Airport via Everberg en Steenokkerzeel”? En lijn 652 naar “Brussels Airport via Erps-Kwerps en Zaventem”? En lijn 616 naar “Brussels Airport via Den Zoeten Inval en Onder den Kerktoren” ? Maar waarom daar nog verder over nadenken? Er zijn bij De Lijn ongetwijfeld knappe geesten die daarvoor speciaal aangeworven zijn. Geesten, dat is ook geen geruststellend woord als ge alleen in een caravan zit, nog wel in ‘t donker en van God en klein Pierke verlaten. Ik ben een avondmens, ik ga zelden slapen voor 24 uur en dat komt hier niet goed uit want anders was ik allang vredig aan het snurken. Maar pastop, wie zal dat gesnurk horen? Juist, die landloper. Die staat nu wellicht met zijn oor tegen de caravandeur te luisteren. Ik ga alvast alles klaarleggen: mijn portefeuille, mijn bankkaart van de Credit Agricole (met die van Dexia is hij niets), mijn GSM, de autosleutels (die auto is toch van Karel) en dat allemaal direct aan die landloper afgeven. Stom natuurlijk, ik had al het geld van de Credit Agricole gisteren moeten overzetten op de Dexia rekening, maar soit, het zij zo. En ik zal zeggen dat ik geen frans versta: “excuse moi je”. Of in het Russisch: “я не говорю франчуза!” Ongetwijfeld zal die vieze, naar drank en knoflook uit zijn bek stinkende slechterik dan aangenaam verrast en enigszins verwonderd wegwandelen, waarna ik eindelijk mijn artikel kan afwerken.
Voor morgenavond los ik dat beter op. Ik rij naar Le Ran, naar Marleen en Karel. Zogezegd omdat mijn artikel dringend gepubliceerd moet worden. Marleen heeft een nieuwe laptop en witte landwijn in de frigo. Bedien uzelf, zegt ze altijd. Ik zal dat doen, direct twee glazen, misschien drie. In ieder geval tot ze bezorgd vraagt of ik zo nog kan terugrijden naar Le Cassan, en dan nog met Karel zijn auto. Niet dat er veel alkoholkontroles zijn maar één is voldoende. Mooi zo, die landloper zal nogal verschieten als hij zijn slachtoffer niet vindt, haha, hahaha, en ik kan rustig naar de Laatste Show in het algemeen en naar Frieda Van Wijck in het bijzonder kijken. Leve TV-Vlaanderen en de schotelantennes.
Voor morgenochtend graag 2 bokes met een zachtgekookt eitje en geen melk in de koffie.
geschreven op 7/03/2008
Tot mijn stomme verbazing schijnt het dat ik me voor de verkiezingen van de ACV als kandidaat-afgevaardigde heb opgegeven. Jaja, en het schijnt dat mijn grootmoeder koningin Fabiola is. Merk ik hier een lichte vorm van wishfull thinking? Zou er een tekort aan kandidaten zijn? Howhowhow met die vakbond, rustig aan jongens.Voor alle zekerheid heb ik me gedesyndicaliseerd. Ge weet maar nooit wat ze me nog allemaal proberen aan te smeren. Al bij al kan ik nu aan mijn kleinkinderen vertellen dat ik bij de vakbond geweest ben. Akkoord, 3 maanden is niet lang, maar toch voelde ik al een lichte vorm van vrijheidsbeknotting. Opluchting is nu mijn deel en ik ga terug vrij en ongebonden door het leven. Dat past beter bij mijn karakter, denk ik. Howhowhow!
geschreven op 24/02/2008
Ge moet eens kijken op www.blau.be. Knap werk, niet? De man achter dit werk is Bart en dat is de zoon van Geert en met Geert leef ik ondertussen al 11 jaar succesvol samen.
Op die toekomstige “www.lecassan.com” zoek ik een combinatie van Geert haar gastenkeuken “deBegeerte” en mijn “Opabusschrijfsels” te maken. Hoe verwerk je een gastentafel met reservaties, ideeën, workshops, menu’s en dergelijke met cursiefjes over Yserttout, de Lijn en andere vertelsels? Er moet een combinatie komen van enerzijds mensen die graag onnozeliteiten onder de vorm van schrijfsels lezen en anderzijds liefhebbers zijn van de betere keuken.
Dat wordt pijnlijk nadenkwerk waar een hulplijn onontbeerlijk is. Bart, voelt ge mij komen, op kousenvoeten? Rustig verder lezen Bart, straks haal ik het zwaar geschut boven.
Le Cassan, dat ligt in Frankrijk en tot nader order spreekt men daar de taal van Molière en voor 80% van de volwassen Fransen is dat alléén de taal van Molière. Dat heb ik op Google gelezen, en ook dat Arabisch de grootste immigrantentaal is. Al die mensen via het web bereiken, het zal niet simpel zijn. In Le Cassan zelf moet de eerste computer nog aangesloten worden...! Jawel, al een paar jaar staat er bij boer Roger een computer, maar die is nog altijd niet uitgepakt. Ter plaatse is er echter geen probleem, de geruchten gaan er tamtamsgewijze nog heel snel rond.
Je kunt stellen dat Geert en ik in Le Cassan sneller kontakt zullen hebben met ons kinderen en kleinkinderen via internet, skype, webcam, noem maar op, dan onze buren, Roger en Christian, die op 150 meter van elkaar wonen! Maar laten we duidelijk afspreken: wij willen niet op de hoogte gesteld worden van iedere scheet waar een verdacht geurtje aan hangt!
Akkoord, we verhuizen pas volgend jaar, maar die website mag er nu al komen. Om te oefenen, omdat “lecassan.com” tijd moet krijgen om te groeien en meertalig volwassen te worden.
En op wie kunnen we daarvoor rekenen? Wie zal zijn moeder heel graag dat plezier doen? Wie kijkt er naar uit om zijn talenten te demonstreren in een perfecte en originele website? De enige en echte Bart Houben, die van www.blau.be zal dat ongetwijfeld doen voor Geert, zijn moeder.
In de beginperiode zou dat een soort testversie voor de gastentafel “deBegeerte” in Leefdaal kunnen zijn, in een later stadium moet die website dan dienen voor “Yserttout” in Le Cassan. Maar nu zou ik bijvoorbeeld op die “www.lecassan.com” al kunnen vermelden dat Geert etentjes geeft voor 6 tot 12 mensen of workshops voor een zelfde aantal mensen. Dat ze op bestelling gerechten aan huis levert en ook recepties verzorgt. Ik zou ook kunnen vermelden dat Geert te bereiken is op haar GSM 0032-496809785 of op “geertrui.desmet@telenet.be”. Op de toekomstige website zal dat allemaal kunnen. De naam “www.lecassan.com” ligt al vast, daar heeft Bart voor gezorgd. Nu nog uitwerken, beetje vorm geven en wat kleur insteken en zo. Ook een fluitje van één cent? Of een schuiftrompet van veel euro’s? Allé Bart, tis voor uw moeder.
geschreven op 11/02/2008
Van 19 maart tot 5 april ben ik in Le Cassan,
ik ga er de eerste week o.a. verder de kelders uitgraven (hoor ik nog iemand?) en een WC en een douche installeren. Vriend Karel komt in zijn vrije tijd helpen en de tweede week komt Geert met de auto samen met Jan Willem, Vanessa en Mara. Hopelijk regent het niet te veel anders wordt dat een probleem met ons kleine Mara, trouwens, ook als het niet regent is het er nog niet direct “de beter uitgeruste kindercrèche”.
Zij gaan logeren bij boer Roger en Lea, daar zijn nog een paar kinderkamers van veel vroeger met een kinderbedje van nog veel vroeger, zou kunnen leuk worden.
Voor mensen die opzien tegen de ongeveer 1000 autokilometers naar Le Cassan: ikzelf ga deze keer met het vliegtuig. Met Ryanair tot Carcassonne (45 euro) en dan de trein van Carcassonne naar Carmaux, via Toulouse (17 euro, voor een zestig plusser!)Van Carmaux tot ter plekke is het nog zo’n 30 km. Daar komt Karel me oppikken, of Roger, of Marleen. Christian wil ook wel, maar die rijdt met de restanten van een stokoude Simca Talbot, nee, liever niet. Ik heb liefst dat Marleen me komt oppikken, het weerzien is altijd heel warm en er wordt wat afgekust! Ook Brussels Airways heeft regelmatig aanbiedingen op Toulouse (49 euro), dan zijt ge nog iets rapper ter plaatse.
Bon, nu de hoofdbrok, de twee super-werkweken! We hebben de werkplanning van de eerste week (van 21/7 tot 27/7) tot in detail vastgelegd. Zaten rond de tafel: die van de firma Boomer dat zijn Raf en echtgenote Nele, plus mijn zoon Pieter en vriendin Siegrid, Geert en ikzelf hebben geluisterd en veel bijgeleerd. Ze komen met hun vrachtwagen en al het nodige om de isolatiewerken (dak, muren, vloer) uit te voeren en tegen het einde van die week af te werken. De algemene leiding komt bij Raf,
Pieter houdt een oogje in het zeil en ikzelf zal zeggen als het goed is, als ik de kans krijg. Siegrid komt ook mee maar Nele zal met haar twee klein kindjes thuis blijven, aangezien de kindercrèche niet tot de prioritaire werken behoort. De vrijwilligers van de eerste week zullen dus moeten luisteren naar Raf. Wie moeite heeft met autoriteit en gezag kan alsnog de tweede week komen, dan zal opabus voor een vlot werkritme zorgen. Het dak wordt verder geïsoleerd, idem voor de buitenmuren en ook de vloer boven de stallen en nog van die dingen en de nieuwe vensters, die zouden er ook in moeten. Drie oude eiken balken moeten vervangen worden en er komt een nieuwe vloer in OSB, liefst waterpas. De nodige honderden meter balken en keepers en latten worden bij een houthandel in de buurt aangekocht en op maat gezaagd door buur Roger, 
die heeft een vooroorlogs reusachtig zaagmasjien. Veel werk, en toch zeggen Pieter en Raf dat ze tegen het einde van die week hun isolatiewerk zullen afronden en de kroon op hun werk zetten: namelijk huisje Yserttout volblazen met de fameuze Isofloc (zie hun web voor details).
En dan mensen, dan gaan we feesten! Zaterdagavond zal er een grote barbecue zijn met een nog groter kampvuur. En rond het kampvuur gezeten zullen we instrumenten bespelen en liederlijk zingen, pardon, liedekens zingen. Persoonlijk laat ik graag een traan langs mijn neus druppen bij het zingen van “ Hoe schooooon op de wéééééreld ...” Ook de Schotse herder Mc’ Charles zal langskomen en zal zijn doedelzak bespelen terwijl vrouwe Marieline de la Garrigue d’Yserttout zachtjes tegen hem aanleunt en liefdevol naar hem opkijkt.
Alhoewel, als iemand een doedelzak bespeelt, dan moet die het instrument toch opblazen? De Schotten doen dat met van die driftig pompende elleboogbewegingen, kan vrouwe Marieline de la Teutereteut en nog iets achter dan zachtjes tegen hem aanleunen? Laten we Mc’ Charles iets anders te bespelen geven. Een schalmei bv. of nee, een fluitje. We geven hem een fluitje, van één cent. Toch wel jammer dat Nele er niet bij zal zijn, zij zingt in een echt koor, en dat zou samen met Luk en Veerle, die ook in een koor zingen, zij het minder echt, dat zou met hen samen ontroerend mooi kunnen zijn. “Oh Suzahahanina en de zeven herderkens die hun schaahahaapjes op het droge hebben” zou ik dan aanvragen. Rond middernacht wankelen we, weer mis, wandelen we zo’n 500 meter verder naar de “Table d’orientation du Cheval du Roi”, het hoogste punt in de buurt (623 meter) en steken er een vuurwerk af. Waarna we nog iets drinken en een bisnummer zingen. Vierstemmig heffen we het licht erotisch maar zo wondermooie lied aan: “Zeg kwezelken wilde gij dansen, ik zal u geven mijn fluit”.
De zondag is het de “Dag des Heren”, gezamelijk gaan we bekotst en bekaterd via de wandelweg naar het kerkje van Lescure Jaoul, alswaar we de communie, een volle aflaat en het biechtsel ontvangen. Op de terugweg, in staat van genade en verlost van ons angsten en zonden houden we er flink de pas in en hier denk ik aan een stevig marslied:” Auf der Heide blüht ein kleines Blümelein und das heißt, één, twee, drie, vier ... Erika. Eins! Zwei! Drei! (x2) In der Heimat wohnt ein kleines Mägdelein ...” Marieline snort ons voorbij op de weg naast het wandelpad met haar solex richting Yserttout, een mand verse croissants et quelques baguettes op de bagagedrager. We gaan op zondag ook twee keer aperitieven en tussendoor wat rusten.
Ah mensen toch, nog 174 keer slapen!
De maandag starten we een nieuwe week die we leuk willen opvullen met resterende werkjes (elektriciteit en sanitair en nog teen en tander), vol te houden tot 2 augustus. Ongetwijfeld zullen er Yserttout-verslaafden zijn die maar niet naar huis willen: die mogen blijven en alsnog een luxe zwembad uitgraven aan de valleikant. Het water van de bron is er al, alleen de put ontbreekt nog, fluitje van een cent.
Ons Geert en ikzelf vertrekken vroeger, al op 14 juli. Dat is op een maandag omdat ik het W.E. ervoor nog moet werken, tenminste als ik de rol, ge weet wel, die van Zaventem goed bekeken heb.
We gaan eerst de caravan aan de auto hangen in Le Cassan om dan op dinsdag naar een camping in Visan te rijden (zo’n 350 km). Daar wachten ons een paar leuke vakantiedagen, waarmee ik “echte” vakantie bedoel: Wim, van Geert, gaat er trouwen met Maud, van Parys en dit op zaterdag 19 juli. Aangezien het een uitbundig tuinfeest wordt gaan we een paar dagen vroeger om mee te werken aan de voorbereiding, wijn op flessen trekken en tafels, stoelen en parasols klaarzetten. Ook veel wijn proeven en nog ander noodzakelijk kwaad, iemand moet het doen.
Siegrid kan er alvast wat oefenen: in Le Cassan zal zij namelijk streng toezicht houden op het werkritme en luierikken of profiteurs zo nodig aanporren. Wie denkt ‘s middags al te aperitieven, een siësta te houden, of, God bespare het ons, te spijbelen om in de natuur met zijn tweetjes te gaan wandelen, wel, die zal het aan de lijve ondervinden. Van boer Christian mag ik een staaf lenen met batterijen in en met twee pinnekes erop.
Dat werkt heel efficiënt om varkens in de stal te krijgen. Zet de voltage op het maximum en je krijgt er zelfs een uit de kloten gewassen, maar opa toch, een uit de kluiten gewassen stier mee op de beestenwagen. Ik heb het uitgetest op vriend Karel, op halve kracht, je moet die foto nog eens goed bekijken, dan weet je het wel.
Ge zult u nu wellicht afvragen waarom al die haast? Waarom die slavendrijverij? Tis simpel, tis omdat we op 1 juli 2009 willen verhuizen naar Le Cassan. Tis daarom.
geschreven op 10/02/2008
“Zondagdienst”. Tijd om na te denken, te fantaseren en af en toe aan een halte te stoppen om je gedachten te noteren. Het verwerkingsproces van zo’n zondagdienst kun je hieronder nalezen.
Je ziet ze al van ver aan de halte staan, kleurrijk en op z’n zondags, druk babbelend en gesticulerend met hun vriendinnen. Ze praten Swahili, Chichewa of een andere prachtige Afrikaanse taal en altijd met de volumeknop op tien. Ik stop, open mijn voordeur (eerste rode knop) en roep “Lowani” wat betekent “Kom binnen” in het Chichewa. Madame trekt zich aan haar armen de bus binnen, zwaait haar handtas (eerder een handkoffer) op het dashbord en begint te zoeken: “Oü j’ai laissé mon abonnement?”.
Kijk, daar durf ik me lichtjes aan ergeren. Reken maar dat haar imposante boezem u alle zicht naar rechts belemmerd. en dat haar indrukwekkende derrière geen verdere doorgang in de bus toelaat. Tien minuten later, als ze de helft van haar inboedel heeft uitgestald en ik haar vriendelijk gevraagd heb of ze van plan is om daar te kamperen, duwt ze haar abonnement onder mijn neus. Het familiehoofd weigert elk oogkontakt, draait zich om en schrijdt waardig, alsof ze de hoofd-aandeelhoudster van de De Lijn is, door de middengang naar haar plaats. O wat bekruipt mij dan soms de goesting om haar waardigheid te toetsen middels een speels kneepje in haar machtige derrière of middels het geven van een lichte dot gas.
Erger vind ik de slungels die opstappen en onverschillig met een vodje papier zwaaien dat dan hun abonnement moet voorstellen. Lange slungels, die zwaaien zo ongeveer te hoogte van hun knieën en of daar nu een chauffeur op die stoel zit of een hondendrol, het laat hen totaal onverschillig. Tegenover een geüniformeerde busbestuurder van De Lijn is zo’n houding ongepast, en dat laat ik soms subtiel aanvoelen. Ik kijk in de spiegel en wacht tot ze in het midden van de bus zijn en geef dan geen dotje maar wel een ferme scheut gas. Ondertussen geef ik een licht snokje aan het stuur, naar links, want de meeste mensen zijn rechtshandig. En dan tel je eenentwintig, tweeentwintig en je lost terug je gas. Die eenentwintig en tweeentwintig, dat zijn de twee seconden die ze nodig hadden om terug hun evenwicht te herstellen. Dan kijk je beter niet meer in de spiegel, de grijns op je gezicht zou je kunnen verraden! Ik wil de nieuwe chauffeurs waarschuwen: doe dat maneuver niet met iedereen. Ooit is zo’n gast terug naast mij komen staan. Ik wees met trillende vinger naar de sticker: “Niet praten met de chauffeur tijdens het rijden”. Hij zei ook niks, hij bekeek me alleen maar. Tot de eindhalte aan het Noord-station heeft hij daar gestaan. En ik zweer het u, nog nooit heb ik mijn gaspedaal zo zachtjes gestreeld, mijn stuur met zoveel gevoel door mijn handen laten glijden en mijn remmen nog amper beroerd!
Soms vraagt men mij of al mijn vertelsels echt gebeurd zijn: natuurlijk is alles echt gebeurd, alleen wat niet mag, dat is soms een beetje gefantaseerd.
geschreven op 5/02/2008
Vraagt ge u af waarom die scheldtirade er was in een vorig schrijfsel? Wel, geef me drie zinnen de tijd om het uit te leggen. In 2006 ben ik bijna 6 maanden thuis geweest wegens hernia problemen, dat weten trouwe lezers. En dan valt uw inkomen op ziekenkasniveau, kunt ge juist mee leven, of juist niet, of helemaal niet. Welke bruine enveloppe krijg ik toegestuurd op 26 januari 2008? Juist, een aanslagbiljet personenbelasting en aanvullende belastingen: dat ik voor 2006 nog 963,64 euro moet bijbetalen, en dit tegen 25 maart 2008. Dat is bijna 1.5 maal de som die ik maandelijks kreeg van de ziekenkas! En dat omdat de ziekenkas te weinig afhoudt “aan de bron” en de gemeente Bertem ook zijn deel van de buit wil. Ze waren wel vriendelijk bij de belastingen, die van Tervuren, ik mag een klein deel betalen in april, nog een klein deel in mei en dan de rest in juni met mijn jaarlijkse vakantiepremie. Ggggrrrrr....
Kijk, dat maakt me serieus lastig, ik voel de colère weer opkomen, ik voel het weer opborrelen. Rustig blijven Willy, let op je taal. Diep inademen, rustig uitademen, diep inademen, rustig uitademen, losjes met de handen wapperen… het gaat al beter. Laat ik ter compensatie een Lijnartikel fabriceren, dat helpt altijd om wat frustraties kwijt te raken, dat is therapeutisch verantwoord schrijfsel.
Ik werk voor een pachter. Een pachter, dat is iemand die zijn bussen verhuurt aan De Lijn, chauffeurs inbegrepen. Soms vragen we ons af wat het belangrijkste is: de bussen of de chaufeurs. In ons geval is het een pachteres, maar dat doet hier niets ter zake. Chauffeurs van De Lijn en dus ook van de pachters, die rijden niet zomaar kriskras door elkaar, die volgen een rol. Ge kunt bv. in de rol op Aarschot zitten, of in de rol op Brussel, of die op Zaventem, of nog een andere.
Ik ben begonnen met de rol op Aarschot. Niet te lang echter, Leuven-Aarschot op en af, ik vond dat niks voor mij. Beetje raar publiek daar op de bus, veel antiek en ook nogal wat inteelt. Nee, altijd maar rijden naar dat verneukeld middenstandersnest strookte niet met mijn Lijnverwachtingen.
Nu zit ik in de rol op Zaventem. En geef toe, voor mijn stand, mijn niveau klinkt dat toch al veel beter: ik bedien de Luchthaven van Zaventem. Nog liever had ik gereden naar “Brussels Airport”, maar De Lijn houdt het bij “Zaventem Luchthaven”. Het is dikwijls drummen op de parking van de luchthaven. Geprangd tussen tientallen andere bussen staan we trappelend, snuivend klaar om te vertrekken. Een paar naar Roodenbeek Metro, een andere naar Kampenhout, sommigen naar Mechelen of naar Moorsel, in het totaal iets van 32 bestemmingen. Je ziet de sliert mensen uit het luchthavengebouw stromen en in mijn onschuldige beginperiode keek ik verwachtingsvol en met opgepoetste “épauletten” uit naar kortgerokte opstappende hostesjes, met of zonder air. Popelend om de correcte opstapprocedure uit te voeren, met nadruk op het oogkontakt. Helaas, helaas, helaas: er staat daar ook één enkele MIVB-bus, een zilvergrijze Mercedes Citaro, zo’n dubbele voor 140 man. En die rijdt naar “Brussels City”, met viertalige vermelding van de vertrektijd. Vertrek 7 minuten, départ 6 min., abfahrt 5 min., departure 4 min. Precies of ze erdoor aangezogen worden zie je die mensenmassa verdwijnen, richting “Brussels City”.
De Lijnbussen druipen af, elk naar zijn bestemming, dikwijls leeg, soms met een paar mensen, uitzonderlijk met redelijk wat volk. Vorige zondag had ik dienst, reed ik lijn 359, Roodenbeek Metro - Zaventem luchthaven op en af. Ik heb de opstappers geteld, je wilt het niet weten, ik ga het ook niet vertellen. De talrijke nieuwe lijnen dienen om Zaventem en de luchthaven te ontsluiten, zegt men. Zaventem en de luchthaven moeten wel een heel sterke sluitspier hebben! En ook nog om de ring rond Brussel te “ontlasten"… Dan lees je diezelfde dag in de zondagskrant over het grote succes van het openbaar vervoer en dat de bussen nooit zo populair waren en dat dit vooral te danken is aan de 13 nieuwe lijnen op Zaventem Luchthaven (Brussels Airport). Ammehoela!
‘s Avonds laat zie je soms nog één enkeling die op de Lijntabellen zijn bestemming probeert te vinden, om dan, ten einde raad, aan de chauffeur te komen vragen hoe je best in Leuven geraakt? Dan begroet ik die reiziger, maak oogkontakt en geef uitleg: er is bijvoorbeeld de 652, die via Steenokkerzeel, Everberg en Meerbeek naar Leuven rijdt. Zorg voor een plaatsje aan het rechterraam, dan krijg je zicht op de cargo-aktiviteiten van de luchthaven. Heel dikwijls zie je een Boeing 747 die aan het laden is, met Unicef in grote letters erop. Ernaast staat een kleinere boeing , van Royal Air Maroc. Ik denk dat die kreeften en oesters komt ophalen, en verse noordzeegarnalen. Leuk en zeker het proberen waard is lijn 652 want dan kom je door Erps-Kwerps, Veltem-Beisem en Herent. Erps-Kwerps is een typisch dorp waar je die vrouwen ziet met hun doorzichtige plastieken regenkapjes, met lintjes om toe te binden, en hun grote boodschappentassen met bussels prei, voor de soep. In Herent mag je vooral niet vergeten te zwaaien naar een wat oudere man op sandalen, dat is Willy Kuypers, de burgervader, zeg maar Willy.
Mijn absolute voorkeur gaat uit naar lijn 616, een toeristische topper. Via Sterrebeek slingert de bus zich door Leefdaal, Bertem en een stukje Dijlevallei, soms heel bochtig en smalletjes: zorg dat je vooraan zit en let vooral op het deskundig centimeterwerk van de buschauffeur. Met wat geluk tref je een vrouwelijke chauffeur, dikwijls pitsen zij er nog enkele millimeters af, en dat zorgt dan net voor dat beetje extra spanning. Een aanrader is een tussenstop met overnachting in “Bertem Natuur”, goed en soms noodzakelijk om je busavontuur te verwerken en dit in een zeer verzorgde Bed & Breakfast mogelijkheid.Hoe je het snelst in Leuven geraakt? Wat is dat nu voor een vraag? Misschien met de trein? Als er tenminste geen bovengrondse onderleidingen op de sporen terecht gekomen zijn. Moet ik nu ook al de vertrek- en aankomsturen van de andere lijnen weten? Ik vind het al een hele prestatie dat ik weet dat er bussen naar Leuven rijden. Wat denken ze wel dat er in mijn hoofd zit? Een harde schijf met zes triljoen gigabytes aan opslagcapaciteit misschien? Dat ze op de web van “De Lijn” gaan surfen, daar dient dat ding voor. Kijk, ik voel het weer opkomen, het begint weer te borrelen … diep inademen, rustig uitademen, diep inademen, rustig uit ademen, losjes met de handjes wapperen. Het gaat over. Maar het is me wat, het openbaar vervoer. Ik durf er een etentje in “De Begeerte” in Leefdaal voor verwedden dat Vlaanderen de meest “belijnde” regio van Europa is, bovenaan het lijstje staat. Dat ze niet bovenaan het lijstje staan qua bezettingsgraad van hun bussen, daar wil ik mijn extra te betalen belastingen voor verwedden.
PS: Lijn 651 start ’s morgens om 4u20 en stopt om 24u31. En de bus doet er 58 minuten over. Dat weet ik, want die lijn ken ik, die rij ik zelf. En de 651 vertrekt 39 keer per dag vanuit Leuven station en 42 keer vanuit Zaventem Luchthaven (Brussels Airport). Tiens, laten we eens verder rekenen: er zijn 13 nieuwe lijnen van en naar de luchthaven die elk ongeveer 80 keer vertrekken, hetzij naar de luchthaven, hetzij ervan weg. Bon, 80 x 13 dat is 1040 ritten. Wat stond er ook weer in de Zondagskrant? Vijftienhonderd reizigers per dag? Schitterend toch! Sta je me nog een kleine vergelijking toe? De Lijn, dat is zoals een restaurant met 100 plaatsen, waar maar één tafeltje bezet is. Wat doet men? Men opent een tweede restaurant, goeie kans dat er ook een tafeltje bezet is. Wat lees je de volgende dag in de krant? “Groot en goed nieuws: het aantal klanten is verdubbeld.”
Opabus.
geschreven op 27/01/2008
Die met zijn gitaar is Jon, een Amerikaan van 67 jaar die zowat overal gewoond heeft, o.a. in de Dorpsstraat in Leefdaal (!) en die nu zijn vaste stek gevonden heeft in Le Cassan en de man met de pint op de achtergrond is Steve, een Ier van 37
jaar. Twee handige Harry’s en sympathieke mannen de grote hoeve bewoonbaar aan het maken zijn.
De tweede foto, dat is Tatti, 95 jaar en nog iedere dag in de weer om te koken voor Christian, onze jongste in Le Cassan en de kleinneef (zegt men dat zo?) van Tatti. We drinken er op gepaste tijden een Ricard en we zijn er ook al een paar keer uitgebreid gaan eten. Tatti was de laatste bewoonster van Yserttout, maar haar lange termijn geheugen is wat om zeep, veel kan ze er ons niet meer over vertellen. Als ik bel neemt zij altijd de telefoon op, een paar dagen terug duurde het erg lang voor ze opnam, ze is gevallen en heeft haar arm gebroken. Ik hoop dat er toen iemand in de buurt was!
Christian is altijd klaar voor een babbel en heeft steeds pastis in huis. Hij runt zijn relatief kleine boerderij naar behoren, maar daarbuiten is hij liever een aandachtig toeschouwer. Als die Belgen zo zot zijn om in de modder met stenen te sleuren, dan vindt hij dat best prima. We moeten wel voorzichtig zijn om het evenwicht te bewaren met zijn buur Roger. Op oneven dagen bij de een binnenspringen, op even dagen bij de ander, volgend jaar omgekeerd. Boer Roger is zowat het tegenovergestelde, zwijgzaam, harde werker en steeds klaar om te helpen. En ze drinken alletwee bijna uitsluitend water! Sterke drank en bier, zelfs wijn is aan hen niet besteed. Hoe bestaat het!
Roger was eigenlijk bakker van opleiding, maar toen zijn vader stierf moest hij de boerderij verder doen. Nog twee jaar en hij gaat op pensioen. Gelukzak! Roger zijn moeder komt in principe niet verder dan de grens van de boerderij, ze is ook nog nooit op reis geweest. Maar het is een kwieke madam, niet te onderschatten. Weduwe vanaf haar vijfenveertigste met negen kinderen in huis, ge moet het maar doen.
Als ge er ooit gaat koffie drinken, of zoals ik “un Ricard”, dan moet ge er eens op letten: met haar 1m60 klimt ze vlot op een stoel om in de linkerbovenkast de koekedoos uit te halen. En ze is wel al 82 jaar oud! Ze heeft een moderne keuken en ge krijgt er vers gerief om uit te drinken, iets wat ge niet van iedereen in het gehucht kunt zeggen. Maar dat is een verhaal voor een andere keer. Telt er bij de bevolking nog ons Geert en ondergetekende bij en we zijn kompleet. Op het gemeentehuis van Lescure zijn ze heel tevreden: de bevolking van Le Cassan is verdubbeld, of zal in de toekomst verdubbelen. En dat is goed nieuws want het totale bewonersaantal van La Salvetat, waar Le Cassan deel van uit maakt, vermindert de laatste jaren, nu nog iets van 1060 koppen. Nelly, de secretaresse van de burgemeester van Lescure Jaoul, een nest van 268 inwoners en deelgemeente van La Salvetat, is super vriendelijk. Vorige week belde ze ons nog spontaan op om de hoogte te vragen van de stallen in ons huis. Minder dan 1m80? Mooi zo, dan wordt die ruimte beschouwd als niet bewoonbaar en moeten er ook geen taksen op betaald worden. Drie zoenen voor Nelly.
Hoezo we zijn de grond van die stallen aan het uitgraven??? En dan? Komt het op die paar centimeters aan? Gaat gij het misschien komen opmeten? Stuk moeial! Bekrompen gemumifiëerde mierenneuker! Staat er een taalfout in? Et alors? Het is niet omdat ge zelf met een kruipkelder zit dat ge op ons moet jaloers zijn! Dat is toch wel straf, werken we ons het zweet van het lijf, graven mestgrond uit om te renoveren en dan krijgen we kommentaar van zo’n bleekscheetvent. Subsidie zouden we er voor moeten krijgen! Natuurlijk geeft dat wat winst in de hoogte, dat weet een klein kind. Zie, daar krijg ik het platte schijt van, genieten we voor een keer van een klein financiëel voordeel en dan krijgen we kommentaar van zo’n neuspeuteraar! Maar het is al goed, blijf thuis, ge moet niet meer komen helpen. Ga op een ander profiteren van gratis vakantie!
We hebben toch veel betere vrienden: Karel en Marleen,dat zijn pas echte vrienden en die komen niet werken met een lintmeter op zak, als Karel met zijn kop tegen de balken loopt, wel dan is het niet veel hoger dan 1m80! Onnozele controleur! Ga bij de belastingen werken! Als ze u er tenminste willen. Nurk!
Voor wie de streek wat van uit de luie zetel wil verkennen, er wordt gewerkt aan een toeristische website
geschreven op 23/01/2008
We zijn terug een week gaan werken in Le Cassan en hebben ons huisje “weltevree” verder opgeknapt. Het grootste deel van de plankenvloer is uitgebroken en daar viel niets van te recupereren, de hoop brandhout is alleen maar toegenomen. Eén tussenmuur is “ontpleisterd”, zodat we nu de originele stenen zichtbaar hebben. Mooi, enfin, dat vinden wij toch. De aansluiting van het stadswater ligt klaar, er moet wel nog een drukregelaar tussenkomen want er zit zowat 8 kg druk op de aanvoerleiding. En waar we vooral héél tevreden mee zijn: we zullen tegen de zomer fatsoenlijk kunnen kakken, kunnen douchen en Geert zal haar wasmachien kunnen aansluiten, ‘k ben stief content! De aannemer die al 8 maanden beloofde de werken uit te voeren heeft eindelijk de klus geklaard. Tot nu kapte ik de opvangbak van ons caravantoilet leeg “ergens in de natuur”, nu ik heb de laatste dag met een zeker welbehagen diezelfde bak laten leeglopen in de afvoerbuis naar de septische put. Enfin, ik hoop het, want van het huis naar die septische put moet 60 meter overbrugd worden, dat is flink ver maar volgens de aannemer geen enkel probleem! Ik hoop het, ik hoop het.
Bon, wat is er nog gebeurd? Het hout is netjes gestapeld, er is al een deel van de beton van de eerste varkensstal uitgebroken (dank je Karel), we hebben geaperitieft zowel bij Christian als bij Roger en het eten was altijd lekker (dank je Geert, dank je Marleen).
Er is al bij al hard gewerkt die week en er mogen een paar van de twaalf werken van Yserttout geschrapt worden. Ikzelf heb niet zo hard gewerkt, ik heb vooral hard laten werken. Wegens een blauwe nagel: als het gietijzeren deksel van een houtkachel dichtvalt, juist op de nagel van je middenvinger: mens dat doet zeer.
Als ik er nog maar aan terugdenk ... GadvergedvergodverPffiieeuuwAiaiaiOeoeoewoehoeAiaiMerdmerdmerde. Tommetoch.
De terugreis hebben we dit keer toeristisch uitgevoerd. Vertrokken op zaterdagnamiddag en via een stop in Rodez zijn we in Limoges gaan overnachten. Omdat we tevreden waren van de voorbije week en vooral van onszelf hebben we ons culinair verwend in “Les petits ventres”. Een gezellig en knus restaurant in het oude centrum van Limoges. Als voorgerecht had ik “Des fraises de porc” gekozen, een lokale specialiteit en als hoofdgerecht niertjes op een of andere wijze van de chef. Om de vier à vijf jaar durf ik me wel eens bezondigen aan gerechten die bij mij verre jeugdheringeringen oproepen, gebakken hersenen zijn daar ook bij, als ze maar met een krokant korstje zijn.
Goed, ik kreeg dus als voorgerecht “Des fraises de porc” of in ‘t Vlaams: Aardbeien van het varken. Aardbeien? Aambeien, ja! Een vrij grote soeptas werd me voorgezet waarin een sliertige vleesachtige substantie dreef. De geur herkende ik direct: de varkensstallen van Le Cassan, maar dan iets geconcentreerder en korter bij de neus. Geert heeft, kok zijnde en professioneel tot veel in staat, proefsgewijze een paar van die dingen naar binnengewurmd, waarna ze met rollende ogen mijn voorgerecht naar de verste hoek van de tafel heeft geschoven. Voor de fijnproevers onder jullie: des fraises de porc zijn varkensingewanden, toch in dat restaurant. De niertjes daarentegen waren geurvrij en dus voor menselijke consumptie geschikt. En voor wie eraan denkt te overnachten in Limoges, je vindt het restaurant in de rue des boucheries. Smakelijk en Geert kan beter koken, véél beter.
Op 28 maart gaan we terug naar Le Cassan. En niet op 27 maart. Dit voor alle duidelijkheid en ter attentie van Lieve. Want zij, Lieve dus, maakt op het werk de uurroosters van de chauffeurs en is dus een heel belangrijke tussenschakel voor mijn vakantieplanning. We gaan weer maar voor een week op en af, dat is veel kilometers en veel péage op korte tijd. Het zou beter zijn om minder kilometers te doen door langer daar te blijven. Ideaal zou zijn: afwisselend één maand ginder werken en drie maanden hier busrijden, maar kan dat wel? Zou Lieve zoiets kunnen regelen? Ik denk het wel, Lieve kan veel regelen, zij zou dat wel doen, voor mij, denk ik.
Ik hoop dat tegen dan mijn blauwe wijsvingernagel niet meer stoort, dan kan ik het werkritme van mijn vriend Karel volgen, allé, toch voor de helft. Die nagel plus een halve centimeter vinger is nu zwart van kleur Ik mag niet terrugdenken aan dat kacheldeksel, mens wat deed dat zeer ...
MerdemerdeAiaiaiWoehawoeoeAiaiPfffiiieeeuuuwGodvergadverDjudedju...
Excuse-moi je.
We kunnen alleen maar een paar foto’s laten zien van de afvoerwerken, alle andere foto’s zijn mislukt. Jammer, heel jammer.
Men mag altijd sponseren voor een nieuw fototoestel. Dan krijg je een vermelding in mijn volgend schrijfsel onder de vorm van: “ads door Opabus”.
geschreven op 18/12/2007
Het jaareinde nadert, tijd om iedereen het beste te wensen en goede voornemens te maken. Onzekere lieden, twijfelaars en besluitlozen wil ik graag helpen. Een prachtige mogelijkheid om alsnog je goede daad voor het jaar 2008 vast te leggen is een werk plannen in Le Cassan. Vandaar de publicatie van het zesde en het zevende der twaalf werken.
Eerst toch nog wat uitleg bij de foto’s van de terraswerken. Het had toen echt wel dagen aan een stuk geregend, iets wat zelfs ons oudste buren nog niet meegemaakt hadden. En dan moet je weten dat ons koerke er zelfs na een kleine regenbui vrij modderig kan bijliggen. Vandaar dat er zal moeten gedraineerd worden en dat op een of andere manier het water zal moeten afgevoerd worden richting vallei (dat is bergaf). Dakgoten, dat schijnt ook veel te helpen. Ik ben nogal vergeetachtig, dus herinner mij eraan, een van de laatste werken wordt het hangen van de dakgoten. Voor het terras (ex-koerke) bestaan er Eco-Profil planken. Dat zijn houtcomposietplanken en zeer milieuvriendelijk maar niet goedkoop. Het is altijd hetzelfde: hoe meer centen ge hebt, hoe milieuvriendelijker ge kunt zijn.
Voor het zesde werk stel ik voor dat we de plancher “begaanbaar” maken. De bestaande
planken zijn jammer genoeg niet meer te recupereren, dus komen er OSB platen op. De steunbalken liggen wat te ver uit elkaar en zijn een beetje ongelijk, er komt wel wat werk bij kijken. En pas op, want zo kent ge mij niet, de kontroles op waterpas, loodrecht en evenwijdig zullen veelvuldig en streng zijn. Ik heb mij een laserwaterpas aangeschaft (nee, niet op ebay deze keer) en dat ding, dat liegt niet! Later, als we centen hebben en milieuvriendelijk zijn, willen we er een echt parket leggen in eik of kastanjehout. Liefst in kastanje, dat is het hout van de streek.
Ondertussen zal de Boomer firma wel gedaan hebben met het isoleren van het dak (hé Pieter, dat zult ge dan gedaan hebben?) en zou ik willen keepers van bv. 4/4 cm tegen de muren plaatsen waartegen dan gyprocplaten komen. (Werk zeven) Achter de gyproc worden natuurlijk de nutsleidingen weggewerkt. Enfin, zo kan ik blijven doorgaan, het zal terplaatse wel allemaal zijn eigen uitwijzen. Om het kort samen te vatten en ons streefdoel nu eens duidelijk te maken: we willen de buitenkant van de boerderij zoveel mogelijk authentiek houden, binnenin moet het strak en wit worden, met enkele accenten van vroeger. Wat dacht ge van iets in de stijl van dit stulpje? Er met de muis op geklikt? En ..? Of is dit iets of wat overdreven? Wacht maar, als we groot zullen zijn, en sterk zullen zijn, en de lotto gewonnen, dan ... ja, wat dan?
geschreven op 11/12/2007
“Ik heb mij aangesloten bij een vakbond”!!!
Mensen die me kennen zullen ongerust hun wenkbrauwen fronsen. Mensen die me goed kennen zullen effenaf achterover vallen. Mensen die me heel goed kennen lezen best niet verder.
Ik ga dus vanaf nu gesyndiradicaliseerd door het leven. En niet zomaar bij de eerste de beste, nee, bij den ACV!
Wie er ook effenaf zou achterovervallen, ware het niet dat hij zich alleen nog maar kan draaien in zijn graf, is mijn broer André. Ik ga dat proberen uit te leggen, zo eenvoudig mogelijk, luistert. Als student geneeskunde stopte hij halfweg zijn vijfde jaar om in de putten van de Limburgse mijnen te gaan werken, studeerde jaren later toch nog af als arts en ging werken in de Lommelse groepspraktijk “Geneeskunde voor het Volk”.
Overtuigd van het onrecht in de arbeiderswereld, en vooral van de macht van het kapitalisme, stond hij mee aan de wieg van Amada: Alle Macht Aan De Arbeiders. Een beweging die de marxistisch-leninistische ideeën van linkse denkers als Marx, Lenin en Mao propageerde en dit vooral vanaf de Limburgse mijnstaking in 1970. Op alle betogingen en akties in die toen vrij turbulente periode stond André vooraan, onverzettelijk, vastbesloten en idealist. In ons bibliotheek hou ik nog 3 delen bij van de verzamelde werken van Lenin. Ontroerend en soms beangstigend om mijn broer zijn nota’s in de rand te lezen. Ik citeer uit Lenin’s verzameld werk, door André indertijd met rode bic onderstreept: “De eerste en fundamentele les is , dat alleen de revolutionaire strijd van de massa in staat is, enigszins serieuse verbeteringen in het leven van de arbeiders en in het bestuur van de staat af te dwingen. Geen sympathie van de beschaafde kringen voor de arbeiders, geen heldhaftige strijd van terroristische eenlingen heeft de tsaristische alleenheerschappij en de almacht van het kapitalisme kunnen ondergraven.” Einde citaat. Niet simpel. Ik zou willen schrijven dat hij gestorven is, vechtend op de barricade met het rode boekje in zijn opgeheven rechtervuist. Mijn oudste broer is in juni 1990 met zijn R4-ke onder een vrachtwagen terechtgekomen, tijdens een van zijn eerste huisbezoeken. Hij heeft er niet veel tijd voor gekregen, maar ik weet dat hij ook een zachte, gevoelige geneesheer was.
Op 21 november ben ik dus lid geworden van de vakbond. En behalve een mailtje dat ze het genoteerd hadden, geen verder nieuws. Niet dat ik verwacht had dat ze mij met de fanfare zouden binnenhalen of mij verwelkomd hebben op een receptie met champagne, nee, dat niet. Maar een zestigplusser die alsnog lid wordt van een vakbond en dit ondanks 35 jaar zelfstandige aktiviteiten, tja, ik kan het van de ACV geen goede start noemen. Laten we dus beginnen met één jaar lid te blijven en daarna het syndicalisme te evalueren. Is de gemeenschap er beter door geworden? Wat heeft het mij opgebracht? Is het al bij al zijn lidgeld, 14 euro per maand, waard? En er stelt zich wel een levensgroot probleem! Ik ben principiëel tegen stakingen van openbare diensten! Behalve die van De Post, maar die werken ook keihard en hebben neig veel stress. Ik vind dus dat men het recht niet heeft om duizenden (wat zeg ik, tienduizenden) mensen te gijzelen of onrecht aan te doen. Maar weest niet gegriefd en leest verder: er is voor dergelijke gebeurtenissen een elegante oplossing. Ik zou tijdens de duur van een eventuele staking mijn lidmaatschap kunnen schrappen. Onze geliefde, helaas te vroeg overleden vorst, heeft in april 1990 getoond hoe het moet: le roi Bauduin kreeg een plotse opstoot van onmogelijkheid tot het regeren van ons land gedurende één dag. Ziek? Een diepe inzinking? Crisis in de familie? Doet er allemaal niet meer toe, maar als voorbeeld kan het tellen.
En dan de dag na het gebeuren: opstaan, goed warm stortbad, lekker ontbijt met een zachtgekookt eitje, de vogelkes fluiten en hier zijn we weer, vrij van zorgen en vrij van last, holadié, holadio!
We zijn drie weken verder en nog steeds geen nieuws van het ACV. Mijn geduld is bijna op. Stel dat er al een staking geweest was? Mocht ik dan thuisblijven en toch centen krijgen? Van de vakbond? Ik denk dat ik ga overlopen, naar de ABVV of naar de liberale vakbond, de ACLBV . En ook, die van de ACLBV lopen op betogingen rond in van die blauwe vuilniszakken, ik hou zo niet van groen en rood is ook al niet mijn lievelingskleur.
Om te besluiten nog een citaat, de schrijver is mij onbekend en zelfs mijn toch wel heel verstandige zus weet het ook niet: ‘Ce ne sont que les foux et les imbéciles qui ne changent jamais leurs idées.’
geschreven op 1/12/2007
Dat van die vakbond, dat komt nog, daar moet ik lang over nadenken, is moeilijke materie!
Ik ga geen emails meer sturen als er een nieuw artikel verschijnt. Zo precies van hela mensen, nu moet ge allemaal mijn schrijfsel lezen. Beetje belachelijk, beetje pretentie, vind ik. En met al die blogs moet ge oppassen. Ik kwam nog onlangs iemand tegen die enthousiast vroeg of ik de foto’s van haar babytje op den blog gezien had. “Babytje? Hoezo? Waart ge dan zwanger?” Heel genant!
En ook, mijn blog-teller staat nu bijna op 500 en dat volstaat. Ik heb het zo niet voor grote massa’s. Als mijn bus vol zit dan zitten (staan, hangen, zweten, kokhalsen) daar zo’n goeie 100 mensen op. Dat is meer dan genoeg. Ik vind het trouwens altijd leuk om te zien dat wanneer je dan je achterste deur opent (tweede rode knop, naast die gele) er dan altijd twee of drie mensen uitrollen die helemaal de bedoeling niet hadden om de bus te verlaten. En er zijn een paar haltes op de Brusselse steenweg waar je best goed uit je doppen kijkt, vooral in de achteruitkijkspiegel. Het fietspad loopt daar vlak naast de halte. Ik heb al een paar keer heel erg mijn billen toegenepen(*), zo nipt was het. Maar die fietsers zouden toch moeten weten dat als het een bus aan een halte stopt, er een goeie kans is dat er mensen uitstappen? En nu ik toch over fietsers bezig ben wil ik even mijn ergernis uitspuwen, mijn gal uitschreeuwen, mijn frustraties door het toetsenbord rammen! In Leuven zijn twee soorten fietsers: gewone fietsers en studenten. En bij die studenten zijn ook twee soorten fietsers: kiekens en superkiekens. Of nee, er is zelfs een derde soort: de kamikaze-kiekens. Die ziet ge alleen in Leuven centrum, als het donker is. Eigenlijk zie je ze niet want ze rijden steevast zonder licht. (Dat mag trouwens in Leuven.) Hun specialiteit is het zich tussen bus en voetpad wringen en terwijl ze net niet geplet worden en door de achterwielen tot moes vermalen, nog de kans zien om hun middelvinger op te steken. Die moest men, de fiets om de hals gebonden, in het diepste deel van de Dijle werpen!
Alhoewel, sedert 12 november rij ik ook op een van de vele nieuwe lijnen richting Zaventem en daar is het rustig op. Soms iets te rustig naar mijn goesting. En dat begrijp ik niet goed: als De Lijn een nieuwe lijn begint, dan mag ik toch veronderstellen dat daar marktonderzoek naar gedaan is? Dat daar vraag naar is? Maar als er vraag naar is, hoe komt het dan dat ik steeds meer lege bussen zie rondrijden? Iemand die al langer in de lijnwereld zit zei me een paar dagen terug: “Willy jong, een chauffeur stelt zich geen vragen. Als ge rijdt, dan moet ge uw verstand op nul zetten en uw blik op oneindig”. OK, dat eerste dat komt bijna vanzelf, moet ik steeds minder moeite voor doen, maar mijn blik op oneindig? Wat doen we dan met het oogkontakt? Soit, er zijn veel nieuwe lijnen bijgekomen, dus is het ook logisch dat die nog niet zo goed gekend zijn en dus minder bevolkt en De Lijn werkt ongetwijfeld niet met de blik op oneindig maar met een toekomstplan, een toekomstvisie. Voila.
(*) dan laat ge van die piepende scheten.
geschreven op 27/11/2007
Of hoe het allemaal begon, het ontstaan van de blog Yserttout en wat schrijfsels die te lezen waren (en zijn) in de blog van La Garrigue.
Wie daar geen goesting in heeft, moet wachten op mijn volgend artikel. Het zal dan gaan over de vakbonden in het algemeen en het syndicaliseren in het bijzonder.
We schrijven eind juni 2006.
Wegens een dubbele hernia met complicaties heeft men mij op 19 mei 2006 geopereerd. Een
herstelperiode van zes tot acht weken was voorzien en vooral de eerste paar weken moest ik mij zeer rustig houden. Sombere vooruitzichten, ware het niet dat Marleen en Karel ons hun huis, La Garrigue in Le Ran, gedurende een twintigtal dagen ter beschikking stelden. De dokters waren akkoord, de ziekenkas zag er geen graten in en mijn Geert rijdt met plezier een afstand van 1000 km zoals andere mensen naar een supermarkt rijden.
Het verblijf in Le Ran zou rustig en herstelbevorderend zijn, zoveel was zeker. Marleen en Karel gingen zelf 14 dagen op reis en we moesten alleen de plantjes water geven, een paar kiekskes en enkele eendjes wat graan toewerpen en verder zouden we ons dagen slijten met luieren en aperitieven naast het zwembad. Er waren ook een hond en een kat, maar daar in het zuiden lopen die beesten vrij rond, geen probleem. Op 3 juni heeft Geert de bagage ingepakt, heb ik mijn halskraag omgedaan en zijn we vertrokken.Het weerzien was hartelijk, hun bezorgdheid ontroerend. De zon scheen, de ligzetel stond klaar, de witte wijn stond fris in de frigo en we mochten zelfs in hun eigenste bed slapen.Een korte rondleiding met bijhorende instructies leerde ons dat er zo’n 20 kippen waren, dat er ook nog 14 eenden waren, 10 konijnen, een visvijver, een onoverzichtelijk aantal te begieten bloemen en planten, een te besproeien groententuin en een tweede groententuin zowat een kilometer verderop. Tenslotte ook nog de geitekaas regelmatig omdraaien en de vlierbloesemsiroop op tijd doorroeren en zeven.
Daar ik geen fervente zwemmer ben, wegens te nat, vond ik het niet erg dat het zwembad aan het leeglopen was. Alhoewel, aperitieven naast een leeg zwembad? Enfin, er werd ons verteld dat water na 5 jaar niet meer zwemwaardig is en dat ze het speciaal voor ons wilden verversen. Het bad, (11m op 5m) moest alleen gekuist worden, ontsmet en gedweild! Mijn doktersbriefje (mag de woonst verlaten) heeft me gevrijwaard van lichamelijke arbeid. Gelukkig heeft Geert een overschot aan werkenergie en een ongelooflijk organisatietalent, zodat het zwembad dezelfde avond terug aan het vollopen was, 90000 liter water!
Na nog wat tips en goede raad (melk voor de kat, korrels voor de hond, bloemen ook begieten bij de buren, chloor niet vergeten in het zwembad en ook in dat van de buren) zijn Karel en Marleen vertrokken voor het eerste deel van hun verlof. Vijf dagen met de rugzak gaan stappen, te voet en in de brandende zon! Enfin, d’er moeten van soorten van mensen zijn.
Heerlijk rustig was het er toen onder ons tweetjes. De zon scheen, het zwembad was terug vol, we dronken onze pastis en Geert kookte heerlijk! Mijn herstelverlof was 5 sterren waard. Och, wat kon ons het nachtelijk gebrul van 50 bronstige kikkers in de vijver schelen? We stoorden ons niet aan de hanen die begonnen te kraaien om 4u ‘s morgens. Zelfs het geblaf van de honden bij het ochtendgloren kon ons niet deren. De nachtelijke plattelandsperfectie als het ware. Maar dat om twee uur s’nachts de huiskat via het open veluxraam de slaapkamer binnensprong en naast ons in bed belandde, daar was niets van afgesproken. Het mocht dan nog de geliefde privékat van Marleen zijn, er zijn grenzen. Ik heb dat beest met een rake mep de weg terug naar buiten gewezen, bonkte ondertussen keihard met mijn hoofd tegen een van die oude eiken balken (*) en trapte halfweg de trap in de melk van de kat. OK, het zal wel de straf van Gaia zijn, maar voor iemand die herstellende is van een mega-hernia zijn dat geen leuke momenten! In ieder geval, dat beest is de rest van ons verblijf ver uit mijn buurt gebleven. Met de hond Vasco daarentegen klikt het sindsdien perfect: Attaque, Vasco, ATTAQUE!Verder was het er de zaligheid zelve, het nuttige werd aan het zeer aangename gepaard en de dagen vlogen voorbij.....
(*) Dat is trouwens ook de reden waarom er in Yserttout na de restauratiewerken nog weinig oude balken zullen zichtbaar zijn!
Oktober 2006
We hebben un bien, een doening, een stokoud boerderijtje gekocht in de buurt van Karel en Marleen. Ver genoeg om elkaars deur niet plat te lopen en toch ook niet te ver. Niet te ver, want Karel heeft een zelden geziene voorraad aan spullen “die nog kunnen dienen”. In november zijn we een week in Le Ran gaan logeren en ondertussen hebben we heel wat zaken kunnen afhandelen. En het moet gezegd, zonder Karel en Marleen stonden we nog niet half zo ver. Bij de bank een rekening geopend, langs de notaris geweest, een dakhersteller aangesproken, met een restaurateur onderhandeld, van de eigenaar nog een extra stukje grond losgepeuterd, bij een buur hetzelfde geprobeerd en het moet gezegd: steeds stond Karel aan ons zijde. Tussenkomend waar het moest, zich discreet op de achtergrond houdend indien nodig. Zoveel energie, zoveel belangloze inzet verdiende een wederdienst. Diezelfde week zou Geert koken en ik zou Karel helpen met het uitbreken van een muur. Tussen de living en de nieuwe aanbouw in La Garrigue stond nog een muur in de weg, 70 cm dik en voor de kenners: een steunmuur.Stof, veel stof, daarmee valt die werkweek nog het best samen te vatten. En nochtans, we deden er alles aan om dat stof tijdig door te spoelen. Aperitief om 12u30, aperitief om18u30 en een glaasje wijn of twee, of drie bij het eten, enfin, in ieder geval toch een paar flessen. Overigens heel lekker gegeten, een combinatie van de kookkunsten van het duo Grauwels – De Smet: super. Het zou drie sterren kunnen geweest zijn ware daar niet een kat die ongegeneerd op tafel sprong en, begot nog aan toe, dit onder het goedkeurend oog van Marleen.Bouwkundig bekeken heb ik ook veel bijgeleerd. Goeie beton mag niet plakken. Dan heb je teveel cement gebruikt. En dat komt goed uit, want cement is duurder dan zand. En een betonmolen, ook al is die 35 jaar oud, is nog altijd beter dan handmatig mengen in een kruiwagen. Van de kruiwagen was Karel trouwens ook heel tevreden: 30 jaren trouwe dienst! Er zijn ook eiken balken geplaatst en poutrellen, ter ondersteuning en om te voorkomen dat de volledige muur zou instorten. Wat uiteraard teveel stof zou geven. Ook als wederdienst hebben we een TV-schotel meegenomen uit Vlaanderen. Nu kunnen ze in Le Ran zo’n 400 kanalen (ook de Vlaamse) ontvangen. Ik had Karel al mentaal voorbereid: kanaal **, niet te missen, goed voor lange eenzame winteravonden. Beetje veel aahhh en oohhh en geen ondertitels maar wel met een DVD-kwalitiet, sorry: kwaliteit.
Januari 2007
We zijn deze keer in Le Ran geweest in het putje van de winter. Een week bij Karel en Marleen gelogeerd en o.a. bij de notaris de officiële aankoopakte van “Yserttout” ondertekend: ons boerderijtje en 25 are grond voor een prijs waar je in Leuven nog geen garage voor vindt! Ik wilde ook onze nieuwe woonst wat opruimen, noem het maar uitmesten, maar het is er niet van gekomen. Zolang er 2 varkens< en 11 biggen van de boer, ex-eigenaar, verblijven in de benedenverdieping valt er weinig te doen, is het dweilen met de mestkraan open. Et les excuses sont fait pour s’en servir: het was er vooral te koud, te nat, en moeilijk bereikbaar wegens te veel sneeuw. Ik begrijp niet waarom al die Nederlanders en Engelsen absoluut een tweede verblijf in de Aveyron willen kopen! In ieder geval,het was véél gezelliger en lekker knus bij Marleen en Karel! Aperitiefke links, aperitiefke rechts, ge kent de stijl van het huis.
Ik heb ook mijn franse woordenschat uitgebreid, een nieuw woord geleerd: “assainissement”. Een niet te onderschatten onderdeel van de wettelijke bepalingen om een huis te mogen bewonen, een “certificat d’urbanisme” te verkrijgen. In het geval van Yserttout betekent “assainissement” dat we niet meer op de mesthoop moeten kakken, maar in de toekomst komfortabel gezeten op een luxe toilet met voldoende elleboogruimte ons behoefte zullen doen. Alleen, ik begrijp het niet zo goed. In België volstaat een septische put van 1500 liter voor een gezin van 4 personen en in Frankrijk is de minimum verplichte inhoud 3000 liter. En die moet om de 4 jaar geledigd worden door een erkende firma! Lang geleden kwam bij ons de strontboer alleen langs als de put vol was, te vroeg was”t geldverspilling, te laat was’t burenruzie. Dat moet in Le Cassan , enfin, in Frankrijk, ook gebeuren, maar wel verplicht om de vier jaar, kak of gene kak. Wat dus betekent dat Geert en ik in Le Cassan op vier jaar tijd 3000 liter, of ongeveer 3000 kg uitwerpselen moeten produceren. Dus ongeveer 1 kg per dag en per persoon . Niet min! En dat alleen aan vaste materie want het vloeibare deel wordt via een wettelijk verplicht en ingenieus overloopsysteem en 75 meter draineerbuis gescheiden van de vaste massa. Ge kunt ook stellen dat we dagelijks 1 euro aan afvalstoffen moeten erdoor jagen om de septische put rendabel te maken. Geert mag dan nog veel en lekker koken, we hebben een serieus probleem van overcapaciteit.
De boerderij naast ons is een paar weken geleden gekocht door Engelsen. Via de notaris, die het verteld heeft aan de aannemer, die het dan weer aan Karel toevertrouwde, weten we dat die boerderij sanitaire problemen heeft. Te weinig onmiddellijk aangrenzende grond om 75 meter draineerbuizen in te graven. Ze zouden moeten passeren via ons stukje weiland. Schitterend! Want wat ligt er in ons wei? Juist, de fameuze septische put met de volledige 75 meter gaatjesbuis! Enfin, die zal er binnen een paar maanden liggen. En een extra buis van die boerderij naar ons put, waarom niet?, Wij zijn niet racistisch, we zijn niet zoals Filip Dewinter, bij ons geen: “eigen kak eerst”!
Goed, er zullen dus in de zomermaanden toeristen komen logeren. En wie is bekwaam om die Engelsen een oplossing te bieden? Weer juist, ondergetekende! Mits het laten betalen van een niet onaardig bedrag, een soort tolgeld, zouden we de installatiekosten kunnen recupereren. Vermoedelijk is wat Engelsen produceren in niets te vergelijken met een stevige Vlaamse gedraaide drol. Eerder een iets te platte shit met weinig bezinksel. We hebben natuurlijk nog geen ervaring terzake, maar om te starten lijkt 1 euro per zitting me dan ook voldoende. Geert droomt ervan om voor toeristen te koken: doen Geert, ik sta volledig achter uw keuze. Mits een aangepaste menu zouden we het niveau van onze septische put kunnen regelen. Maandag: rijst, dinsdag: rijst, woensdag: rijst, donderdag: niveau van de put kontroleren en indien nodig omschakelen op fritten met mayonaise.
En is er onvoorzien een teveel aan verse kak, een soort middeleeuwse versie van spontane diaree? Wel, we hebben toch gastvrije vrienden in de buurt, met een groot én verwarmd zwembad. Waar we onze toerista-buren kunnen naartoe sturen!? Eerst kakken, dan zwemmen, of liever omgekeerd? Karel zou er ongetwijfeld ook munt uit slaan: een abonnement van negen keer zwemmen, tiende keer gratis, kakken inbegrepen. Ik mag er niet aan denken hoe Karel, mits een aangepast menu van Geert, er in geen tijd de zware kosten van zijn zwembadverwarming zou kunnen uithalen!Prachtige vooruitzichten, en al bij al mogen we ons gelukkig prijzen dat ons toekomstige buren geen Nederlanders zijn.
Ergens in juli 2012 ... La Garrigue d’Yserttout.
Later, in de verre toekomst, zullen geschiedkundigen zich afvragen waar de naam “La Garrigue d’Yserttout” vandaan komt? Na veel opzoekwerk en opgravingen zal men misschien uitkomen op: “la Comtesse Marilyne de la Garrigue d’Yserttout”, getrouwd met een zekere Mc Charles, een schaapsherder van Schotse afkomst. Terwijl alles zo eenvoudig is!
Onze linkerbuur in Le Cassan gaat binnen drie jaar op pensioen. Wegens kind noch kraai om de dagen mee door te brengen, en dan ook geen koeien en kalveren meer, zal boer Roger zijn huis verbouwen voor toeristen, met terras en zwembad aan de rand van de vallei. Onze rechterbuur, Christian, is nog jonger en heeft wel nog een boerderij met twee tractoren en koeien en kalveren en bijhorende beesten. Daartussenin wonen wij en we hopen tegen die tijd een soort mini-restaurant, of traiteurdienst, of afhaaldienst gerealiseerd te hebben. Roger logeert de buitenlanders, wij geven ze te eten en Christian wordt toeristisch ingeschakeld voor “het leven zoals het is op een boerderij in de Aveyron”. Prachtige vooruitzichten.
We tonen de toeristen, dus stadsmensen die vlees alleen maar kennen van de supermarkt, de schoonheid van de echte koeien, les Charolais. Dat die koeien alleen maar dienen om kalveren groot te brengen (téter les veaux) en niet meer gemolken worden lossen we wel op. We gieten vooraf een paar liter melk in een emmer en vinden nog wel een koe die een paar drupjes uit haar uier laat persen terwijl we ondertussen de aandacht deskundig afleiden naar een te vroeg geboren kalfje dat in de couveuse ligt. Dat is zonder meer te regelen met boer Christian, die geeft zijn kleinste kalf een lichte verdoving en legt het in een kist onder zo’n rode lamp, waardoor het voor die stadspreuten helemaal echt lijkt. “Heeft het kalfje al een naam?” “En hoe noemde gij, kindeke?” Het kalfje wordt ter plekke Ashleena gedoopt, tranen bij de moeder, de vader haalt zijn chequeboek boven, reserveert voor een volgende vakantie en Ashleena-tje mag nog een uurtje bij het kalfje blijven. Voor geïnteresseerden: Ashleena is een Engelse meisjesvoornaam en betekent: “vlakte vol olijfbomen”. Wat cultuur is altijd meegenomen.
Het mooiste, Bokrijk op zijn best, bewaren we voor de laatste dag. Daarvoor hebben we Karel ingehuurd, met zijn voltallige kudde schapen. We zitten op het terras, de toeristen zijn wat droevig, het einde van een schitterende vakantie nadert. Ashleena-tje gaat nog een laatste huilende blik op het kalfje werpen en de aperitief is op kosten van het huis. Geen lokaal fris landwijntje deze keer, nee, wijn met bubbels, een Blanquette de Limoux, de week ervoor in promotie in de Aldi.
Maar kijk, maar mensen kijk dan toch, wie komt daar in de verte afgestapt?
Horen we daar in de vallei geen schapen blaten? Dat moet de schot Mc’ Charles zijn, zelfs van ver herkennen we zijn wilde haardos, herkennen we zijn typische stap in zijn iets te grote botten. Welk een ongelooflijk toeval, welk een hemels geluk dat onze toeristen dit nog mogen meemaken. Kan een vakantie een beter einde kennen? Absoluut moet de schaapsherder mee aan tafel, we dringen aan, we zetten een bord bij, een extra fles wordt ontkurkt en vader toerist betaalt. De bezwete Mc’ Charles gaat zich wassen aan de bron, meneer kijkt jaloers naar de bruine, gespierde torso van de herder, en madame onderdrukt nog net een orgastisch kreuntje. Wie weerhoudt mij ervan dat ik op dit prachtige moment denk aan de schitterende volzin van de Vlaamse schrijver Dimitri Verhulst: ”Haar pruim is nat en ‘t regent niet”.
En terwijl het sap van een schapenbout van zijn kin afdruipt vertelt de herder met zijn typisch Engels accent over zijn hard bestaan, over de eenzaamheid en hoe hij de lange uren vult met schilderen, zijn grote passie. Ik hoop bij God en bij Yserttout dat die toeristen geen vragen zullen stellen, want Karel schildert geen landschappen of schapen, Karel schildert alleen maar blote madammen! En in de vallei tussen Le Ran en Le Cassan zijn die eerder zeldzaam.
Gewoontegetrouw komt op zaterdagnamiddag ook Marleen, Marilyne van de Garrique, met haar Solex een mand verse groenten brengen. Uit eigen tuin en onbespoten. Wie ziet ze daar, tot haar grote vreugde terug? Mc’ Charles, de herder. Ze kijken elkaar aan en men voelt het aan het trillen van de zon op deze bloedhete namiddag: er is hier iets schoons op komst. Zou het kunnen dat tussen deze tere dame, in haar vroeger leven professor geschiedenis in het verre Vlaanderen, en deze ruwe bolster met zijn voorliefde voor schapen en blote madammen, een passie ontstaat, waar zelfs de Amerikaanse toeristen in hun beste feuilletons niet kunnen van dromen?
geschreven op 24/11/2007
Het is straf, het is godgeklaagd, het is, bij Yserttout, bijna niet te geloven! Een surprise aanbieden en daar zijn ze. Nog een duw erbij en ze staan in Le Cassan te vechten voor de eerste spadesteek!
Op 23 november om 15u36 een eerste reactie. Bijna direct daarop, om 15u49 nummer twee, van Ignas Herman E. Te laat, spijtig, en dat moet pijn doen. Dat het hem pijn doet valt ook enigszins af te leiden uit zijn reactie. Laten we hem een troostprijs aanbieden: een gratis toegangsticket tot de eerstvolgende workshop van Geert betreffende het verwerken van verlies. Om 21u10 komt Wim nog smeken om een troostprijske. Allé Wim, laat je niet kennen. En dan doet om 21u40 K.L. uit B. ook een poging: rapper zijn hé man, rapper bij de pinken zijn, beste Karel Lamont uit Bertem! Veerle was er wel al om 18u17, maar zij reageerde op het verkeerde artikel, wat doen we daarmee? Zeker teveel gewerkt overdag en te weinig geslapen ‘s nachts? Het was me al opgevallen dat Luk serieuse wallen onder zijn ogen begint te krijgen.
En de winnaar is (scheur-scheur, ritsel-ritsel, openvouwen), de winnaar is:
Bart Houben die nu op het podium mag komen om zijn prijs in ontvangst te nemen. “Zijne Koninklijke Hoogheid, de voorzitter van de Rotary Club, excuseer, de Lions Club, de rektor van de KULeuven, de slimste mens ter wereld, ook aanwezig zijn o.a. miss Veronique De Cock, Alexandra Coolen, Wendytje Van Wanten met haar kleintje, hahaha, de sponsors , de talrijke supporters .... Aan Bart Houben wordt aangeboden (scheur-scheur, ritsel-ritsel, openvouwen):
“Een intiem etentje met zijn echtgenote Hilke Vervenne in het etablissement De Begeerte in Leefdaal, alwaar de bediening zal gebeuren door opabus in hoogsteigen persoon, voor deze speciale gelegenheid uitgedost in het gala-uniform van De Lijn!"”
Ik voel me in een vrijgevige bui, ik ga er nog een schep bovenop doen. Sinterklaas komt op 6 december en het is toch Geert die kookt: er ligt een nieuwe verrassing te wachten voor de 15de reactie, en voor de 30ste, en voor de 45ste, en de ..... tot we oud worden en ziek worden en dood gaan. (*)
(*) Beroemd citaat uit de werken van Ignas Herman E.
geschreven op 22/11/2007
We zijn 23 november en het getal 235, dat is het aantal keren dat de blog bekeken werd. Na zowat een maand op de blog-wereld is dat veel, ware het niet dat ikzelf ongetwijfeld een flink deel van dat aantal uitmaak. Maar mijn profiel werd 124 keer bekeken en dat is andere kloek, sorry, koek. Ik zie me dagelijks in de spiegel, dus mijn profiel ken ik, daarvoor moet ik geen blog hebben. Maar dat betekent wel dat een goeie 100 mensen geïnteresseerd zijn in Yserttout of in opabus, of in alletwee en daar verschiet ik van. Ik heb trouwens mijn profiel veranderd: ik sta nu naast boer Christian en we zijn geflankeerd door 2 Charolais-koeien. Wil ik de volgende keer de koeien in vooraanzicht laten zien en Christian en ik met ons bloot gat? Ondanks het feit dat dit het aantal bezoekers van mijn blog gigantisch de hoogte in zou jagen denk ik niet dat dit de nominatie verdient van het (de?) idee van het jaar.
Wat wel vreselijk ontgoochelend is: geen reacties, jawel, gewone mailtjes met positieve reacties, dat wel, maar op de blog zelf: niets, rien, de ballen, nada, noppes! Misschien pak ik het slecht aan, moet ik de mensen meer uit hun kot lokken. Awel, luistert: “de eerste die publiekelijk reageert krijgt een surprise." Wat dat wordt weet ik nog niet, dat moet nog met Geert besproken worden en dat is voor later want Geert is nu vorming gaan geven, in Schaffen, voor de CM, iets over dementie, denk ik.
Het leuke aan zo’n blog is dat je er altijd opnieuw kunt aan veranderen. Bijvoorbeeld een woord verbeteren, of een zin veranderen… word ik ‘s nachts wakker met een idee? Oeps, bed uit en computer aan. Een echte schrijver kan dat niet. Eens hun boek gedrukt zitten ze vast. Veronderstel dat pakweg Herman Brusselmans ‘s nachts wakker wordt met een geweldig probleem, dat hij nog iets wil veranderen: kan niet, alleen een volledig nieuw boek schrijven, dat kan wel. Daarom dat ze steeds nieuwe boeken moeten uitgeven. Gelukkig schrijft Herman Brusselmans goed en geeft ieder boek me een uiterst bevredigend leesgenoegen. Zal ik ooit Herman mogen zeggen?
Bon, genoeg gezeverd, er moet gewerkt worden: laten we er twee nieuwe werken tegenaan gooien.
Er is in Le Cassan parkeer- of kampeerruimte nodig en er moet hout gestapeld worden.
Voor het huis kan dat niet, daar is maar een klein koertje. Maar stel dat bv. F&L toekomen, wat ze trouwens mailsgewijze bevestigd hebben, dan moeten die toch hun auto kwijtraken, en als ze graag een eigen parkeerplaats hebben met een bordje ervoor, dan moet de groententuin of de wei aangepast worden. Tiens, van L&K heb ik nog geen reactie gehad, ze zijn nochtans geweldig goed in het stapelen van hout. Soit, geen probleem, ik ga alvast de nummerplaat van F&L vragen om hun bordje te maken.
Alles wat nodig kan zijn zal beschikbaar zijn: handzaag, tafelzaag, boomzaag, kettingzaag en met dank aan boer Roger, ah, qu’on s’aime bien: een tractor met een bak eraan, une pelle mècanique.
Met die tractor rij ik zelf, ik ben tenslotte beroepschauffeur met lijnbuservaring en hout zagen laat ik liever aan anderen over, ik heb mijn 10 vingers nodig om artikels in te tikken. En ter attentie van B&H (dat zijn Bart en Hilke), die planken zitten vol nagels en die moet ge niet inkloppen, die moet ge uittrekken!
Als ge op de “route naar Yserttout” sterk inzoomt, dan kunt ge de boerderij van Roger zien staan. Niet die met dat rood dak, die is van Christian en het kleine gebouw juist op het kruispunt, dat is van ons, dat is Yserttout. Alhoewel, 19 m op 7 m, zo klein is dat nu ook weer niet, seffens vindt men het de moeite niet meer om te komen werken.
Nog een Lijntoemaatje.
De Lijn vraagt ons om eerst oogkontakt te maken, dan te begroeten en tenslotte het vervoerbewijs te controleren. Ik vind dat prima en ik sta daar achter. Soms vergis ik me nog eens in de juiste volgorde en als mijn werk begint om 4u30 en eindigt om 14u45, wel dan moet ik toegeven dat mijn oogkontakt het laatste werkuur eerder lodderig wordt.
Persoonlijk zou ik de opstapfase nog beter willen afwerken: oogkontakt maken, begroeten, vervoerbewijs bekijken en tenslotte handen schudden. Natuurlijk alleen als de reiziger een geldig ticket heeft, of een abonnement , of een 65 plusser is, of een controleur is, of ...
En een PS-ke: misschien, héél misschien zal Peter efkens, héél efkens met die tractor mogen rijden.
Opabus
geschreven op 4/11/2007
Op die korte tijd dat het blog Ysserttout bestaat hebben we al verrassend veel inschrijvingen. Dat zijn dus mensen die zeggen dat ze er eventueel zullen over nadenken of die periode zou kunnen passen in hun vakantieplanning en het werk voor hen wel geschikt zou kunnen zijn.
Twee mensen verdienen terecht een speciale vermelding en maken nu reeds kans op een van de vele grote prijzen. Ik verklaar me nader: Hilke en Bart (zoon en schoondochter van ons Geert) hebben zich een huis aangeschaft. Een oefen-huis als het ware, om er alle-doe-het-zelftechnieken aan te leren. Speciaal om in Le Cassan hun vaardigheden te demonstreren, zijn ze dat huis nu volledig aan het verbouwen. Misschien kunnen ze tegen juli volgend jaar al aangesteld worden als werfleiders? Elektriciteit, afvoer, toevoer, isolatie, toilet, verwarming, dakgoten, koud water, zelf warm water ... niets stelt hen nog voor problemen. En bijna vergeet ik nog Hilke’s specialteit: het proper, stofvrij en ordentelijk houden van de werf! Willen de lezers bewijzen zien? Ten overvloede te bekijken op hun werkverslag
Geert en ikzelf zien met vertrouwen de toekomst tegemoet.
geschreven op 2/11/2007
We hebben nog geen mascotte voor Yserttout. Ik dacht aan Mara, mijn eerste (en voorlopig enige) kleindochter. Veel kan ze er niet doen, tenzij iedereen afleiden en de boel in ‘t honderd laten lopen. Alhoewel, voor een beetje ontspanning kan ze al zorgen. Ze staat nu, met haar 8 maanden, al recht op haar vaders hand, ik verwacht dat dit binnenkort een handstand op haar vaders hoofd wordt. Wat veel verklaart is dat haar pa, Jan Willem, circusartiest is en haar ma, Vanessa, occasioneel en hobbygewijs wat aan trapezezwieren doet.
Over hun circusactiviteiten kunt ge meer vinden op hun website:Les p’tits bras.
geschreven op 31/10/2007
Boer Poutrel (mijn vriend Karel van Le Ran) beweert dat de ammoniak die vrijkomt uit de varkensmest overal intrekt en zorgt voor een blijvende penetrante geur.
Boer Poutrel heeft gelijk.
Vandaar Yserttout-werk nummer één: het uitgraven van de met mest doortrokken beton in de varkenskoten.
Voorwaar, een eenvoudig werkje.
Er is aangekoekte, of aangestampte aarde, nodig: een degelijke spade.
Er is een soort betonachtige bodembedekking, nodig: hamer en beitel.
En er is rotsachtige grond, nodig: iet of wat dynamiet
Voor het gebruik van dynamiet kan ik de mensen gerustellen. Het varken is onlangs geslacht en ligt nu vakkundig in mootjes verdeeld en gediepvriesd naast het kalf Ashleentje. (*)
Wat Karel, boer Poutrel betreft is enige voorzichtigheid aangewezen. Karel is namelijk doof, of toch een beetje, aan zijn rechteroor. Dus als ge het laat ontploffen, doe het dan links van hem. Dan hoort hij tenminste wat er gebeurt. En wees gerust, Karel is een sterke, stevige kerel, van geen klein geruchtje vervaart.
geschreven op 28/10/2007
Ik citeer even Marleen van La Garrigue: “Terwijl hij reizigers met de bus vervoert droomt en fantaseert hij van zijn huizeke in de Aveyron.”
Marleen, als ik met mijn bus rij, dan vervul ik mijn taak zoals het hoort. Ik rij anticiperend, defensief, alert, attent en zeer klantvriendelijk, kortom, ik bestuur mijn bus met een zelden geziene perfectie!
En ik moet toegeven, ik geniet van de bewonderende blikken als ik fier achter mijn stuur gezeten, in mijn toch wel mooie De Lijn Uniform, de opstappende reizigers minzaam toeknik.
En met het uniform, mensen, daar wordt niet mee gespot: zwarte schoenen met donkerblauwe sokken, een donkerblauwe broek in een door De Lijn goedgekeurde stof , een wit hemd met een grijs-gestreepte das en vooral, belangrijk, zeer belangrijk: de passanten. Een op de linkerschouder, een op de rechterschouder. Alleen links of alleen rechts zou wat belachelijk zijn. Voor niet kenners: passanten dat zijn epauletten, of schouderopvulstukken. Ge weet wel, met van die gouden strepen op. Ik heb 2 gouden strepen, dat is het minimum. Het maximum weet ik niet, misschien wel zestien?
Onlangs nog kregen we een schrijven, een dienstbevel van een diensthoofd betreffende het dragen van Het Uniform. Dat ten alle tijde Het Uniform moet gedragen worden, dat er geen uitzonderingen worden toegelaten en dat de boetes en de controles veelvuldig en streng zullen zijn. Ook een doktersvoorschrift zal geen reden meer zijn om af te wijken van het correcte Uniform. (Laps, daar gaat mijn doktersbriefje wegens allergie voor uniformen ...)
En voor wie nog mocht twijfelen aan het nut van het dragen van Het Uniform stond ook nog in dat dienstbevel vermeld dat “Het Uniform bijdraagt tot het herkenbaar maken van de chauffeur tussen de reizigers”. En ik die alijd dacht dat een buschauffeur vooral herkenbaar is omdat hij aan het stuur van zijn bus zit! Tja ... ik vermoed dat de schrijver van dit dienstbevel wel zestien gouden strepen heeft.
Eerlijkheid gebiedt me te zeggen dat de chauffeurs tussen 15 mei en 15 september de lange broek, het hemd, de das en de passanten mogen vervangen door een donkerblauwe bermuda en een witte De Lijn polo (bovenste knopje mag openstaan). Wel blijven de zwarte schoenen en de donkere sokken verplicht. Van mijn lange leven niet!!
Want van 15 mei tot 15 september is het warm in België, heet zelfs. Goed dat er nog zekerheden in het leven van een buschauffeur zijn. En ondertussen maar uitkijken naar controleurs, die verborgen achter bushaltes, of achter bomen en hagen, ijverig de geringste afwijking op het dragen van Het Uniform rapporteren. In 2006 werden 455 buschauffeurs betrapt op een overtreding van de uniformvoorschriften.Waarvan een opvallend hoog aantal in Vlaams-Brabant, namelijk 159 overtredingen. Schande!
Een andere zekerheid is dat ik uitkijk naar de verhuis naar Le Cassan om daar eventueel nog wat uit te bollen op de Zuidfranse wegen. Maar ons Geert moet ook volgen, en ons Geert volgt alleen maar als daar een proper, net en voldoende ingericht huizeken op haar wacht.
Vandaar die blog, zodat men zich kan inschrijven in functie van godsvrucht en vermogen, van vrije tijd en van doe-het-zelver capaciteiten. Dus gelieve jullie ten gepaste tijde aan te melden in rijen van drie en in een zuiders werkuniform. (bovenste knopje mag openstaan).
PS: Een chauffeur van De Lijn wordt geacht geen kontakt te hebben met de pers. Niet met de geschreven pers, niet met de gesproken pers, zelfs niet met de buitenlandse pers. Het kan toch niet dat ik die regels zou overtreden? Allé, die zes of zeven lezers van mijn blog vertegenwoordigen toch niet de verzamelde internationale pers?
En als men op Google “yserttout” intikt komt men naadloos terecht in mijn schrijfsels. Ik ga straks eens bij Google “De Lijn” intikken....
Wacht, verder lezen, want heet van de naald, de kers op de lijntaart!
Er hangt een nieuw Lijnbericht aan het prikbord. De Lijn heeft namelijk jobstudenten aangenomen die anoniem zullen meereizen en de chauffeurs zullen kontroleren op, en ik citeer:
het correcte oogkontakt bij opstappende reizigers (pardon?)
niet roken (OK)
niet met de GSM bellen (pech)
niet lezen, ook niet voor de rode lichten (gedeeltelijk pech)
niet naar muziek luisteren (pech)
geen reizigers laten gratis opstappen (bwah ..)
Het zal er nog aan mankeren dat een snotjong met jeugdpukkels een zestig-plusser zal zeggen hoe hij oogkontakt moet maken! Ik heb vandaag nog mensen teruggeroepen: “élà, ja, gij daar, kom ne keer were!” “Uw abonnement? Nee menneke, uw oogkontakt!”
En ge moet in Brussel maar eens flink oogkontakt maken als er een knappe Marokkaanse opstapt! Ge zult maar pech hebben dat haar man of vriend mee opstapt!
Enfin, oogkontakt must sein und befehl ist befehl, en ik zou er nog iets heel lelijks kunnen aan toevoegen ... maar schrijven lucht op en ik kan er weer een tijdje tegen.
geschreven op 27/10/2007
Aangezien ondergetekende familiale banden heeft met de isolatiefirma “Boomer” wordt het een energiezuinig boerderijtje. Leuke uitdaging voor Boomer: in de zomer tot 40° en meer, in de winter soms heel koud, -15° is niet uitzonderlijk. In september hebben Pieter en Raf, te vinden op Boomer bvba de voorbereidende werken gestart, volgend jaar volgt de rest. In ieder geval, de toekomstige verwarmingskosten van Yserttout zullen op deze blog gepubliceerd worden. Boomer is verwittigd!
geschreven op 26/10/2007
In maart 2007 is het dak is hersteld (heropgebouwd) door een aannemer van de streek, gespecialiseerd in het restaureren van dergelijke daken. Een deel van het gebinte werd vernieuwd en de originele “lauzes” werden gerecupereerd. Prachtig werk! Voor meer info over dakbedekking met lauzes ga naar:Les lauzes
geschreven op 24/10/2007
Voor al de enthousiaste mensen die uitkijken naar de werkvakantie in Yserttout, graag wat uitleg.
Yserttout is een boerderijtje in Le Cassan. Dat is een gehucht van Lescure Jaoul, postnummer 12440. Te vinden in de Aveyron, zo’n 970 km van Leuven. In le Cassan wonen momenteel 4 mensen: Christian (43 jaar) met zijn groottante Tatti (94 jaar) en Roger (57 jaar) met zijn moeder Lea (82 jaar). En ze hebben samen iets van 60 koeien, voor de kenners: prachtige Charolais-rasbeesten! Het boerderijtje heeft 40 jaar leeggestaan, de laatste bewoonster was tante Tatti. De naam Yserttout komt van de vorige eigenaar (boer Christian). Toen we hem vroegen waarvoor het gebouw en de aanpalende grond dienden zei hij:"Y sert tout” En dus werd het Yserttout, voila.
Geert en ondergetekende zullen in Le Cassan zijn van 22 juli tot 14 augustus 2008. Andere perioden zijn ook mogelijk want onze twee fantastische buren, boer Christian en boer Roger, en mijn vriend Karel, van La Garrigue in Le Ran, maken het mogelijk om er te werken en te logeren zonder dat wij er moeten zijn of ons zorgen zouden moeten maken.
Geert zal zorgen voor lekker eten, ikzelf voor voldoende drank. Er is plaats voor een tent of een caravan, voor wie meer luxe wil kunnen we uitkijken naar logement in de buurt, bijvoorbeeld in La Garrigue op zo’n 17 km, info vindt je op La Garrigue. Marleen kookt er ook lekker en is een groooot zwembad!
Iedere maand zullen er op de blog van Yserttout een paar uit te voeren werken gepubliceerd worden. Kwestie dat men zich zowel mentaal als fysisch kan voorbereiden op wat komen gaat. Plaats dus http://yserttout.blogspot.com bij je favorieten en geniet op voorhand van het werk dat er op jullie ligt te wachten.
Een mogelijkheid is bv. 1 dag werken, 1 dag toerist spelen, maar alle andere ideeën zijn welkom. Aperitief s’avonds? Aperitief s’middags? Aperitief s’middags en s’avonds? En tussendoor iets drinken tegen de dorst?
Er komt na de werkvakantie natuurlijk een grondige evaluatie. Wie heeft zich het meest in het zweet gewerkt? Wie had de origineelste ideeën? Wie heeft werkbesparende en wijze raad gegeven? Wie heeft door te veel te zuipen zijn logement ondergekotst? Enzovoort, enzoverder.
En in functie van die evaluatie zullen er prijzen uitgedeeld worden. Van eenvoudige prijzen zoals daar zijn een extra rantsoen drank, een paar asperines, een uurtje extra rust, suiker bij de koffie, ... tot grote prijzen, bv. een gratis etentje in de gastentafel “De Begeerte” te Leefdaal. Maar de superprijs, de euromillions-hoofdprijs, de reden waarom men zich in ‘t zweet werkt is, en verschiet niet: een week gratis verblijf in Yserttout en dat tijdens de vakantiemaanden! Dus hoe harder er gewerkt wordt, hoe rapper het huis comfortabel bewoonbaar zal zijn en hoe leuker een week gratis verblijven zal zijn! Ikzelf zie me al luieren met een fris wit wijntje .... bij zonsondergang ... aan het zwembad ...
Alhoewel, water… dat is voor de vissen, wegens te nat.